Door: jwevertz
Artikel
16

De moordmakelaar. Portret van Fred R. die opdracht gaf tot de liquidatie van Thomas van der Bijl

Hij zou er een heuse dodenlijst op na houden. Nu moet de boomlange ex-voetballer Fred R. terecht staan vanwege de fatale...

Hij zou er een heuse dodenlijst op na houden. Nu moet de boomlange ex-voetballer Fred R. terecht staan vanwege de fatale aanslag op Thomas van der Bijl. Maar wie is hij en wat is zijn methode? ‘Fred laat geen losse eindjes achter.’ 'Ach man, dat méén je niet,’ zegt een geschokte Jan van Halst, ­algemeen directeur van FC Twente, voet­balanalist en ex-profvoetballer. ‘Het komt vaker voor dat jongens uit de voetballerij in of op het randje van de criminaliteit terechtkomen, maar van Fred had ik dat totaal niet verwacht. Een hartstikke aardige vent.’

Over het verleden van Fred R., die wordt verdacht de opdrachtgever van de moord op Thomas van der Bijl te zijn, is weinig ­bekend. Maar zijn voetballeven valt redelijk goed te reconstrueren. De op 26 oktober 1968 in ­Hilversum geboren R. was een verdienstelijk amateurvoetballer die bij onder meer FC Utrecht, Blauw Wit en FC Volendam ­speelde en dicht tegen de profstatus aanzat. In 1986 speelde hij een jaar lang met Van Halst in het zogenaamde C-elftal van FC Utrecht, ook wel FC Utrecht 2 genoemd. ‘Fred kwam als voetballer wat stuntelig over, maar het was een krachtmens, een beer van een kerel,’ vertelt Van Halst. ‘Hij kwam weinig aan spelen toe, werd niet de topper die FC Utrecht misschien had verwacht. Ik trainde met hem en zelf was ik heel fanatiek, maar Fred interesseerde het weinig als hij niet werd opgesteld.’

Van Halst vervolgt: ‘Fred was een sfeer­maker. Boomlang, zag er goed uit. Hoewel hij verdediger was, werd hij ook wel eens in de aanval geposteerd in een rol à la John van Loen. Maar scoren deed hij niet veel.’

In datzelfde jaar zat ook André Gieling, oud-Ajacied en spelersmakelaar, bij R. in het team. ‘Ik ben nog wel eens bij zijn ouders thuis in Hilversum geweest toen hij zijn verjaardag vierde,’ herinnert Gieling zich. ‘Een ­vrijstaande woning, keurig gezin. Als je me toen zou hebben gezegd dat hij later in verband zou worden gebracht met criminaliteit, zou ik het niet hebben geloofd. Ik reed een tijdje, samen met Jantje van Halst, met hem mee, want ik had toen geen rijbewijs. Fred reed in zo’n snelle Golf met een geluidsinstallatie die zó in de iT had gepast. Maar een echte patser vond ik hem niet. Het was een relaxte gozer.’

Jan van Halst: ‘Hij was vrij rustig, maar kon ook wel uit zijn dak gaan.’

Dat R. een heetgebakerde kant heeft, blijkt bij een volgende club, Blauw Wit, waar hij toevallig weer met Gieling komt te spelen. Het is het seizoen 1994/1995. Bij een wedstrijd tegen ZPC komt Fred in een duel met een middenvelder ten val, staat op en geeft de jongen een kopstoot. Die verkoopt hem een rechtse hoek terug. Het blijkt te gaan om een ex-Nederlands kampioen boksen die ooit ­Regilio Tuur versloeg, vertelt Gieling. ­‘Toevallig een vriendje van mij. Ik vroeg me bezorgd af of Fred wel wist met wie hij van doen had, maar daar denk ik nu wat anders over...’ Beide spelers worden van het veld gestuurd, het incident loopt met een sisser af.

Tegen deze tijd heeft R. zijn Golfje verruild voor een Porsche. Dat wekt belangstelling en misschien ook wel afgunst op bij de club. Het eigenaardige gerucht doet de ronde dat Fred zijn fraaie bolide aan ‘het verlenen van seksuele gunsten’ heeft te danken. Maar dat kan natuurlijk ook de bekende voetbalhumor zijn geweest.

