‘Gun Desray en andere kankerpatiënten toch hun eigen verhaal om zich aan op te trekken’

Columnist Jerry Hormone over zangeres Desray die borstkanker overwon, en de stront die ze daarna op Twitter over zich heen kreeg.


Zangeres Desray (van de 90’s eurodance-hitmachine 2 Brothers on the 4th Floor) had borstkanker en nu niet meer. Superfijn voor d’r. Ik ken ’r verder niet, misschien is het wel een verschrikkelijk kutwijf, maar ik geloof niet dat ze behoort tot het selecte gezelschap van mensen die je terminale k toewenst. De Adolf Hitlers en Marc Dutroux’s van deze wereld, zeg maar.

Het Noordhollands Dagblad had de scoop, nam een interview met het 50-jarige goudkeeltje af en slingerde het goede nieuws op Twitter: ‘Zangeres Desray vertelt openhartig over haar strijd tegen borstkanker. ‘Ik dacht alleen: ik wil niet dood. Mijn positiviteit heeft de ziekte verslagen.’’

Ik heb Twitter al eens de Ganges van het vrije woord genoemd. Iedere net-niet-analfabeet met een internetverbinding kan ongehinderd de ongeïnformeerde onderbuik laten leeglopen in die nimmer aflatende stroom van walgelijk hatelijke mening-diarree. En ja hoor, de recentelijk van een levensbedreigende ziekte genezen zangeres kreeg een karrenvracht stront-in-maximaal-280-tekens over zich heen, daar valt geen wc-papier tegenop te hamsteren.

Waar had Desray deze kaklawine aan verdiend? Welnu, woorden als ‘strijd’ en ‘verslagen’ zouden suggereren dat je je kanker overleeft, zolang je maar hard genoeg je best doet. Je hoort die oorlogsretoriek wel vaker als het over kanker gaat. De ziekte is een ‘vijand’ die je kunt ‘overwinnen’ door ‘sterk’/‘dapper’/‘moedig’ te zijn.

Maar what about de mensen die niet ‘zegevierden’ over hun kanker en eraan onderdoor gingen? Iedereen kent wel iemand. Een grootouder, ouder, broer, zus, vage kennis, beste vriend, partner of kind. Waren die soms ‘slap’ en ‘laf’? Hebben ze er maar zo’n beetje met de pet naar lopen gooien? Ontbrak het ze aan de ‘positiviteit’ waar Desray naar eigen zeggen wel mee gezegend is?

Natuurlijk niet en natuurlijk vindt Desray dat ook niet. Of je die klotekanker wel of niet te boven komt, hangt maar net af van welk soort je hebt en waar in je lijf en of de dames en heren doktoren er iets mee kunnen. Eigenlijk is het vooral een kwestie van dikke mazzel of vette pech en heb je weinig tot geen invloed op de afloop.

Maar helpt die gedachte je als je moet kotsen van de chemo en nog minstens vijf kuren voor de boeg hebt? Als je haar uitvalt? Als je pijn hebt en bang bent? Biedt het verhaal dat je vecht tegen die kanker – klappen incasseert, maar ook klappen uitdeelt – niet veel meer hoop en houvast dan de keiharde realiteit dat alles slechts een slinger aan het rad van vrouwe Fortuna is? En wil je echt iemand die hoop en houvast ontzeggen, omdat het bij iemand die jij kende allemaal niet mocht baten? Gun Desray en andere kankerpatiënten toch hun eigen verhaal om zich aan op te trekken. Het is immers beter met hoop te sterven dan met wanhoop te leven.

Laatste nieuws