Italië duikt in de lugubere duisternis van Sarajevo: betaalde sniper-safaris onderzocht

Een oorlog die dertig jaar achter ons ligt, maar waarvan de littekens nog te vers zijn om te negeren.

Italië duikt in de lugubere duisternis van Sarajevo: betaalde sniper-safaris onderzocht

Sniper-safari

De claims klinken zó gruwelijk dat je ze bij een slechte oorlogskitschfilm zou weggooien. Rijke buitenlanders zouden tijdens het beleg van Sarajevo hebben betaald om vanaf Servische posities op willekeurige burgers te schieten. Een weekendje oorlogstoerisme. Een safari, maar dan op mensen.

Lang werd het afgedaan als oorlogsbabbel: een mythe die je in café’s rond de Balkan hoorde fluisteren. Tot de Sloveense documentaire Sarajevo Safari in 2022 ineens namen, getuigen en oude inlichtingenmappen bij elkaar trok. Plots had de legende structuur. En nu, in 2025, heeft ze een dossiernummer.

De Milanese procureur Alessandro Gobbis onderzoekt officieel of Italianen tussen 1992 en 1996 naar de heuvels rond Sarajevo reisden om op burgers te schieten. Niet als soldaten. Niet als vrijwilligers. Maar als klanten.

Getuigen uit de schaduw

De zaak kwam in beweging door een klacht van schrijver en journalist Ezio Gavazzeni. Hij leverde een dossier van zeventien pagina’s af, met een mix van getuigen, documenten en oude inlichtingenrapporten. Een Bosnische officier, Edin Subašić, zegt dat hij al in 1994 de Italiaanse geheime dienst waarschuwde voor 'Italianen die in Triëst opstapten en in Sarajevo op mensen kwamen jagen'.

Er duiken verhalen op van vluchten via de Joegoslavische luchtvaartmaatschappij Aviogenex, van extreemrechtse Italiaanse wapenfetisjisten die in groepjes afreisden, en van Servische milities die hen op heuvelposities plaatsten.

Het beeld dat uit die getuigenissen naar voren komt: gefortuneerde mannen die tienduizenden euro’s betalen voor een weekend adrenaline. Een prijskaartje dat volgens bronnen opliep tot 80.000 of zelfs 100.000 euro.
En dan is er het meest macabere element: een vermeende prijslijst, waarin kinderen 'het duurst' zouden zijn geweest. Als dat waar blijkt, komt zelfs het woordenboek tekort.

Maar dat is precies het punt: dit zijn verklaringen. Gruwelijk, maar nog steeds verklaringen. Juridisch zijn we nog nergens.

Onderzoek

De aanklacht waar Milaan mee werkt, is stevig: opzettelijke moord, verzwaard door wreedheid en verachtelijke motieven. Zwaarder kun je het niet formuleren. Maar er is nog geen verdachte officieel benoemd. Geen arrestaties. Geen openbaar bewijs.

Wel zijn er volgens mediaberichten Italiaanse mannen in beeld: een plastisch chirurg uit Milaan, iemand uit Turijn, een wapenverzamelaar uit Triëst. De procureur wil daar niets over kwijt. Begrijpelijk, want als hier een fout wordt gemaakt, staat de internationale gemeenschap klaar met de moker.

Justitie bouwt het dossier op rond drie soorten bronnen:

  1. Getuigen – oud-soldaten, inlichtingenofficieren, burgers die destijds in de stad zaten.
  2. Archiefmateriaal – onder meer SISMI-rapporten en stukken van het stadsbestuur van Sarajevo.
  3. Mogelijke reis- en logistiekbewijzen – luchtvaartgegevens, telefoondata, hotelregistraties.

Dat laatste is cruciaal. Zonder harde verbinding tussen dader, locatie, datum en slachtoffer blijft dit juridisch drijfzand.

Geen gewone oorlogswond

Sarajevo is niet zomaar een oorlogswond. Het is een plek waar sluipschutters kinderen, joggers, moeders en bejaarden viseerden omdat ze óf in het zicht liepen óf pech hadden. Meer dan tienduizend doden. Hele wijken leefden jaren onder ramen die permanent werden dichtgetimmerd.

De gedachte dat daar tegelijk toeristen rondliepen die geld betaalden om dezelfde misdaad te plegen alsof het een spelletje was, raakt aan de kern van oorlog als totale ontmenselijking. En daarom is dit juridisch én emotioneel explosief.

Het Bosnische Openbaar Ministerie heeft eerdere pogingen tot onderzoek stilgelegd. Te weinig bewijs. Te veel politieke spanning. Servische veteranen noemen het nog steeds een 'urban legend'. Maar elke keer dat een nieuw dossier opduikt, schuift de grens tussen niet te geloven en misschien toch waar een stukje op.

Perverse oorlogsmidaden

Feit blijft: er is nog niemand veroordeeld. Geen enkele rechtbank, ook het Joegoslaviëtribunaal niet, heeft ooit vastgesteld dat sniper-safaris bestonden. Wat we hebben, is een groeiende berg getuigenissen die elkaar opvallend vaak raken. En nu een Italiaanse procureur die de puzzel onder gerechtelijk toezicht wil leggen.

Mocht ook maar één van deze claims juridisch hard worden, dan praten we niet over een voetnoot in de Balkanoorlogen, maar over een van de meest perverse vormen van oorlogsmisdaad die Europa sinds 1945 heeft gezien.

Voorlopig blijft het dossier open, schurend, en half in de schaduw. In Milaan wachten ze op bewijs dat alles bevestigt, of alles doet instorten. Tot die tijd is één ding zeker: sommige verhalen zijn zo gruwelijk dat je hoopt dat ze níét kloppen.

Oorlog
  • Adobe Stock