Binnen zonder kloppen

Hoe R. in het criminele milieu verzeild is geraakt, is niet bekend. Maar zeker is dat hij als portier heeft gewerkt op en rond het Leidseplein. Samen met onder anderen Siem Wulfse, voormalig Sterkste Man van de ­Wereld, zou hij daar een aantal ‘deuren’ hebben gehad, zoals dat heet. Het is een omgeving waar de overstap naar de criminaliteit snel is gemaakt. Zo worden in deze kring jongens geronseld voor incassoklussen in het genre ‘binnen zonder kloppen’. Een getuige in de zaak-Van der Bijl zal verklaren dat Fred wel eens ‘geld ophaalde’ voor ene Paultje die een loods in Leidschendam – de woonplaats van R. – bezit. ‘Paul kreeg geld van twee kampers en daar heb-ie Fred toen voor gebruikt.’

Een laatste voetbalclub waar R. wordt gesignaleerd is Sporting Noord, een echte volksclub in Amsterdam-Noord. ‘Een getapte gozer en altijd heel beleefd naar het bestuur toe,’ zegt secretaris Freek Speet. ‘Het is een jaar of tien geleden geweest dat Fred hier speelde, maar hij kwam nog wel eens langs. Ik had geen idee waar hij zich mee bezighield en heb hem er ook niet naar gevraagd.’ Maar Freek is toch een goede vriend van Fred? ‘Nee, u bent in de war met mijn neef, die is voorzitter van onze club en heet ook Freek.’

Het blijkt te gaan om Freek Geukens. Die is inderdaad al zestien, zeventien jaar bevriend met Fred, vertelt hij, en is zelfs met de familie R. op vakantie geweest in Spanje, waarover dadelijk meer. Ook deze Freek, van beroep automonteur, is vol lof over R. die volgens hem in de ‘stoffenhandel’ zou hebben ­gezeten. ‘Fred is geen domineeszoon, maar als hij bij moord zou zijn betrokken, zou me dat zeer verrassen.’

Bij Sporting Noord eindigt voor zover we kunnen nagaan de voetbalcarrière van Fred R.. De top heeft hij niet gehaald. Maar dat geldt wel voor zijn andere loopbaan, die in de criminaliteit.

Doorgeladen wapen

Op 3 augustus 2006 wordt R. op de onder Nederlanders populaire camping L’Empordà, bij het dorpje L’Estartit aan de Costa Brava, gearresteerd. ‘Hij werd gewoon onder de ­douche vandaan getrokken,’ zegt vriend Geukens. ‘Zijn koffers stonden al gepakt, we zouden die dag vertrekken.’ Fred, die naar de camping is gekomen in een opvallende gele Hummer, is aangehouden wegens betrokkenheid bij de moord op Thomas van der Bijl, die op 20 april 2006 werd geliquideerd in zijn café De Hallen in Amsterdam. Van der Bijl gold als een old gun in het milieu en een vertrouweling van de Heineken-ontvoerders. Niet lang voor zijn dood is Van der Bijl gaan praten met de inlichtingendienst van de ­recherche omdat hij zich bedreigd voelde door Willem Holleeder.

Dwight S.

Volgens de kroongetuige van het Openbaar Ministerie, Peter la S., is het Holleeders ­compagnon Dino S. (alias De Commissaris) die een dodenlijst heeft gemaakt waarop ook Van der Bijls naam staat. Fred R., die eveneens een bekende is van Dino, zou de co-­aannemer van deze lijst zijn geweest en de moord ­hebben uitbesteed. Twee duo’s zijn bij de uitvoering betrokken: Alex de B. en Nico H., die zich terugtrekken, en Remy H. en Dwight S.. De laatste zal uiteindelijk de fatale schoten ­lossen. Allen wijzen Fred R. aan als degene die de voorbereidingen trof, de wapens leverde en de opdracht verstrekte.

Na de spectaculaire arrestatie van R. wordt beetje bij beetje meer bekend over zijn handel en wandel. Waarbij het opvalt dat R. regel­-­matig wordt verdacht van zware misdrijven, maar zelden is veroordeeld. De bekendste zaak is die van de wapenvondst in de ­woning van Katja ­Schuurman in Vinkeveen.

In januari 2003 trekt R. bij een benzinestation de aandacht van een politieagent die een vreemde bobbel onder zijn shirt ontwaart. Het blijkt een doorgeladen wapen te zijn. Ook in R.’s auto worden vuurwapens gevonden. Enkele dagen later wordt huiszoeking gedaan in de Vinkeveense villa die Fred heeft gehuurd via de beruchte crimineel Greg R., de vader van de al even notoire Jesse en Reggie – allen goede ­bekenden van Fred. In het huis wordt een wapen­arsenaal gevonden waarmee een klein land een oorlog kan beginnen. Volgens La S. zou Fred R. pogingen hebben ondernomen een wapenhandelaar, Sjakie B., de schuld in de schoenen te schuiven. Ook de Hilversumse zware jongen George van Dijk zou door Fred zijn gepushed de wapenvondst op zijn schouders te nemen, maar hij weigert. Daarop zou ook Van Dijk door R. op de doden­lijst zijn gezet.

