De escalatie in de Golfregio had en heeft directe gevolgen voor diverse bekende Nederlanders. Terwijl influencers als Bo Wilkes en Gio Latooy verslag deden vanuit schuilkelders in Dubai na raketaanvallen, en tennisser Tallon Griekspoor wachtte tot het luchtruim weer opende, kon het schouwspel rekenen op cynische kritiek van historicus Maarten van Rossem. Hij plaatste de gebeurtenissen in een breder perspectief van verantwoordelijkheid en privilege.
De feiten zijn helder: na luchtaanvallen van Israël en de VS op Iran, volgde een Iraanse tegenaanval die ook de Verenigde Arabische Emiraten trof. Dit resulteerde in een gesloten luchtruim en gestrande reizigers, waaronder de genoemde BN'ers. De persoonlijke verslagen van angst en onzekerheid, zoals die van Gio Latooy, die wakker werd van 'knallen en doffe dingen in de lucht,' illustreren de paniek die in de Golfstaat heerste.
Toch keek niet iedereen met dezelfde bezorgdheid naar de gestrande Nederlanders. Voor Maarten van Rossem is dit incident symptomatisch voor een groter fenomeen: de keuze van welgestelde Nederlanders om zich te vestigen in autocratische staten. Hij ziet het niet primair als een humanitaire crisis voor landgenoten, maar als een onvermijdelijk gevolg van bewuste keuzes.
'Repatriëren is geen recht'
De kern van Van Rossem's kritiek is principieel van aard. 'Laat het een leermoment zijn: repatriëren is geen recht voor wie de boel ontvlucht,' aldus de historicus. Hij omschrijft de groep als 'belastingontduikers, algehele nietsnutten en halvegaren,' een scherpe veroordeling van wat hij ziet als een gebrek aan maatschappelijke solidariteit.
De dagen van het 'beeld van een stabiele veiligheid' in de Perzische Golf zijn volgens hem voorbij.