In de nazomer van 1975 sluit Queen zich een maand lang op in de Ridge Farm Studio in het Engelse Surrey, waar een ongrijpbaar idee van Freddie Mercury eindelijk vorm krijgt. Al sinds de jaren zestig sleutelt hij aan losse stukjes muziek die hij ooit tot één geheel wil puzzelen. Nu moet het ervan komen: Bohemian Rhapsody.
Met producer Roy Thomas Baker waagt de band zich aan een krankzinnig experiment. Baker, beïnvloed door de ‘wall of sound’ van Phil Spector en de harmonieën van The Beach Boys, mag zich helemaal uitleven. Drie weken lang stapelen ze lagen zang, gitaar en piano tot de banden letterlijk doorschijnen van slijtage. ‘Het was pure waanzin,’ blikt Baker jaren later terug. ‘Eigenlijk was het een grap. Maar wel een heel succesvolle grap.’
Het resultaat, een 6 minuten durende mini-opera, ziet op 31 oktober 1975 het levenslicht. Heel lekker wordt Bohemian Rhapsody niet ontvangen, zacht uitgedrukt. De platenmaatschappij weigert het als single uit te brengen, radiostations verklaren Freddy en co voor gek en ook collega’s voelen er weinig voor. Te lang, veel te vreemd, te theatraal. Elton John tijdens zijn eerste luistersessie: ‘You’re mad! You’ll never get that on the radio.’
Toch draait één rebelse dj, ene Kenny Everett van Capital Radio, het nummer veertien keer in één weekend. Het publiek is verkocht. Drie maanden later is Bohemian Rhapsody al een miljoen keer over de toonbank gevlogen. Ook bij ons slaat ie in als een bom. In de Top 2000 bezet Bohemian Rhapsody al decennialang de eerste plaats. Wat begon als een technische nachtmerrie en een creatieve gok groeide uit tot de duurste single van haar tijd en de meest iconische rockopera ooit. Bohemian Rhapsody veranderde niet alleen Queen, maar ook het gezicht van de popmuziek zelf. Anno 2025 blijft het monument van Freddie Mercury, Brian May, Roger Taylor en John Deacon onnavolgbaar. Een zestal liefhebbers over het fenomeen Bohemian Rhapsody.
Muzikaal meesterverteller Leo Blokhuis (63):
‘Bohemian Rhapsody was mijn brug tussen waar ik vandaan kwam en waar ik naartoe wilde’
‘Ik weet nog goed dat ik als 14-jarig jochie Bohemian Rhapsody voor de eerste keer hoorde op de radio. Dat wonderlijke intro, die a capella-stemmen, als een soort koor. En bij Toppop even later ook de videoclip. Nou ja, videoclip... dat woord bestond amper. Queen had een promofilmpje gemaakt omdat ze dit nummer niet wilden playbacken op tv. Vier gezichten die zwevend in het donker een meerstemmig koor zingen en dan die explosie van geluid en licht. Ademloos zat ik voor de buis. Zoiets had ik nog nooit gezien of gehoord. Het maakte een enorme indruk op me.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2Ft9NX9xZNSRfLBS1762430019.jpg)
Je moet weten, ik ben opgegroeid in een gelovig gezin. Mijn vader was dominee, thuis klonk vooral kerkelijke muziek en klassieke koorwerken. Popmuziek werd bij ons niet echt gewaardeerd. Dat is eigenlijk te zacht uitgedrukt; mijn ouders hadden echt een principieel probleem met het fenomeen popmuziek. Heidense klanken die alleen maar afleiden van de kerk, dat werk. We woonden eerst op de Veluwe, waar alles vrij conservatief was, en later verhuisden we naar Schiedam.
Pas rond mijn twaalfde, dertiende ontdekte ik zelf de popmuziek, via vrienden en mijn oudere broer. Die smokkelde platen het huis in van Simon & Garfunkel, Slade, noem maar op. Ik weet nog dat ik stiekem met hem mee luisterde, of dat ik lp’s naar mijn zolderkamertje bracht om discussie met mijn ouders te vermijden. Het was een beetje een verboden vrucht, popmuziek.