Maar Fred R. komt weg met tien maanden gevangenisstraf, hij wordt slechts veroordeeld voor de wapens die hij bij zich had. R. blijkt dan al eerder voor over-­treding van de vuurwapen­wet te zijn veroordeeld. ‘Daar staat mij niets van bij, dus het zal niet veel ­hebben voorgesteld,’ ­rea­-geert zijn advocaat Peter Plasman. Of zijn client voor andere delicten, zoals afpersing en drugshandel, is veroordeeld? ‘Nee, alleen voor de verkoop van nep-softdrugs.’

Een andere zaak waarin R. verdachte was, is de moord op het Priempad bij Zeewolde in 1998. Daarbij komt Arturo Ritfeld om het leven en wordt een andere crimineel zwaar-gewond. ‘Arturo had een grote partij wiet achterover gedrukt en dat moest worden uitgesproken. Het gesprek is uit de hand gelopen,’ zegt een rechercheur die bij het onderzoek was betrokken. R. wordt aangehouden in het plaatsje Rosas, bij Barcelona, waar hij met zijn gezin in een pension zit onderge­doken. Bij een zoeking in de woning van R. worden valse dollarbiljetten aangetroffen, vertelt de rechercheur. Ook zou de familie van R. actief zijn geweest bij het verdonkeremanen van bewijs­materiaal. Plasman: ‘Staat mij niets van bij, maar dat wil niet zeggen dat het niet waar is.’

In eerste aanleg wordt R. veroordeeld tot zeventien jaar gevangenisstraf. Maar in hoger beroep blijkt dat justitie heeft gerommeld met de verklaring van een informant en wordt het OM niet-ontvankelijk verklaard. ‘Ik ben ervan overtuigd dat Fred bij de schietpartij was,’ zegt de ­rechercheur. ‘Toen hij werd aangehouden had hij een verwonding aan zijn hand en het vermoeden was dat het vuurwapen in zijn hand was geëxplodeerd. Maar ik geloof niet dat Fred de dodelijke schoten heeft gelost.’ Volgens de rechercheur is R. ‘een grote jongen in het drugsmilieu; iedereen knijpt ’m voor hem. Fred is door deze zaak echt groot geworden, want hij heeft altijd gezwegen en als je je bek houdt, is dat binnen het milieu iets wat respect afdwingt.’

En dan is er nog een derde zaak. Het betreft de aanslag met een handgranaat op de motorzaak van Ad en Mieke Maasen in Alphen aan den Rijn. Mevrouw Maasen is goed bevriend met de gedetineerde overvaller Mike Verfuurt, die bekend staat als een rasoplichter. Verfuurt, die ook een rol speelt als getuige in de zaak-Mink K., heeft tal van schulden bij figuren in de onderwereld, maar stuurt zijn schuldeisers vriendelijk door naar de motorzaak. Een van deze schuldeisers is Fred R. In de zomer van 2004 wordt een tasje met een granaat aan de deur van de motorzaak gehangen. Een waarschuwing. In december van dat jaar vliegt er daadwerkelijk een granaat door de winkel.

Maar alle verdachten worden door de Haagse rechtbank vrijgesproken. Het hoger beroep gaat binnenkort van start. R. hoeft zich niet meer te verantwoorden voor de aanslag, want ook het OM is van mening dat hij daar niets mee te maken heeft. Wel moet hij nog terechtstaan voor poging tot afpersing en bedreiging van Mike Verfuurt.

Bonte stoet dames

Sterk, stoer en succesvol. Een macho, een alfa­mannetje. Dat is het imago van Fred R.. Hij weet de vrouwtjes met gemak om zijn vingers te winden. Zelfs in de gevangenis. Zo leert hij in bajes de zus van Dwight S. – de moorde­naar van Van der Bijl – kennen; zij werkt er als kapster. Mireille S. wordt na een onenightstand voor bewezen diensten ­bedankt. Via haar heeft R. dan al contact gelegd met broertje Dwight, een volgens diens advocaat Theo Hiddema ‘geestelijk ­onvolgroeide ziel’ die naar eigen zeggen onder druk van R. de moord pleegde.

