Dit verhaal komt uit een groot interview met Ruben Terlou in Nieuwe Revu 4. Het volledige interview is vanaf woensdag te lezen in het blad of hier online te bestellen.
Een pijnlijk weerzien
Voor Terlou, die al sinds zijn negentiende in China komt en een diepe genegenheid voor het land en zijn inwoners koestert, is de recente verandering pijnlijk. 'Ik hou van dat land, maar de afgelopen jaren dacht ik steeds vaker: ik ben er wel een beetje klaar mee,' stelt hij. China is in korte tijd zo veranderd dat het voor hem en zijn vrienden, inclusief de familie van zijn Chinese vriendin, onherkenbaar is geworden. De openheid die hij ooit ervoer, heeft plaatsgemaakt voor een constante monitoring.
De alomtegenwoordige controle
De kern van de verandering ligt in de totale controle van de staat. 'Iedereen en alles wordt in de gaten gehouden. Je kunt niets zeggen of doen zonder dat het wordt gemonitord,' legt Terlou uit. Deze realiteit is niet alleen vreselijk voor de gewone burger, maar maakt het werk van een journalist ook extreem uitdagend. Wat ooit een land was van ontdekkingen, is nu een plek waar iedere beweging en uitspraak wordt geregistreerd, wat de vrijheid ernstig beknot.
Werken in een 'mission impossible'
Het bedrijven van journalistiek is volgens Terlou verworden tot een 'mission impossible'. Hoewel hij erkent dat dit voor een journalist juist een interessante tijd is, maakt de constante surveillance het bijna onmogelijk om zijn werk te doen. Deze frictie tussen de professionele fascinatie en de persoonlijke afkeer van de repressie tekent zijn huidige relatie met China. Het land dat ooit zijn hart stal, is nu een bron van zorg en een van de moeilijkste plekken ter wereld om als journalist te opereren.