Column

Foute Jongens: 'Heer Hoogland. Ondanks dit alles hou ik van u, hoewel ik u nooit zou doen'

Na het zien van de Netflix-serie over Charlie Sheen wil de ene Foute Jongen weleens weten van de andere Foute Jongen of hij ook iets van schaamte voelt over diens exorbitante drugsgebruik.

Column Foute Jongens

Rob: Laatst dacht ik aan u, mijnheer Van Amerongen. Omdat het beter is voor mijn gemoedsrust probeer ik dat weliswaar zoveel mogelijk te beperken, maar het is logisch: wij schreven samen drie Grote Foute Jongensboeken en ook dankzij deze rubriek zijn wij een soort Siamese tweeling geworden.

Bovendien kan ik enige gevoelens van genegenheid jegens u niet ontkennen. De geschiedenis heeft bewezen dat ik zelfs bereid ben te accepteren dat incidenten waarbij stimulerende middelen van de meest uiteenlopende soorten de hoofdrol spelen onvermijdelijk zijn. Ach, het is Tuurtje, denk ik dan vaak. Soms wil ik mij zelfs over u ontfermen.

Uw opmerkelijke alcohol- en drugsgebruik – het is hollen of stilstaan – is ook de reden dat ik aan u dacht. Ik keek op Netflix naar de tweedelige documentaire aka Charlie Sheen, waarin de kijker een blik op het turbulente leven van deze alweer 60-jarige acteur wordt gegund (dat hij die leeftijd heeft bereikt wordt door zijn naasten een godswonder genoemd). Charlie is nu zeven jaar van de troep af en belicht zelf op openhartige wijze de ups en downs van zijn carrière en persoonlijke strijd.

De zoon van Martin Sheen, die hem ondanks alles nooit in de steek heeft gelaten, laat niets van zijn manische gedrag onbesproken. Indien onder invloed, was niets te gek voor Carlos Irwin Estevez, zoals Charlie in werkelijkheid heet. 24 uur per dag raasde hij dan door het leven zoals Max Verstappen over een F1-circuit, waarbij hij zich soms liet vergezellen door zijn collega Nicolas Cage, ook al zo’n beest. Charlies roemruchte ontslag uit de populaire serie Two and a Half Men komt uiteraard ook aan bod, net als de seksorgies waaraan hij deelnam. Hij deed het met vrouwen én met mannen. Het leverde hem een hiv-diagnose op die hij openbaar maakte toen hij werd afgeperst.

Charlie Sheen vertelt het allemaal schaamteloos. En toch voelt hij schaamte. Herkent u dat, mijnheer Van Amerongen?

Let wel, er is hier bepaald geen geheelonthouder aan het woord. Laat dat de Nieuwe Revu-lezer duidelijk zijn. Ik spuug er niet in, zoals dat heet. Mijn drugsgebruik beperkt zich echter tot twee joints, in totaal wel te verstaan, waarvan eentje slechts voor de helft. Al die andere rotzooi heb ik nooit aangeraakt, in tegenstelling tot u.

In meerdere journalistieke bijdragen heeft u op fraaie wijze – enig literair talent kan u niet worden ontzegd – uit de doeken gedaan welke rol het allemaal in uw leven speelde. Al heeft u één verhaal nog niet verteld, namelijk dat van ons bezoek, in het gezelschap van Komrij-biograaf Arie Pos, aan Margriet Leemhuis, de ambassadeur van Nederland in Portugal.

In haar ambtswoning in Lissabon boden wij mevrouw Leemhuis het eerste exemplaar van onze onvolprezen Grote Straathondenbijbel aan, die zij buitengewoon hartelijk in ontvangst nam. Wel maakten Hare Excellentie en haar sympathieke echtgenoot daarbij één fout: zij lieten een fles Mescal (40 procent alcohol) onbeheerd op tafel staan. Wat er toen gebeurde laat ik aan u, mijnheer Shee... eeehh... Van Amerongen.

