Column

Leon Verdonschot: 'Van Rooijen is 84, maar heeft het voornemen zich opnieuw verkiesbaar te stellen voor de Eerste Kamer'

'In ruim een halve eeuw één keer van partij wisselen: dat lijkt me inmiddels een proeve van vooroorlogse loyaliteit'

Florine Holtman
2 minuten
Column Leon Verdonschot

Beste Martin van Rooijen,

Ruim vijftig jaar geleden haalde u het nieuws: u was in 1973 als staatssecretaris in het kabinet-Den Uyl de jongste bewindspersoon ooit. En nu lijkt u weer het nieuws te gaan halen: u bent inmiddels 84, maar heeft het voornemen uzelf opnieuw verkiesbaar te stellen voor de Eerste Kamer. Als u opnieuw in de senaat komt, bent u op het eind van uw volgende periode de oudste senator ooit. 

Dat bent u voor een ándere partij dan tijdens uw vorige record: toen was u nog van het CDA, nu van 50Plus. Maar in ruim een halve eeuw één keer van partij wisselen: dat lijkt me inmiddels een proeve van vooroorlogse loyaliteit. Als ik de namen zie van alle mensen die cirkelen rondom de nieuw op te richten partij van Mona Keijzer en daarachter steeds een lijst partijnamen die allemaal beginnen met ‘ex-’, bent u daarmee vergeleken zo trouw als een hond. 

In het Algemeen Dagblad stond afgelopen week een fraai portret van u, met daaronder liggend de vraag: waarom zou u niet gewoon eens wat rustiger aan willen doen en van het leven genieten met uw vrouw en kinderen? Uw voormalige collega Henk Krol had daar een glashelder antwoord op: ‘Voor Martin is politiek genieten, het is zijn leven.’

‘Als ik zie hoe Bernie Sanders op zijn 84ste nog net zo fel en strijdbaar is als op zijn 24ste vind ik dat niet verdrietig, maar zeer inspirerend’

Het deed me denken aan een groot interview met radio-icoon Felix Meurders in de Volkskrant, enkele dagen eerder. Meurders, net tachtig geworden, raakt per 1 januari zijn muziekradioprogramma FM op 5 kwijt en vindt dat verschrikkelijk. Van Meurders zou je hetzelfde kunnen zeggen als van u: stop eens met werken, maar hij zegt in dat interview: ‘Mijn werk is mijn enige hobby.’

De reacties op sociale media lieten zich raden. Die zijn met name gebaseerd op twee overtuigingen. De eerste is dat er meer, en belangrijkere zaken, in het leven zijn dan werk. Ontspanning bijvoorbeeld, of zingeving. De tweede is dat er een tijd van komen is en van gaan, en dat voor mensen van tachtig op werkgebied de tijd van gaan wel is gekomen.  

Martin van Rooijen.

Maar voor sommige mensen ís werk ontspanning, én zingeving. En wie op zijn tachtigste nog in een senaat of radiostudio wenst te zitten, wil dat volgens mij doorgaans niet omdat hij een jaar of vijftien vergeet de post van zijn pensioenfonds te openen, maar omdat hij dat écht graag doet. Als ik zie hoe de Amerikaanse senator Bernie Sanders op zijn 84ste nog net zo fel en strijdbaar is als op zijn 24ste vind ik dat niet verdrietig, maar zeer inspirerend. Natuurlijk zou het sneu zijn als de toekomst van zijn partij alleen van zijn generatie af hing, of als hij de doorgroei van jongeren zou afremmen. Maar ‘diversiteit’ lijkt me niet alleen een kwestie van gender of culturele achtergrond, maar ook van leeftijd. Ik wil tieners én tachtigers in het parlement, en op de radio. 

Bovendien: inmiddels is in Nederland meer dan de helft van de kiezers 50-plus. Dat is dus geen statement meer. 80-plus: dat wel. 


Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct