Het gaat om een handgeschreven krabbel die door de voormalige celgenoot van de miljardair werd gevonden. Dat schrijft De Telegraaf donderdag na berichtgeving van The New York Times.
Volgens de verklaring van deze celgenoot trof hij het briefje aan, verstopt in een stripboek, nadat Epstein na een eerdere zelfmoordpoging buiten bewustzijn was gevonden.
Enkele weken na die bewuste poging slaagde Epstein er alsnog in een einde aan zijn leven te maken in zijn cel in New York.
’Niet de moeite waard’
De tekst in de brief is een mix van zelfmedelijden en een tikkeltje arrogantie. "Ze hebben maandenlang onderzoek naar me gedaan en niks gevonden," zo valt er te lezen. Ook filosofeert de zedendelinquent over zijn naderende einde: "Het is een cadeautje om zelf het moment te kiezen waarop je afscheid neemt."
De toon wordt pas echt vreemd als hij lijkt te reageren op de publieke opinie: "Wat wil je dat ik doe, in huilen uitbarsten! Niet leuk! Het is het niet waard!" Het schetst een beeld van een man die tot het laatste moment weigerde de ernst van zijn daden onder ogen te zien.
Echtheid onduidelijk
De brief kwam boven water nadat The New York Times een officieel verzoek indiende bij de rechtbank. Opvallend genoeg zat dit briefje niet in de enorme stapel documenten die eerder dit jaar openbaar werd gemaakt; het maakte namelijk deel uit van het strafdossier tegen Epsteins celgenoot.
Hoewel de rechter de brief heeft vrijgegeven, hangt er nog wel een dikke waarschuwing aan: niemand durft met 100% zekerheid te zeggen dat de krabbels daadwerkelijk uit de pen van Epstein kwamen.
Zowel de krant als de rechtbank hebben de echtheid van het handschrift (nog) niet officieel kunnen verifiëren. Maar mocht het echt zijn, dan is het een ijzingwekkend kijkje in het brein van de man die jarenlang wegkwam met de meest verschrikkelijke misdrijven.