Queen kwam precies op het juiste moment in mijn leven. Het gekke is: hoewel mijn ouders pop verafschuwden, herkende ik in Queen juist dingen uit die klassieke muziek waar ik mee was grootgebracht. Die grote melodieën, die koorharmonieën, dat theatrale bombast. Queen bracht een soort opera in de popwereld. Bohemian Rhapsody voelde voor mij als een popklassiek stuk. Het had de gedragenheid en schoonheid van een stuk van Bach of Mozart, maar dan met elektrische gitaren en drums erin. Queen was als een brug tussen waar ik vandaan kwam en waar ik naartoe ging.
Vanaf Queen ben ik ook andere rock gaan verkennen. Via hen ontdekte ik bijvoorbeeld symfonische rock en progrock. Bands als Genesis, Yes, Pink Floyd. In 1975 wist ik niet dat die bestonden, Queen was mijn opstap. Achteraf gezien heeft Queen dus een cruciale rol gespeeld in mijn muzikale ontwikkeling én mijn latere loopbaan. Freddie Mercury was voor mij de belichaming van een rockster. Freddie had iets magisch. Hij was als performer ongeëvenaard. Hij had álles. Die stem, dat lef, dat charisma. Hij durfde flamboyant te zijn, zich in bizarre kostuums te hullen, het podium compleet op te eisen. Hij stond daar als een vorst, brutaal en vol overgave.
‘Freddie Mercury was voor mij de belichaming van een rockster. Freddie had iets magisch. Hij was als performer ongeëvenaard. Hij had álles’
Niet eens elk liedje van Queen vind ik persoonlijk fantastisch, maar Freddie trok je de muziekwereld in, hij maakte elk optreden tot een belevenis. En nog knap ook: privé schijnt hij best verlegen en terughoudend te zijn geweest, maar op het podium ontpopte hij zich tot een fenomeen. Ik heb hem helaas nooit live kunnen zien. In 1974 traden ze op in Leiden, maar ik was pas twaalf, had nog nooit een concert bezocht en kende Queen ook niet. Ik had ook geen geld voor concerten en ik vond een lp kopen belangrijker.
Achteraf natuurlijk stom; kaartjes kostten een paar tientjes, maar ik kende niemand die naar popconcerten ging, dus ik bleef maar thuis. Achteraf doodzonde natuurlijk. Toen Freddie in 1991 overleed, besefte ik: ik zal Queen nooit meer met hem voorop kunnen meemaken. Daarna heb ik de band nog wel twee keer live gezien, maar ja, zonder Freddie...
Zelf ben ik uiteindelijk van mijn passie mijn werk gaan maken. Ik dook de muziekjournalistiek en popgeschiedenis in. Queen is altijd een rode draad gebleven. Ik kan wel stellen dat ik vandaag de dag nog evenveel van Queen geniet als toen ik veertien was. Queen, met Freddie, is voor mij iets totaal onweerstaanbaars. Dat komt nooit zomaar op de achtergrond voorbij; het grijpt me altijd. Bohemian Rhapsody vooral, dat blijft kippenvel. Vijftig jaar na dato heeft dat nummer niets aan kracht verloren. Sterker, ik ga binnenkort meewerken aan een concert in het Concertgebouw waar we Bohemian Rhapsody in een klassiek jasje opvoeren, ter ere van het jubileum. Dan ben ik weer even dat jochie van veertien dat betoverd raakte door Freddies stem en Brians gitaarsolo.’
Muziekjournalist Harry de Jong (73):
‘Net zo majestueus als Mozart of Beethoven’
‘In 1975 was ik 23 en volop actief in de muziekwereld. Ik schreef voor popbladen en interviewde artiesten links en rechts. Mijn voorkeur lag toen bij de blues en country – ik hield van rootsmuziek, eerlijke gitaren, dat werk. Maar ik had altijd een open oor voor alles wat nieuw en bijzonder was. En geloof me, in 1975 gebeurde er veel. De symfonische rock van bands als Yes en Pink Floyd vierde hoogtij met uitgerekte, bombastische nummers op hun albums. Een jaar later kwam de punk als rauwe reactie daarop. Ik stond er met mijn neus bovenop: het ene moment zat ik in een zaal bij een progrock-act, het volgende moment in een muffe club voor een beginnend punkbandje. Het was een gouden tijd voor een popjournalist.
