Zijn filmbewerkingen van videogames de volgende hype in Hollywood? De ambitie is er, maar tot nu toe flopte iedere gameverfilming.

Volgens sommigen hadden we de superhelden nodig als een stukje rouwverwerking na de aanslagen van 11 september 2001. Anderen denken dat de invasie van Spider-Man, Batman, Iron Man, X-Men, Superman en consorten uitbrak omdat Hollywood pas rond de eeuwwisseling de technische middelen had om de films te maken. Hoe dan ook, de afgelopen twee decennia waren gemaskerde mannen in maillots de grote hype in de bioscoop. Eentje waar we overigens nog lang niet vanaf zijn. Maar in de coulissen staat een nieuwe trend te trappelen voor z’n doorbraak: videogames hopen op hetzelfde succes als de stripboeken.

Lees ook: It’s-a me, Mario… Nintendo probeert het weer in filmwereld

Vanaf deze week draait Warcraft: The Beginning in Nederlandse bioscopen. Het is een fantasy epos dat regisseur Duncan Jones (Moon, Source Code) omschrijft als een combinatie van The Lord of the Rings en Avatar. Maar de wereld en de personages komen rechtstreeks uit de Warcraft-games van Blizzard Entertainment, waarvan iedereen World of Warcraft wel kent. En dat is niet de enige gameverfilming van 2016. Eerder dit jaar gingen de animatiefilms Ratchet and Clanken The Angry Birds Movie in première. En rond de feestdagen kunnen we naar de eerste Assassin’s Creed-film, met Michael Fassbender in de hoofdrol.

Geflopt

Wat de game-industrie betreft is dit pas het begin. De reeks aangekondigde gameverfilmingen dijt iedere maand verder uit. Niks dat de opmars van de videogame movies tegen kan houden! Nou ja, behalve dan dit: tot de dag van vandaag zijn alle gameverfilmingen stuk voor stuk geflopt. Er waren wel wat commerciële succesjes. Lara Croft: Tomb Raider uit 2001 met Angelina Jolie in de hoofdrol bijvoorbeeld. De vijf Resident Evil-films, gebaseerd op de games van Capcom, trokken ook veel bezoekers. En dan was er nog Prince of Persia: The Sands of Time (2010), van de makers van Pirates of the Caribbean. Recensenten waren helaas minder onder de indruk van de blockbusters. Tot nu toe is er geen enkele gameverfilming gemaakt die een voldoende haalt op recensiewebsites Rotten Tomatoes en Metacritic. Alleen Mortal Kombat (1995) hikt op die laatste site tegen een zesje aan.

Het is niet dat het nooit serieus geprobeerd is. In 1993 ging het voor het eerst mis, toen misschien wel het beroemdste gamepersonage het spits afbeet in Super Mario Bros. De film kostte 48 miljoen dollar en leverde nog niet eens de helft op. Street Fighter(1994) met Jean-Claude Van Damme maakte wel winst, maar dat ligt achteraf misschien aan de wansmaak die de jaren negentig beheerste. En wie kan zeggen dat hij Doom(2005), Far Cry (2008) of Max Payne (2008) heeft gezien? Alle drie zijn enorme gamefranchises met een miljoenenpubliek, maar maakten het niet waar op het grote scherm.

Eigenlijk is er maar één man die altijd heilig geloofde in het succes van gameverfilmingen: de Duitse regisseur Uwe Boll (50). Hij bracht onder andere House of the Dead, Alone in the Dark en Postal naar de bioscoop. Dat ging keer op keer mis; de films worden gerekend tot de slechtste ooit gemaakt. Zijn reputatie als faalhaas is legendarisch. Hij won al de oeuvreprijs van de Razzies, de jaarlijkse ‘Oscars’ voor slechtste films. Toen Blizzard Entertainment de rechten van Warcraft op de markt zette, meldde Boll zich meteen. ‘We verkopen de rechten niet aan jou, zeker niet aan jou,’ was de reactie.

Ziedend

Critici zet Boll weg als retards die de liefde met hun eigen moeder bedrijven. Hij wijt de destructieve recensies aan het publiek. ‘Fans worden per definitie ziedend. En ik begrijp dat een fan van een videogame zijn eigen ideeën heeft over wat een goede filmbewerking is en wat een slechte,’ opperde hij eens. Een interessant puntje dat Boll al weleens maakte is dat de gamestudio’s zich te weinig bemoeien met de filmproducties. ‘Ze verkopen de licentie en vergeten dat het bestaat,’ meent hij. Dat laatste gaan gamestudio’s vanaf nu helemaal anders doen. Grote videogameproducenten hebben inmiddels hun eigen filmdivisies opgezet, net als stripboekgiganten Marvel en DC Comics eerder al deden.

