Premium

Het onzekere lot van krijgsgevangenen in de Oekraïne-oorlog: 'Eindelijk vrij, eindelijk thuis'

Ondanks een slinkend aantal manschappen voert het Kremlin nog steeds in alle hevigheid oorlog tegen Oekraïne. Russische drones en vliegtuigbommen zaaien dagelijks dood en vernieling in het geteisterde buurland. De enige toenadering tussen Kyiv en Moskou bestaat uit een regelmatige uitwisseling van krijgsgevangenen en gesneuvelden. Nieuwe Revu sprak met een Russische en een Oekraïense soldaat die beiden in krijgsgevangenschap waren. 

Oekraïense krijgsgevangene

‘Fizroek’ is de Russische afkorting voor ‘docent lichamelijke opvoeding’. Het is ook de codenaam van een voormalige soldaat, ex-gedetineerde en krijgsgevangene. Na een redelijk zorgeloze jeugd in een dorp in het district Oeljanovsk – 700 kilometer ten oosten van Moskou – wordt hij opgeroepen voor militaire dienst.

Daarna volgt een opleiding tot gymleraar en enkele maanden leservaring op een school in zijn geboortestreek. Noodgedwongen geeft hij zijn schoolcarrière weer op. ‘Het salaris van een militair is tweemaal zo hoog als dat van dorpsonderwijzer. Ik kon gewoon niet rondkomen van mijn lerarenloon,’ verklaart de inmiddels 26-jarige Rus. 

Het leven als beroepssoldaat bevalt hem beter. Fizroek krijgt verschillende onderscheidingen voor zijn dienst 

op Russische militaire luchthavens in Syrië en Tadzjikistan totdat het noodlot toeslaat. Hij vertelt: ‘In de zomer van 2022 was mijn contract met het leger net afgelopen. Het toeval wilde dat ik toen slaags raakte met een man die mijn zus lastigviel. Twee uur nadat ik een paar flinke klappen had uitgedeeld, overleed die man. Ik wilde hem niet vermoorden. Kennelijk had hij een heel zwak gestel. Ik vind nog steeds dat ik juist handelde in die situatie. De openbaar aanklager eiste twaalf jaar. Uiteindelijk moest ik negen jaar achter tralies.’ 

Daar kreeg Fizroek al snel een aanbod om naar het Russisch-Oekraïense front te gaan als strijder van de ‘speciale militaire operatie’. Dat sloeg hij in eerste instantie af. In het kamp werd het hem iets nadrukkelijker gevraagd. ‘Er kwamen officieren van de geheime dienst FSB bij me op bezoek. Ze zeiden: “Of je tekent voor frontdienst óf we zorgen ervoor dat je er nog eens tien jaar bovenop krijgt.” Ik bedacht dat negentien jaar achter kamphekken voor mij gelijk zou staan aan levenslang. Wat voor zin zou dat hebben gehad? Daarom heb ik toen maar getekend.’

De voormalig beroepssoldaat belandt bij Storm-Z, een militaire eenheid van gedetineerden. ‘Vanuit het kamp werden we onder bewaking gedeporteerd naar het dichtstbijzijnde militaire commissariaat. Daar kreeg de commandant van onze groep mijn papieren en een bewijs van vervroegde vrijlating.

Soldaat ‘Fizroek’ bij het embleem van de RDK, het Russische Vrijwilligerskorps dat vecht aan de zijde van Oekraïne.

Met een man of tweehonderd werden we naar een militaire basis gebracht en daarna vlogen ze ons met een IL-76-transportvliegtuig naar een basis in het district Rostov aan de Don. Daar werden we in vier groepen opgesplitst, op basis van welke criteria was me volslagen onduidelijk. In legervrachtwagens gingen we naar Loegansk in het bezette deel van Oekraïne. Daar werden we getraind.’ 