En toen, ineens, was daar Queen met Bohemian Rhapsody. Een single van bijna 6 minuten, zonder refrein, zonder traditionele opbouw. Van ballad naar opera naar hardrock. Ik weet nog dat ik het voor het eerst hoorde op de radio. Ik werd omver geblazen. Ik ben geen hardcore Queen-fan, nooit geweest, maar dat nummer heeft mij als jonge twintiger echt wakker geschud. Ik voelde weer even diezelfde opwinding die ik als jongetje had toen ik voor het eerst rock-’n-roll hoorde – Little Richard, Jerry Lee Lewis, of de eerste rauwe riffs van The Rolling Stones in ’63.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FDylbMx92S1ybUS1762430147.webp)
Achteraf is Bohemian Rhapsody een cultuurshock in muziekland geweest. Een dergelijk nummer was nooit eerder gemaakt. En eigenlijk is er in de vijftig jaar sindsdien ook nooit meer iets vergelijkbaars uitgebracht. Het valt buiten alle categorieën. Je kunt het niet in een hokje stoppen: het ís gewoon Bohemian Rhapsody, een genre op zichzelf. Dat is waarom het, naar mijn mening, nog steeds zo’n aantrekkingskracht heeft op jong en oud. Het bevat het verleden, heden én de toekomst van de popmuziek in zich.
Vijftig jaar na de release voelt het nummer nog steeds nieuw aan en zingen kinderen die nog niet geboren waren in 1975 het net zo hard mee als wij destijds. Ik vergelijk het weleens met een klassieke compositie. Zoals een stuk van Mozart of Beethoven na eeuwen nog steeds majestueus klinkt, zo is Bohemian Rhapsody ook een evergreen van de rockmuziek. In mijn lange loopbaan als popjournalist heb ik bijna iedereen gesproken. Van Pink Floyd tot Genesis, van The Clash tot U2, van Mick Jagger tot Johnny Cash.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FtyNCiwNzGMiv5m1762430193.jpg)
Ik heb met iconen aan tafel gezeten, in hotelkamers en kleedkamers over de hele wereld. Maar Freddie Mercury, die is me altijd ontglipt. Die man gaf notoriously weinig interviews. Ik heb het vaak genoeg geprobeerd, maar Freddie hield de boot af. Geen enkele Nederlandse journalist heeft hem geloof ik ooit echt een-op-een gesproken, zo zeldzaam was dat. Dat is jammer, want ik had hem graag eens persoonlijk gesproken. Willen vragen waar die ongekende creativiteit en bravoure vandaan kwamen.
Gelukkig heb ik hem wél live meegemaakt. Halverwege de jaren tachtig, op een festival, stond ik vlakbij het podium toen Queen optrad. Hoe Freddie dat publiek bespeelde... fenomenaal. Hij had het publiek in de palm van zijn hand. Hij leefde van de energie van de mensen. Je zag hem groeien met elke wave en ieder meegezongen refrein. Dat was een openbaring, zelfs voor een doorgewinterde muziekjournalist als ik. Freddie was live nog indrukwekkender dan op plaat. Hij droeg een kroon op het einde, letterlijk en figuurlijk de koning van het rockrijk.’
Tributeband-zanger Phil Copping uit Kent, UK:
‘Als Freddie voel ik mij zelfverzekerder dan ooit’
‘Dat ik in een Queen-tributeband terecht zou komen, had ik als kind nooit kunnen verzinnen. Ik ben pas op latere leeftijd muzikant geworden en pas een jaar of vier geleden – ik was midden veertig – besloot ik me helemaal toe te leggen op het vertolken van Freddie Mercury. Een langgekoesterde jongensdroom, want ik ben al sinds mijn zevende fan. En nu ben ik frontman van een succesvolle Queen-tributeband. Soms sta ik achter de coulissen in mijn Freddie-kostuum en dan kan ik nog steeds niet geloven dat ík dit mag doen.
