Bart Nijman
Column

Bart Nijman: 'Het nadeel van generalisaties is dat je altijd kans hebt tegen een uitzondering aan te lopen'

'Pas drie jaar in Nederland, spreekt meer dan behoorlijk Nederlands, en was beleefder dan de gemiddelde hoofdstedeling vandaag de dag'

Bart Nijman
2 minuten
Column Bart Nijman
Bart Nijman

Het nadeel van generalisaties is dat je altijd kans hebt tegen een uitzondering aan te lopen. In dit geval een kapper uit Syrië, die me weer een beetje toonbaar maakte. Pas drie jaar in Nederland, spreekt vloeiend Engels en meer dan behoorlijk Nederlands, en was beleefder dan de gemiddelde hoofdstedeling vandaag de dag. Zit je dan, met je migratie-kritische mores, om geknipt en geschoren te worden door iemands droevige levensverhaal.

Hij kwam uit As-Suwayda, een stad in Jabal al-Druze – het Druzengebergte – in het zuiden van Syrië. Dezelfde stad waar de militairen van president Ahmed al-Sharaa en regeringsgezinde rebellen vorig jaar zomer een bloedbad aanrichtten onder de druzen, voornamelijk omdat ze geen moslim zijn. Broer naar Dubai, ouders kunnen en willen niet weg.

Hij fluisterde een beetje, alsof er mensen zouden meeluisteren, maar er was verder niemand in de zaak waar ik op de bonnefooi was binnengelopen. Twaalf jaar oorlog was genoeg geweest. ‘Geen hoop, geen geld, geen verbetering.’ Hij vertrok nog voor de val van Assad. ‘Het ging daarvoor al meer en meer de verkeerde kant op, mede door de herrijzenis van IS,’ vertelde hij.

‘Het vervelende van mensen die op zoek zijn naar een beter leven, is dat je iedereen een beter leven gunt’

In Syrië was hij ook al kapper, maar studeerde voor architect. Een opleiding die hij in Nederland vanaf het eerste jaar opnieuw zou moeten doen, maar waarvoor hij geen tijd of geld heeft. ‘En eerlijk gezegd, ook niet genoeg motivatie op dit moment.’ Hij heeft woonruimte en een baan, even genoeg voor nu. ‘Misschien later.’ Nederlands leren was wel lastig, in Amsterdam. ‘Niemand spreekt hier Nederlands!’

Het vervelende van mensen die op zoek zijn naar een beter leven, is dat je iedereen een beter leven gunt. Het vervelende van grootschalige, grotendeels ongecontroleerde migratie uit niet-westerse, Arabische en Afrikaanse landen en gebieden, is dat je iedere Nederlander óók gunt dat ons land herkenbaar blijft. Vrij, veilig, van te sterk afwijkende culturen en naargeestige religieuze dogma’s gespeend.

De manier waarop mijn Syrische gelegenheidskapper op fluisterzachte toon vertelde over de vrees voor zowel IS als de regering van Al-Sharaa, herinnerde eraan dat hij ook al een minderheid was in zijn eigen geboorteland. En misschien wel dat ie zich zelfs in Nederland niet volledig senang voelt, gezien de grote aantallen (islamitische) Syriërs.

Of vanwege westers beleid jegens het huidige Syrische regime: ‘Al-Sharaa is een jihadi, hij was een leider van Al-Qaeda! En nu? Op bezoek in Washington en Brussel! Baard geknipt. Jasje aan. Weten zij wel met wie ze zaken doen?’

Een rare patstelling, eigenlijk: als hij hierheen vlucht, brengt hij een levende herinnering van tribale strijd mee. Maar zijn besef na aankomst was dat de grootste dreiging voor hem als druus onderhandelt met onze leiders. De wereld is klein. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje.


Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct