Het was u vast al eens opgevallen: Herman Brusselmans fakkelt in Revu wekelijks ‘overschatte personen uit de wereldgeschiedenis’ tot op de sokken af. Zijn rubriek is een cocktail van absurdisme, sarcasme en overdrijving. Een explosieve cocktail, gezien de reacties van feministische twitteraars, die dankzij GeenStijl-gate weer even relevant zijn.

Brusselmans beging een doodzonde: hij waagde het om Karin Bloemen ‘dik’ te noemen. ‘Zo dik dat ze, op haar linkerzij liggend, de Afsluitdijk zou kunnen vervangen.’ Ik kan u zeggen: dat is wel de mildste kwalificatie die de laatste tijd uit zijn pen is gekomen. Alleen: hij is een man en zij een vrouw, en als man moet je het anno 2017 niet in je hoofd halen om iets onvriendelijks over de andere sekse te zeggen. Doe je dat wel, dan ben je een seksist en krijg je een stel zure zeikwijven achter je aan.

Is het makkelijk om iemand op uiterlijke kenmerken af te kraken? Natuurlijk. Is het grappig om een karikatuur van een zwaarlijvig persoon te maken? Misschien niet. Of wel, bepaal dat vooral zelf. Maar hou je verongelijkte moralisme voor je. Want het gaat er niet om dat Bloemen een vrouw is. Ze wordt dik genoemd omdat ze dik is. Niet als vrouw, maar als mens. Niet alle onaardige dingen die tegen vrouwen gezegd worden, al dan niet grappig bedoeld, zijn seksistisch van aard. Dus maak je niet dik.