We spelen zo’n honderd shows per jaar door heel Groot-Brittannië. ’s Zomers touren we langs festivals, ’s winters doen we theaters en speciale evenementen. Laatst speelden we nog bij de Grand Prix op Silverstone, duizenden mensen die We Are the Champions meebrulden. Kippenvel. Queen leeft enorm, bij jong en oud, hoog en laag.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FdXQGoyJ4Qmcwf01762430256.jpg)
Een uur voor de show moet ik mij mentaal voorbereiden, alsof ik in Freddies huid kruip. Ik laat de adrenaline stromen en probeer in die headspace te komen: hoe voelde Freddie zich voor een gig? Ik heb veel over hem gelezen en geleerd. Buiten het podium was hij eigenlijk best verlegen. Een beetje onzeker zelfs. Hij gaf amper interviews en hield zich privé gedeisd. Maar zodra het podium lonkte, transformeerde hij in een soort superheld-versie van zichzelf.
Dat podium was zijn uitlaatklep – daar kon hij alles eruit gooien, gekke pakjes aan, outrageous doen, shockeren, plezier maken, volledig vrij zijn. Die flamboyante showman was een schild waarachter een verlegen ziel zich durfde te uiten. Dat herken ik. In mijn mid forty’s kreeg ik een soort zelfvertrouwenscrisis. Maar zodra ik nu in de huid van Freddie stap, voel ik me zelfverzekerder dan ooit. Het is alsof hij me de ruimte geeft om alles te geven zonder rem.
Ik beschouw het als een enorme eer om Freddies muziek te mogen brengen, maar ook als een grote verantwoordelijkheid. Er was en is maar één Freddie Mercury. Ik probeer hem niet te imiteren alsof ik hém ben. Ik probeer hem te eren, met mijn eigen interpretatie. Ieder detail moet kloppen. Je hebt tribute-acts die denken: ach, een gele jas en een nepsnor, dat is genoeg. Nou, voor mij niet. Ik ben fan én perfectionist; het móét goed zijn. Dus ik werk aan mijn stem.
‘Soms sta ik achter de coulissen in mijn Freddie-kostuum en dan kan ik nog steeds niet geloven dat ík dit mag doen’
Freddie had een bereik en klankkleur die je niet zomaar nadoet, maar ik kom in de buurt. Ik bestudeer oude concertbeelden voor zijn maniertjes, hoe hij bewoog, rende, het publiek aanmoedigde. En de kostuums zijn een hoofdstuk apart: ik heb er inmiddels dertig in de kast hangen. Van de harlekijn-catsuit tot de witte Wembley-outfit en de kroningsmantel. Elk jaar laat ik weer nieuwe replica’s maken. Dat kost me duizenden ponden, but it’s totally worth it. Voor de fans moet het kloppen: zodra de spots aangaan, moeten zij kunnen geloven dat ze een glimp krijgen van hoe het wás om Freddie live te zien.
Bohemian Rhapsody is altijd de finale van onze show. Man, dat is elke keer mágisch. Ik zie hele families in het publiek elkaar vastpakken en meezingen. De eerste paar zinnen zingt vaak het héle veld: “Mamaaaaaaa...” iedereen kent het uit het hoofd. Bij de Galileo’s, compleet over de top, zie ik mensen naar elkaar lachen en bij de rocksectie knallen ze volledig uit hun plaat, luchtgitaren en al. Het is net als die scene uit Wayne’s World, headbangen en grijnzen. Voor even vergeet iedereen zijn zorgen en viert dan gewoon die knotsgekke, prachtige muziek. Dat is wat Queens muziek doet: het verbindt en het geeft plezier. Na iedere show buig ik voor het applaus en bedank ik in gedachten Freddie Mercury. Dankzij hem hebben wij én miljoenen fans al die onvergetelijke momenten.’