Arthur: Kijk, ouwe, als we zo beginnen... Laat ik vooropstellen dat ik in mijn leven minder kapotjes heb gebruikt dan jij joints hebt gerookt. Niet uit principe of zo, hoor – ik ben niet zoals de medemens in donker Afrika die de oudste beweging in de wereld bij voorkeur ‘skin to skin’ uitvoert – maar ik heb een ernstige vorm van latexallergie.

Mede daarom heb ik kloofjes in mijn tedere schrijvershandjes omdat ik A. geen handschoenen kan dragen tijdens het afwassen en B. weiger peperdure Dubro te gebruiken. Desalniettemin heb ik ondanks die allergie bij mijn weten nooit dat kwaaltje – dat begin jaren tachtig nog heel schamperend ‘gay cancer’ werd genoemd – van good old Charlie opgelopen. En ik kan u verzekeren dat ik nog nooit brokken krek van 10 gram in één haal door mijn pijpje heb gejaagd. Was het maar zo! 

Wat u angstvallig en bewust niet vermeldt, is de afloop van het mezcalbacchanaal – dat overigens de schuld was van David, de innemende echtgenoot van Margie – in de ambtswoning van onze geliefde ambassadrice. Mezcal is trouwens met een z, oom Rob. Ik kan het weten want ik was recentelijk op uitnodiging van de Fundación Malcolm Lowry in Oaxaca (in Mexico, that is), voor een proeverij bij de Mezcolateca, bekend van zijn Wahaka VdM Puebla Espadilla Pechuga Gallina con Mole.

Ik kan u verzekeren dat ik nog nooit brokken krek van 10 gram in één haal door mijn pijpje heb gejaagd. Was het maar zo!

VdM staat voor Vino de Mezcal, een term die verwijst naar de traditionele of ambachtelijke aard van de mezcal, vaak met een focus op unieke productiemethoden of ingrediënten. Pechuga betekent dat het vuurwater gedistilleerd is met een kippenborst en mole, een traditionele Mexicaanse saus op basis van sprinkhanen.

Terwijl David, Arie en mijn persoontje in hoog tempo de bijzondere fles mezcal burgemeester maakten, gaf u zich uit voor Stan Huygens – een personage dat niet eens bestaat – met de valse belofte dat onze ambassadrice de stralende hoofdpersoon zou worden in ‘uw rubriekje’ voor die zaterdag. Wij hadden de terugreis met de laatste trein naar Faro reeds geboekt en die zou rond 18.30 uur vertrekken van station Oriente.

Omdat u verschrikkelijk oud en tevens minder valide bent, kostte het ticket u in de eerste klas 21 euro en 12 cents. Door het vrolijke drinkgelag kwamen wij in tijdnood want de taxi’s weigerden naar de Nederlandse ambassade te komen omdat ‘os Holandeses’ nooit fooi geven. Toen gingen wij maar lopen en raakte u – hobbelend in uw looprek – in grote paniek.

Arie en ik zijn van het type ‘When in Rome, act like the Romans’ en dachten: dan gaan we toch lekker pimpelen in de grote stad L. en een lekker fadootje meepikken, onder het genot van gestoofde kabeljauwogen en sappige varkenskloten op de manier van de Alentejo!? 

U kreeg bijna een hartverzakking omdat uw charmante echtgenote Wil u zou opwachten in Faro, in de wetenschap dat zij geen genoegen zou nemen met uw vaste kutsmoes: het is de schuld van Tuurtje. In de trein terug hebben professor Pos en ik de bar van de restauratiewagen helemaal ledig gezopen, terwijl u mokkend in uw aangepaste stoel zat.

U wilde mij nooit meer zien, zei u, maar toen belde de Nieuwe Revu mij met een vorstelijk voorstel. En de rest is geschiedenis, heer Hoogland. Ondanks dit alles hou ik van u, hoewel ik u nooit zou doen. Al kan zo’n looprek natuurlijk best wel opwindend zijn, qua Kamasutra. Eat that, Charlie Sheen!