Hoewel, training is volgens hem een groot woord. ‘De opleiders waren officieren die er overduidelijk geen zin in hadden. Ze waren ook nog nooit aan het front geweest. Die zogenaamde training duurde twee weken en stelde echt geen bal voor. Er waren samen met mij jongens die nog nooit in militaire dienst waren geweest. Wat konden ze hen nou leren in die twee weken tijd? Zoals ik het nu zie, was dat natuurlijk maar beter zo... Laat ze maar mooi op dezelfde manier doorgaan (lacht). In feite werden we gewoon het slagveld opgestuurd om te verrekken,’ vindt Fizroek.


Soldaat ‘Fizroek’ in gevechtskledij.

Hoewel de ‘medewerkers van de speciale militaire operatie’ in Rusland op billboards en in de media als helden worden gevierd, is de waarheid anders. ‘De soldaten die uit kampen en gevangenissen komen, worden puur ingezet als kanonnenvoer. We hadden alleen een kalasjnikov-74 en een patroongordel. Eerst zaten we in een overbeladen MT-LB-amfibievoertuig die onderweg werd bestookt met drones en raketten.

‘Ik zag dat wij als kanonnenvoer werden ingezet. Het kan ze geen reet schelen wat er met je gebeurt. Een mensenleven is voor hen niets waard'

Aan het begin waren we met 54 man, toen we aankwamen in het dorp dat onze eindbestemming was, waren er nog maar twaalf. Na drie tot vier dagen stormlopen bleven er nog vier van ons over. We besloten ons toen maar gezamenlijk over te geven. Het was uitzichtloos. Als we ons hadden teruggetrokken, had de eigen achterhoede ons doodgeschoten. Als we vooruit probeerden te gaan, zouden de Oekraïners ons hebben neergeknald.’

Menselijke behandeling

Het overlopen aan de frontlijn was niet zonder gevaar. ‘We gingen naar een van de huizen en wachtten tot de Oekraïners kwamen. Zodra we ze hoorden naderen, legden we de wapens neer en schreeuwden we dat we ons overgaven. We hadden gerekend op een beestachtige behandeling, maar ze waren juist heel menselijk.

Ze gaven ons te eten en te drinken. Een van ons had medische hulp nodig. Ook daar werd voor gezorgd. Na een paar dagen werden we van het front op transport gezet.’ Wel sneuvelde een van de gewezen kameraden van Fizroek onderweg. Hij werd tijdens een mortiervuur door de Russen geraakt. Een scherf in zijn hoofd werd hem fataal.

Over zijn verdere verblijfplaatsen aan Oekraïense kant wil de voormalige krijgsgevangene weinig kwijt. ‘Ik weet niet precies waar we waren. We zaten eerst in een of andere kelder. Er waren een aantal verhoren en tests aan de leugendetector. Ik werd goed behandeld, ze gaven me zelfs sigaretten. Het was honderd keer beter dan in het Russische leger.

Na verloop van tijd vroegen ze me of ik me wilde aansluiten bij het RDK, het Russische Vrijwilligerskorps dat vecht aan de kant van Oekraïne. Ik was akkoord en ging praten met White Rex, de leider van het korps. Hij zei dat ik opnieuw een aantal verhoren moest ondergaan. Ze wilden zeker weten dat ik geen spion was. Na een paar maanden intensieve screening werd ik aangenomen.’

Vrijgelaten Oekraïense krijgsgevangenen onderweg naar huis.

De psychologische ommekeer, die van de strijder voor de ambities van Poetin een strijder voor de vrijheid van Oekraïne maakte, kwam al eerder aan het front. ‘Ik zag dat wij alleen maar als kanonnenvoer werden ingezet. Dat het ze geen reet kan schelen wat er met je gebeurt. Een mensenleven is voor hen niets waard.

Die officieren hebben een opdracht en het maakt ze niets uit hoeveel jongens daarvoor moeten sterven. Toen al besloot ik dat ik me het beste zou kunnen overgeven of ergens onderduiken. Ik heb geluk gehad dat ik krijgsgevangen werd genomen. Ik heb nu een goed gevoel, want ik vecht aan de kant van de waarheid.’  

Het grootste verschil tussen het Russische en het Oekraïense leger is volgens hem de voorbereiding en de veel betere omgang met de eigen soldaten. ‘Ik word niet langer onvoorbereid en hongerig de strijd ingegooid. In het Russische leger was ik als een stuk vlees voor de leeuwen. Bij het RDK is er voor elke operatie een gedegen voorbereiding die wel twee maanden kan duren. Er wordt precies bekeken of je de opdracht aankunt.’