‘Marvel werd Marvel toen ze hun eigen films gingen maken. Om een geslaagde gameverfilming te produceren heb je allereerst filmmakers nodig die van de game houden, die fan zijn. En je moet de makers en uitgevers erbij betrekken,’ zegt ook Adrian Askarieh, producent van de twee geflopte Hitman-verfilmingen. Nu zet hij zijn tanden in Deus Ex en dit keer is de bijbehorende gamestudio er ‘van A tot Z’ bij betrokken. ‘Ik geloof echt dat gamefilms de nieuwe comic book-films zijn,’ aldus Askarieh.

Een gamestudio die nu al met een eigen filmdivisie in de weer is, is Ubisoft. De makers van Assassin’s Creed hopen de ban op gameverfilmingen te verbreken. ‘Er is altijd een eerste, net als met de bewerking van stripboeken. Assassin’s Creed zal die ene zijn, let maar op,’ twitterde Azaïzia Aymar, head of content van de franchise. Er is nu al sprake van twee vervolgen op de eerste Assassin’s Creed-film. Daarnaast kondigde Ubisoft ook al de verfilming aan van titels als Watch Dogs en Tom Clancy’s Splinter Cell.

Maar is zelf meedoen echt die garantie voor succes? Shigeru Miyamoto ziet meer obstakels op de weg. De 63-jarige topman van Nintendo is de bedenker van wereldberoemde titels als Mario, Donkey Kong en The Legend of Zelda. ‘Omdat games en films er uitzien als vergelijkbare media, verwachten mensen vanzelfsprekend dat we onze games zullen verfilmen,’ zei hij onlangs in zakenblad Fortune. Toch slaat Nintendo veel aanbiedingen van filmproducenten af. ‘Ik heb altijd het idee gehad dat videogames als interactief medium, en films als passief medium toch heel anders zijn.’

Te mager verhaal

Waar je een stripboek nog als een storyboard kunt zien, zijn games tegenwoordig interactieve avonturen waar fans tientallen tot honderden uren in kunnen verdwalen. Qua budget en omzet doen grote titels niet onder voor Hollywood-blockbusters. Komen films überhaupt wel tot hun recht in een verfilming van anderhalf tot drie uur? ‘Het is onmogelijk,’ zegt acteur Robert Kazinsky (Pacific Rim, True Blood). Hij is zelf een fervent gamer en speelt een orc in de Warcraft-film. ‘Je stopt honderden uren in een game. Je houdt van de personages omdat je ontzettend lang met ze optrekt en hun verhaal leert kennen. Daar heb je alle tijd voor.’

Hij oppert dat gamebewerkingen daarom beter tot hun recht zullen komen als serie. En dat lijkt het grootste probleem voor games op het witte doek. In spellen als The Witcher, Mass Effect en Fallout bepaalt de gamer wie leeft, wie sterft, hoe het epos afloopt en met wie het hoofdpersonage (de gamer zelf) een relatie aangaat. Die eigen beleving overstijgt iedere filmervaring. Daarom volgt vrijwel geen enkele filmbewerking het verhaal van een originele game, maar ligt de focus op een nog niet eerder verteld hoofdstuk of tijdperk uit de franchise. Toch is een te mager verhaal een klap in het gezicht van de fans. Overlaad je daarentegen de bioscoopbezoeker met het ene detail na de andere verwijzing, dan is het eindresultaat onnavolgbaar voor de niet-gamende kijker.

Ondanks deze kritische kanttekeningen gaat de game-industrie nu toch echt de sprong wagen. Grote acteurs zijn gestrikt en tientallen titels zijn inmiddels aangekondigd. VanMinecraft tot Metal Gear Solid en het van zichzelf al filmische Uncharted tot een – ja, echt – Tetris-trilogie. Ondertussen is Netflix in de weer met een The Legend of Zelda-serie. Maar experts zijn het erover eens dat veel afhangt van het succes van de films die dit jaar zullen verschijnen: Warcraft: The Beginning en Assassin’s Creed. Maken zij de weg vrij voor een nieuwe hype?

Onze recensie van Warcraft lees je in het nummer dat morgen in de winkel verschijnt en hier al te bestellen is.