In het strafdossier passeert een bonte stoet dames de revue. Als Fred zijn veroveringen meesleept naar een hotel, kijkt hij niet op een paar centen: hij boekt meteen de bruids-suite. Enigszins risicovol voor de dames is een affaire wel. Een vriendinnetje heeft, zo blijkt de politie bij een huiszoeking, ergens tussen haar Louis Vuitton-tasjes een vuurwapen liggen dat zou toebehoren aan R.. De BMW waarin zij rijdt, is door Fred geleverd, maar blijkt te zijn verduisterd. Uiteraard heeft Fred ook een sensitieve kant; hij is dol op zijn ex-vrouw en kinderen.

Maar niet alleen op vrouwen oefent Fred R. een magnetische aantrekkingskracht uit, ook op mannen die het net als hij willen maken in het milieu. Dat komt treffend naar voren in de verhoren van Alex de B., een slungelige boef met een drugsprobleem die aanvankelijk door R. is gerekruteerd om Van der Bijl te vermoorden, maar het laat afweten. Net als bij de zus van Dwight S. wordt het eerste contact gelegd in de bajes. De methode-Fred: eerst inpalmen, daarna onder druk zetten, ten slotte bedreigen.

Zeven maanden zit Alex de B. op een afdeling met R. in de gevangenis in Heerhugowaard. ‘Fred had aanzien,’ verklaart Alex. ‘Ik keek ­tegen Fred op, hij had me een hele hoop ­dingen geleerd, wijze dingen. Ik keek tegen hem op omdat het een man is die een goed uiterlijk heeft, knappe kop. Die bewaaksters daar vonden hem allemaal te gek. Een sterk lijf. Hij heeft centen. Dat zijn dingen daar kijken mensen tegenop... ook anderen.’

In de gevangenis zit het alfamannetje Fred boven op de apenrots. ‘Het is heel simpel,’ legt Alex uit, ‘Als iemand aan het trainen is op de luchtplaats op een bepaald bankie en niemand gaat op dat bankie zitten, omdat ze weten dat hij aan het trainen is… nou, dat zegt al genoeg.’ Alex noemt Fred dan nog ‘een goede man. Hij heeft mij heel goed geholpen daar. Wij zaten altijd met zijn vieren te eten van zijn geld.’

Langzaam raakt de born loser verstrikt in het web van R.. Wanneer R. vrijkomt, belt hij Alex op, die klusjes voor hem gaat doen in de tuin en ‘50 euro, 100 euro voor een dagje werk of zo’ krijgt. Alex haalt ook auto’s op voor Fred die inmiddels partner is geworden bij Total Trust, een dubieus bedrijf uit Assen dat is gespecialiseerd in de lease en verkoop van luxewagens. De directeuren ­waren niet (meer) bereikbaar voor commentaar. In de mooie leasebakken – BMW’s, Audi’s, ­Mercedessen – mag ook Alex de B. rijden. Tevens verricht hij huishoudelijk werk bij de familie R. in Leidschendam. Soms wordt het zelfs voor Alex een beetje gênant. Dan moet hij ‘75, 80 kilometer rijden om alleen maar te stofzuigen bij R..’ Alex kreeg geregeld ‘mazzeltjes’ van Fred, vertelt hij, ‘zoals een paar mooie schoenen.’

Babydoekjes van Zwitsal

Het leven van een topcrimineel heeft ook nadelen. De woning van R. is zwaar ­ beveiligd met detectiecamera’s. ‘Er hangt een televisietoestel naast zijn bed met vier vakjes, voor vier camera’s, en beneden in de keuken hetzelfde. Zodra die dingen iets detecteren komt er een rood lampje in beeld,’ verklaart De B.. ‘Alles was verder beveiligd met vijfpuntssloten en extra lampen om onverlichte hoeken te belichten.’

Voor Fred R. is argwaan een tweede natuur geworden. ‘Hij staat zóóó vaak te kijken of er mensen... of hij bekeken wordt, of hij wordt gevolgd. Als ik bij zijn huis kwam, vroeg hij me standaard: ben je gevolgd? Bij een stoplicht stopte hij 4 à 5 meter achter de auto voor hem, zodat hij altijd weg kon rijden.’ R. is nu eenmaal een perfectionist. Een vriendin: ‘Hij heeft altijd babydoekjes van Zwitsal bij zich. Die gebruikt hij om zijn auto schoon te maken. Ook wil hij nooit vieze handen hebben.’

In februari 2006 heeft Alex de B. een house­warming party georganiseerd. Er wordt hoog bezoek verwacht: Fred R. ‘Hij kwam rond een uurtje of negen of tien, hij reed in een hele vette auto, zo’n asobak,’ verklaart Alex’ vriendin Esmeralda. ‘Fred kwam, dus het huis moest echt... eh... als het al schoon was moest het nog drie keer schoner, zeg maar. Alles om maar indruk te maken op Fred of zijn goed­keuring te krijgen. Fred was god.’ Ook Nico H., een vriend van Alex die nog een bivakmuts zal regelen voor de aanslag op Van der Bijl, is op het partijtje. ‘Fred had miljoenen. Toen Alex vrijkwam, had hij een jasje van Fred aan. Het was Fred voor, Fred na.’

