De supersonische race: hoe de Toepolev Tu-144 de Concorde versloeg (maar toch verloor)

Op 31 december 1968 koos de Toepolev Tu-144 als eerste supersonische passagiersvliegtuig ooit het luchtruim. Een historisch moment in de geschiedenis van de luchtvaart.

De Toepolev Tu-144 op het dak van het Technik Museum Sinsheim, het enige exemplaar buiten Rusland

De Russische ‘Concordski’

De Toepolev Tu-144, door het Westen spottend 'Concordski' genoemd, was het antwoord van de Sovjet-Unie op de Brits-Franse Concorde. Hoewel spionage een rol speelde, was het toestel geen directe kopie. De gelijkenis in het ontwerp, met de kenmerkende deltavleugels, was vooral een logisch gevolg van het doel: passagiers vervoeren met Mach 2 (2100-2500 kilometer per uur).

De Tu-144 was zelfs groter en sneller dan zijn westerse concurrent. Toch waren er duidelijke verschillen. Het Sovjet-toestel had een hoger brandstofverbruik en dus een kleiner bereik. Opvallend waren de kleine vleugeltjes aan de voorzijde, die de landingssnelheid moesten verlagen, al bleef deze aanzienlijk hoger dan die van de Concorde.

In het Technik Museum in het Duitse Sinsheim staan beide vliegtuigen naast elkaar, waardoor de verschillen goed zichtbaar zijn.

Een stormachtige carrière

De ontwikkeling van de Tu-144 was een prestigeproject, gestart in opdracht van partijleider Chroesjtsjov om het Westen te overtreffen. De Sovjet-Unie leek te slagen: de Tu-144 vloog twee maanden eerder dan de Concorde en was het eerste passagierstoestel dat door de geluidsbarrière brak. De triomf was echter van korte duur. Een fatale crash tijdens de Paris Air Show in 1973, waarbij het toestel in stukken brak, knakte het vertrouwen.

Na slechts 55 passagiersvluchten tussen Moskou en Alma-Ata (Kazachstan) werd de dienst alweer gestaakt. Het toestel was onrendabel, oncomfortabel door extreem lawaai en kampte met ernstige veiligheidsproblemen. Een tweede ongeluk in 1978, waarbij een toestel in brand vloog, bezegelde definitief het lot van de Tu-144 als passagiersvliegtuig.

Van prestigeproject tot museumstuk

Na het tweede fatale ongeval werd op 1 juni 1978 de allerlaatste passagiersvlucht uitgevoerd. De productie werd pas in 1984 gestaakt, maar het tijdperk van de 'Concordski' was voorbij. Opmerkelijk genoeg kreeg het vliegtuig in de jaren negentig een kort tweede leven. NASA gebruikte een omgebouwde Tu-144 (de Tu-144LL) voor onderzoek naar een nieuwe generatie supersonische vliegtuigen.

Na 27 testvluchten werd ook dit project gestopt. Van de zeventien ooit gebouwde Toepolev Tu-144’s zijn er nu nog enkele over, voornamelijk als museumstukken in Rusland. Eén exemplaar schittert, ironisch genoeg naast de Concorde, op het dak van het museum in Sinsheim, als een stille getuige van een ambitieus en turbulent hoofdstuk in de luchtvaartgeschiedenis.

Historie