Over de kansen van Oekraïne op een bevrijding van het land is de Rus voorzichtig optimistisch. ‘Rusland heeft inmiddels veel minder manschappen dan in het begin. Niemand wil zich nog vrijwillig als kanonnenvoer aanmelden. Ik denk dat het op den duur zeker zal moeten lukken om de districten Cherson, Zaporizja en Charkov compleet te bevrijden.

Het nut van een herovering van Donetsk en Loegansk betwijfel ik. Er is een grote kans op dezelfde problemen als in 2014. De Krim is een ander verhaal. Met de juiste tactiek en ondersteuning van de NAVO en de VS zou ook een bevrijding van het schiereiland moeten lukken.’ 

Schrijnende omstandigheden

Oleksandr Tolkachov is een inwoner van Marioepol, een havenstad aan de Zee van Azov die door de Russen compleet werd vernietigd en nog steeds is bezet. Oleksandr leefde meer dan een half jaar in Russische krijgsgevangenschap voordat hij terug kon keren naar Oekraïne. Later vertrok hij naar Duitsland waar hij nog steeds verblijft en als tandheelkundig technicus werkt.

Vanuit zijn nieuwe omgeving probeert hij de aandacht te vestigen op de schrijnende omstandigheden waarin Oekraïners in Russische gevangenschap verkeren. Hij verklaart: ‘Denk alsjeblieft niet dat iedereen die Oekraïne heeft verlaten, het land is vergeten! De meeste Oekraïners in het buitenland proberen elke dag hun vaderland te helpen waar ze maar kunnen.’ 

Oleksandr Tolkachov is nu vrij man en woont in Duitsland.

Op 24 februari 2022 – de dag van de grootschalige Russische inval – pakte hij zijn rugzak, trok zijn reservistenuniform aan en sloot zich aan bij een van de vrijwilligersformaties van het Oekraïense leger in zijn geboorteplaats Marioepol. Onder beschietingen verzamelde hij met anderen proviand in gebombardeerde magazijnen dat hij naar een verdeelcentrum of direct naar schuilkelders, ziekenhuizen en woonwijken bracht. Later kregen Oleksandr en een andere vrijwilliger de taak om de centrale markt te beschermen tegen plunderaars.

Hij herinnert zich de chaos in de belegerde stad nog levendig: ‘Hoe kun je met zijn tweeën een enorme markt bewaken? Dat is onmogelijk. Zeker als er mensen om je heen sterven, huizen instorten en overlevenden door de grillen van een waanzinnige dictator wees worden en hongerig, blootsvoets, naakt en dakloos achterblijven. Waarom en voor wie moet je die markt bewaken, en tegen wie?

Ik legde mijn gedachten voor aan Michail Vershinin, hoofd van de politie van de regio Donetsk en hoofdverantwoordelijke voor onze formatie. Hij gaf opdracht om mensen de markt op te laten, zodat ze op de een of andere manier aan eten konden komen en overleven. Maar er was geen houden meer aan. De Russen drongen verder op en op 16 maart kreeg ik het bevel om met een kleine groep militaire vrijwilligers de stad te verlaten.’

De volgende ochtend kreeg Oleksandr een lift van burgers die van plan waren de stad te ontvluchten. Die evacuatie mislukte. De auto werd bij de eerste wegversperring, net buiten de stad, aangehouden. De bestuurder werd ingerekend door de Russen omdat iemand zijn auto mooi vond, vermoedt Oleksandr. ‘Ik kwam er na een streng verhoor nog wel door en stapte in een overvolle auto met mensen die ik niet kende.

Met hen reed ik naar een controlepost bij de ingang van de naburige stad Berdjansk. Daar liepen we direct in handen van de Russen. De auto werd staande gehouden en iedereen werd gearresteerd. Ze gooiden ons, met onze hoofden naar beneden, op de grond. Uiteindelijk belandden we in het penitentiaire centrum van de stad.’