Vier bekentenissen

Alles heeft zijn prijs. In ruil voor de ‘­mazzeltjes’ en de gunst van R. moet Alex de B. de moord op Van der Bijl voorbereiden en plegen. Hij verrijdt regelmatig de vluchtauto en ­observeert het slachtoffer bij café De Hallen. ‘Ik keek zo erg tegen die man op dat ik geen nee dorst te zeggen.’ Volgens De B. heeft R. ‘meer dan tien’ moorden op zijn geweten. ‘Fred zei: sommige mensen kunnen het. Je moet gewoon gevoelloos wezen. Jij kan het niet. Daar moeten we aan gaan werken. Anders kun je geen crimineel zijn.’

Maar de angstige Alex frustreert bewust het moment suprême, bijvoorbeeld door ‘heel sneaky’ zijn simkaart uit zijn mobiel te halen, zodat R. hem niet kan bereiken. ‘Fred was witheet!’ Ten slotte weet hij zich ­definitief aan de opdracht te ont- ­trekken, waarna R. twee andere sukkels voor zijn ­karretje spant die de moord plegen. Althans, dat is het beeld dat uit het dossier oprijst.

De zaak ziet er in elk geval niet rooskleurig uit voor R.. De vier ­medeverdachten (Nico H., Alex de B., Remy H. en Dwight S.) hebben allemaal bekentenissen afgelegd en verteld over de leidende rol van R.. Daarnaast zijn er de verklaringen van kroongetuige La S. die R. ook in verband brengt met andere ­(pogingen tot) liquidaties. Zaken die hem overigens nog niet door justitie ten laste zijn gelegd. En wat zegt Fred R.? Hij doet er het zwijgen toe.

Ondertussen zit de schrik er bij zijn voor­malige partners in crime goed in. ‘Ik ga er echt aan, neem dat van mij aan,’ verklaart Alex de B.. ‘Zodra ik buiten kom, zodra hij weet dat ik weer vrij ben. Hij heeft het ook tegen me gezegd: al kost het me een miljoen, als jij gaat babbelen, ga je eraan. Al moet ik er een ton voor uitgeven om informatie te krijgen van justitie, bij politie, wat dan ook, ik hoor alles. Hij hóórt ook alles. Er zijn zat politiemensen die voor de bijl gaan voor een ton.’

Ook schutter Dwight S. zou door R. onder zware druk zijn gezet. R. dreigde zijn zus Mireille iets aan te doen. ‘Dat hij haar mee zou nemen naar een afgelegen gebied als het niet snel zou gebeuren,’ verklaart Dwight. ‘Dat zei Fred op de avond voor de liquidatie, op 19 april. En niemand zou erachter komen. Dat was heel makkelijk voor hem.’

Misschien vat Remy H. de wijze van ­opereren van Fred R. nog het meest kernachtig samen: ‘Fred laat geen losse eindjes achter.’ n

‘Ik rende voor wat ik waard was…’

‘Duidelijk hoorbaar kwam er iemand op zo’n 50 meter afstand op mij af. Op dat ­moment besefte ik dat ik, als ik niet weg kon komen, ter plekke de dood zou ­vinden. Ondanks mijn kogelwerend vest dat ik die avond droeg. De man achter mij

leek vastberaden om mij door het hoofd schieten. Ik rende voor wat ik waard was. Een zo diep en donker mogelijk gedeelte van het weiland in.’

Aldus een passage uit een nog te publiceren boek van de Hilversumse crimineel George van Dijk. De man die het op zijn leven had gemunt, zou die avond in een BMW hebben gereden die volgens Van Dijk toebehoorde aan Greg R. en Fred R., zijn aarts­vijand. Van Dijk zou op een dodenlijst van Fred R. staan. Zijn verhaal wordt ondersteund door kroongetuige Peter la S. die vertelt dat Fred R. hem vroeg een wapen te ­leveren aan een Albanees die Van Dijk moest omleggen. Dit mislukte. Fred R.’s advocaat ­Plasman: ‘Mijn cliënt heeft hierover nog niets van het Openbaar Ministerie gehoord.’

december 2007, Stan de Jong

Word nu abonnee van Revu!

JA, IK WORD NU ABONNEE!