De nieuwe smartphone-game van Nintendo is in korte tijd zo’n krankzinnige hype geworden, dat het ons een goed idee leek om de game maar eens te gaan spelen voor een objectieve recensie.

Pokémon Go verandert jouw directe omgeving in een spelletje. Je opent de app op je telefoon, ziet jezelf in een soort Google Maps en terwijl je door je eigen straat rondloopt, het park, een bos of op het strand, duiken er constant Pokémon op. Dankzij augmented reality zie je ze ook echt rondlopen in de werkelijkheid. Afhankelijk van je omgeving, zie je andere types Pokémon. Best grappig!

Lees ook: 8 feiten rond de kranzinnige hype Pokémon Go

Vanzelfsprekend is het idee dat je de monstertjes vangt met een Pokéball een vrij simpele handeling. Raken je balletjes op, dan kun je ze aanvullen door naar je lokale apotheek of een standbeeld te lopen, die in de app omgetoverd is tot PokéStop. Hoe meer beestjes je vangt, hoe sterker je ze kunt maken. Je sluit je aan bij een van drie teams en trekt vervolgens naar speciale plekken, zoals een monument op het dorpsplein, die je kunt ‘veroveren’.

Helaas blijkt het spel al snel een vrij eentonig karwei en ben je er alleen ‘goed’ in als je er heel veel tijd in investeert. Daarnaast heeft het nogal wat bugs (geen beestjes, maar technische mankementen) en slurpt het je smartphone in no time leeg. Het is weliswaar gratis, maar probeert je wel te verleiden tot aankopen met echt geld, tot wel honderd euro. Het idee is leuk, de uitwerking zeer matig.

★★