Queen-fan Paul Willems (58) uit Spijkenisse:
‘Mijn tattoo staat symbool voor een hele fijne periode in mijn leven’
‘In 2019 heb ik een tatoeage laten zetten van Freddie uit de periode dat hij op zijn best was. Voor mij is het een eerbetoon aan Freddie, maar ook aan de jaren tachtig. Een tijd waarin mensen nog met elkaar spraken, ook als je elkaar niet kende, en het leven minder egoïstisch leek dan nu. Mijn tattoo herinnert me aan hoe goed we het toen hadden. De tattoo is ook een eerbetoon aan Highlander, de film uit 1986 waarvan de muziek van onder meer Queen én het verhaal mij enorm raakten.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2F6qUlgxnMpTkdsN1762430357.jpg)
Het album A Kind of Magic roept veel herinneringen op. Dat draaide ik altijd met vrienden, het hoorde echt bij onze jeugd en het volwassen worden. Innuendo vind ik nog steeds een van de mooiste platen. Als ik nu een lp opzet, komen al die herinneringen weer boven. Aan de muziek, aan mijn vrienden, aan momenten zoals Live Aid, toen je de hele dag aan de tv gekluisterd zat. In de Queen-Facebookgroep waar ik lid van ben, krijg ik enorm veel leuke reacties op mijn tatoeage.’
Freddy Mercury-fan Keith Luscombe uit Devon, UK:
‘Queen is niet zomaar mijn favoriete band, ze zijn de soundtrack van mijn hele leven’
‘De eerste keer dat ik Bohemian Rhapsody hoorde, voelde het alsof er een bliksemschicht recht mijn hart in sloeg. Freddies stem nam mij mee op een reis waarvan ik niet eens wist dat muziek die kon maken. Pure magie, die alleen maar sterker werd naarmate ik ouder werd. Freddie Mercury is voor mij veel meer dan een zanger. Hij is een held, idool, iemand die liet zien dat je onbeschaamd jezelf mag zijn, voluit mag leven en diep mag liefhebben.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FRwRqlkgPgWqCkn1762430400.jpg)
Hij tilde me op als ik me slecht voelde en gaf me vleugels als ik moed nodig had. Mijn passie voor Queen is iets dat ik elke dag zichtbaar bij me wil dragen. Vandaar mijn meerdere tatoeages. Elke tattoo vertelt een verhaal. Het is niet zomaar inkt op mijn huid, het zijn zichtbare herinneringen aan hoe hun muziek me door goede en slechte tijden heeft gedragen.
Mijn zoon heet Freddie William Deacon Taylor May. Ja, daar trekken sommige mensen hun wenkbrauwen bij op, maar voor mij was dit een natuurlijke keuze. Queen heeft mij zoveel gegeven, dat mijn zoon vernoemen naar Freddie, John, Roger en Brian als de mooiste manier voelt om hun nalatenschap door te geven aan de nieuwe generatie. Als mensen vragen waarom ik zo gepassioneerd ben over Queen, zeg ik altijd: het gaat niet om fan zijn, het gaat om familie. Queen is vanaf mijn jeugd een deel van mij, hun namen staan op mijn huid, en ze leven voort in de naam van mijn zoon.’
Stand-upcomedian Josh Balch (20) uit Plymouth, UK:
‘Een week na mijn achttiende verjaardag kreeg ik deze tattoo van mijn vader’
‘Sinds ik een paar jaar geleden de stap zette naar stand-upcomedy heeft mijn liefde voor Queen – en vooral voor Freddie – een nieuwe betekenis. Een dieper besef van het talent en de creativiteit die Queen als groep had. Voor mij is de band niet alleen muziek, maar een soort leidraad voor hoe ik zelf op het podium wil staan.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2Fd62jK3nFcWt6e11762430507.jpg)
Mijn maandelijkse comedyshow heet daarom Killer Queen Comedy en bevat het drama, de overdaad, de theatrale energie van die gelijknamige videoclip. Het is een groot succes. Freddie heeft zo’n enorme invloed gehad op mijn creatieve pad en op de manier waarop ik in het leven sta, dat ik hem wilde eren met een tatoeage. Samen met mijn vader heb ik het ontwerp zelf gemaakt. Een week na mijn achttiende verjaardag stond ie erop. Een blijvende herinnering aan degene die mijn visie heeft gevormd.’
- ANP, NL Beeld