'Ze braken mijn vingers, sloegen met knuppels op mijn benen. Van mijn middel tot aan mijn voeten was mijn hele lichaam zwart... Ze imiteerden ook een executie’

De Oekraïner werd er zwaar gemarteld. De Russen hielden hem volgens zijn eigen woorden voor een lid van de Oekraïense commando’s. ‘Ze braken mijn vingers, sloegen met knuppels op mijn benen. Van mijn middel tot aan mijn voeten was mijn hele lichaam zwart... Ze imiteerden een verdrinking en een executie, deden alles wat hun zieke fantasie hen ingaf. Ze sloten stroom aan op elk lichaamsdeel dat ze konden vinden.

Als de stroomklem op je oren wordt aangesloten, krijg je zulke flitsen in je hoofd dat het lijkt alsof er een schijnwerper van een locomotief recht op je gericht is, alleen dan vanuit je hoofd, naar buiten... Weet je waarom ze een zak over je hoofd doen als ze je met elektriciteit martelen? Zodat de beulen niet verblind worden door de lichtstraal die uit je ogen komt...” 

De foltering werd uitsluitend uitgevoerd door medewerkers van Russische veiligheidsdiensten die er speciaal voor naar Berdjansk waren gekomen. De houding van de meeste Russische militairen kon er volgens hem nog wel mee door. ‘Er waren maar twee echte klootzakken. Een Rus die regelmatig een vrouw uit de cel naast ons verkrachtte en een halvegare moslim, die telkens als hij dronken was naar onze cel kwam om ons uit te schelden voor fascisten en lukraak te slaan.’

Problemen met het eten waren er op dat moment nog niet. ‘We kregen drie maaltijden per dag en de porties waren voldoende. Maar de verhoren bleven verschrikkelijk.’ Na elke sessie urineerde hij bloed. Sindsdien weet de Oekraïner precies hoe stroom het kraakbeen in de gewrichten verbrandt en hoe het beenvlies loslaat door slaag. Vanwege de elektrische schokken verslechterde zijn gezichtsvermogen. Door de martelingen viel hij in korte tijd 20 kilo af. 

‘Na twee maanden werd ik vanuit een isoleercel overgebracht naar een gemeenschappelijke cel. Godzijdank stopten toen ook de verhoren. Nieuwkomers werden nog wel voortdurend ondervraagd. Ik zat in die cel en hoorde hun kreten, die waren als geschreeuw uit de hel... Er was wel een militaire arts die loyaal tegenover ons was en probeerde te helpen. Maar er waren geen medicijnen, zelfs niet voor de Russische soldaten, en dus al helemaal niet voor ons,’ vertelt hij. 

Oleksandr verbleef de hele zomer in het penitentiaire centrum van het stadje Berdjansk. Tot hij uiteindelijk op 16 september 2022 werd opgehaald en met boeien om zijn polsen in een vrachtwagen werd geladen. ‘Ze vertelden ons dat het om een uitwisseling zou gaan, maar ze voegden eraan toe dat als we zouden proberen te ontsnappen, ze ons gewoon zouden liquideren. Dat maakte ons meteen wantrouwig. Waarom zouden we ontsnappen als we voor een uitwisseling werden vervoerd? Ze trokken zo hard aan onze handen dat de boeien onze huid tot op het vlees doorsneden.’ 

Poorten van de hel

Uiteindelijk belandde de voormalige militaire vrijwilliger met een groep van krijgsgevangenen op de bezette Krim. Daar werden ze ondergebracht in de kazerne van een militair instituut. ‘Ik was bang dat ik op deze nieuwe plek opnieuw door alle poorten van de hel zou moeten gaan. Maar nee, vreemd genoeg werd er niet meer gemarteld.

Er was zelfs niemand die schold tegen de gevangenen.’ Oleksandr en zijn lotgenoten werden er bewaakt door Russische militairen. De Oekraïner denkt dat de omgang relatief mild was omdat de bewakers op de Krim net als hij door Oekraïne waren opgevoed en niet door Rusland.

