Dit artikel is gebaseerd op een exclusief interview met Marc Van Ranst in Nieuwe Revu 18, vanaf woensdag 29 april verkrijgbaar in de schappen of hier online te bestellen.
De rol van leidende expert in een pandemie is een ondankbare. Dat is de harde conclusie die viroloog Marc Van Ranst trekt uit zijn ervaringen. Waar het publiek aanvankelijk snakt naar duiding en wetenschappers op een voetstuk plaatst, is die bewondering volgens hem slechts een voorbode van een onvermijdelijke kentering. De dynamiek van een crisis laat geen ruimte voor een positieve uitkomst voor de boodschapper. Deze realiteit werd Marc Van Ranst al duidelijk in 2009, toen hij als pandemiemanager voor de Mexicaanse griep werd aangesteld. Hij begreep toen al dat er geen 'sweet spot' bestaat. 'Ofwel zijn er heel veel doden en dan zal men zeggen: je hebt het allemaal schromelijk onderschat. Ofwel zijn er minder doden en dan zal men zeggen: je hebt overdreven met je aanpak,' analyseert hij. Dit inzicht, dat hij al had voordat de COVID-19-crisis losbarstte, verklaart zijn scepsis ten aanzien van de aanvankelijke lof.
Het omslagpunt manifesteerde zich toen de maatschappelijke solidariteit plaatsmaakte voor politieke polarisatie. Bepaalde groeperingen vonden in de expert een symbool om hun onvrede op te projecteren. Van Ranst beschrijft hoe de behoefte aan een simplificatie van een complexe realiteit leidt tot het aanwijzen van een zondebok. 'Het is de schuld van die ene. Dat geeft rust,' verklaart hij. Sociale media fungeren vervolgens als een echokamer waarin deze sentimenten worden versterkt en geradicaliseerd.
De psychologische prijs van publieke verantwoordelijkheid
De overgang van 'wetenschapper naar doelwit' had een concrete en persoonlijke impact. De eerste doodsbedreiging, afkomstig van een ondernemer die door de maatregelen in zijn levensonderhoud werd geraakt, was een scharniermoment. Van Ranst analyseert de situatie nuchter: 'Ik begreep zijn woede, daar niet van. Maar dat hij mij verantwoordelijk maakt voor politieke beslissingen, terwijl ik die macht niet heb, en dat het dan richting ‘ik wil je vermoorden’ gaat, dat is bizar.'
De grootste psychologische last lag echter niet bij de bedreigingen zelf, maar bij de impact ervan op zijn naasten. Hij beschrijft hoe zijn familie, en met name zijn vader, de constante stroom van online haat en desinformatie nauwlettend volgde. De stress en angst bij zijn dierbaren raakten hem dieper dan de aanvallen op zijn eigen persoon. 'Je kunt veel dragen voor jezelf, maar niet wanneer je familie in de stress schiet door die bagger,' concludeert hij.