Vijf tot zes keer per dag mochten de gevangenen naar een wasruimte. ‘Daar waren wastafels, twee douches en een paar wc’s. Je kon je er wassen, je kleren schoonmaken, je haar knippen en je scheren. We kregen zelfs tandenborstels.’ In dezelfde ruimte werd na de maaltijd de afwas gedaan door de dienstdoende soldaten. Medische hulp voor gewonden en zieken werd verleend door een van de krijgsgevangenen.

Oekraïense soldaten die betrokken zijn bij een gevangenenruil.

Als er hulp in het ziekenhuis nodig was, vroeg hij daarom. De administratie regelde het vervoer. Verhoren vonden er volgens Oleksandr plaats zonder gebruik van fysiek geweld of zelfs maar bedreigingen. In de barak werd volgens een rooster drie keer per dag geveegd. Er was een kleine bibliotheek, er waren bordspellen en op vaste tijden mocht televisie worden gekeken. 

Op vrijdag 6 oktober 2022 liep een Russische commandant de barak binnen. ‘Hij riep iedereen bij elkaar en las een lijst voor van personen die voor uitwisseling waren bestemd. Hij noemde ook mijn naam. Ik hoopte natuurlijk dat het waar was, maar ik durfde er niet in te geloven. Teleurstelling doet pijn als je jezelf erop hebt ingesteld. Ik besloot dat ik naar een andere plaats zou worden overgebracht, omdat ik geen invloed op de situatie had en het sowieso geen zin had om me erover op te winden.’ 

Zondagavond was Oleksandr klaar en mentaal voorbereid op alles. Maar de dagen erna gebeurde er niets. Op dinsdag kwam geen auto en ook op woensdag en donderdag kwam er niemand. Totdat een week later om 5 uur ’s ochtends de commandant opnieuw de barak betrad. Hij las opnieuw een lijst namen voor van degenen die mochten vertrekken. Ook deze keer hoorde de krijgsgevangen Oekraïner zijn naam.

‘Ze begonnen ons voor te bereiden en ik had maar één gedachte: waarheen? Mijn handen werden met tape vastgebonden, maar niet heel strak. In de auto kon ik ze losmaken. De bewakers zagen mijn losgemaakte handen, maar zeiden er niets van. Toen kreeg ik een vonkje hoop dat ze ons echt zouden uitwisselen. Op een rondweg bij Simferopol hebben een andere gevangene en ik zwaargewonden uit een ambulance in onze auto geladen. Toen wist ik dat het echt de goede kant opging.’ 

De uitwisseling vond plaats bij een brug in de regio Zaporizja. ‘Ik zat maar in die bus te wachten tot de Russische krijgsgevangenen zouden komen. Maar de bus met Russen kwam maar niet, zo leek het tenminste. Het waren de langste minuten van mijn leven,’ bekent Oleksandr. 

Uiteindelijk verliep alles toch nog volgens plan. Twee groepen krijgsgevangenen staken synchroon de verwoeste brug over onder toezicht van de veiligheidsdiensten van beide zijden en in het vizier van pantserwagens. De Oekraïner laat een opname zien van de uitwisseling waarin hij zelf vooraan liep. ‘De officier die ons opving zei: “Goedendag, soldaten. Glorie aan Oekraïne!”

Ik kon mijn oren niet geloven... Ik dacht dat het een provocatie was. Ik was gewoon niet meer gewend om in iets goeds te geloven. Maar het bleek waar te zijn! Ik was weer vrij! Weer thuis! We stapten in een bus en reden verder naar Oekraïens grondgebied. De Russische rantsoenen die we vóór de uitwisseling hadden gekregen, flikkerden we uit het raam.’

Oleksandr vertelt niet over de plek waar hij zijn revalidatie heeft ondergaan. Hij wil alleen kwijt dat alles daar uitstekend georganiseerd was. ‘Ik ben goed behandeld, maar heb mijn spiermassa nog steeds niet terug. Mijn vingers zijn nog steeds gevoelloos, mijn onderrug doet vreselijke pijn en ik heb steeds krampen in mijn benen. Mijn vroegere gezondheid krijg ik niet meer terug, maar ik leef... godzijdank.’

Premium
Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct
Oorlog