Artikel
7

Haldern Pop: Het verslag

Haldern Pop staat al jaren bekend om de scherpe programmering. Het is de plek waar ontdekkingen worden gedaan en oude ve...

Haldern Pop staat al jaren bekend om de scherpe programmering. Het is de plek waar ontdekkingen worden gedaan en oude vertrouwden worden omarmd. Wordt die status dit jaar bevestigd? Norbert Pek schreef exclusief voor NieuweRevu.nl een verslag waarin onder andere Two Door Cinema Club, Alt-J, Daughter, Wilco, tUnE-yArDs, The Maccabees en The Afghan Whigs voorbij komen. De foto’s bij het verslag zijn gemaakt door Jorn Zijlstra. Het is zaterdag bijna twee uur ‘s nachts. Op het hoofdpodium van Haldern Pop is Wilco bezig met de slotaccoorden van een kwalitatief hoogstaand optreden, want daar heeft de band van Jeff Tweedy zoals altijd de muzikanten voor. De vonk slaat halverwege het optreden helemaal over tijdens het uitgesponnen The Art Of Almost. Maar de gedachten van de vele popnerds die op het festival rondlopen gaan al langzaam uit naar het optreden in de Spiegeltent, een idyllische locatie met beperkte capaciteit. De muziek van de band die daar zal spelen is al dagenlang op het liefhebbersfestival te horen. Het debuut heet An Awesome Wave. De band is Alt-J uit Leeds. Het publiek dat al geruime tijd in de tent wacht, wordt beloond. Niet door de podiumpresentatie, want die heeft Alt-J niet. Het zijn vier übernerds die geconcentreerd het geluid van dat debuut benaderen. De folky nummers met warme electronica, pianoloopjes en net zo eigenwijze als subtiele ritmes zweven bezwerend door de ruimte. Het lijken songs die alleen maar in een universiteitsstad geboren kunnen worden: elke klank is doordacht en uiterst effectief. Meer dan de nummers van het debuut wordt niet gespeeld, dus na 40 minuten wordt voorzichtig naar het publiek gezwaaid. Het is het einde van een overweldigende festivaldag. Een die de andere twee overtreft.

Op de openingsdag lijkt Jamie N Commons een onbetwist hoogtepunt te worden. Als je zijn whiskeyraspstem hoort, denk je met een 60-jarige blueslegende te maken te hebben vol littekens op de ziel. Maar het is een 23-jarig joch met een vriendelijke kop die waarschijnlijk niets durft te zeggen als je voordringt in de rij bij de bakker. Goed, met zonnebril op ziet hij er gevaarlijker uit en is de muziek ook gevaarlijker. De geest van Tom Waits zweeft non-stop rond in de volle schurende bluesrock. De net zo band zweet met dikke druppels en is volledig op elkaar ingespeeld. Maar als halverwege de zonnebril van Commons afgaat komen opeens blekere liedjes voorbij die op Radio 2 hadden gekund. Jammer. Maar niet zo jammer als de show van indierockers The War on Drugs die volgt. De oude band van Kurt Vile is zo ongeïnspireerd dat het lijkt alsof ze voor drie dove bejaarden speelt. Zelfs het sterke Baby Missiles komt er futloos uit. De heren moeten in de leer bij Charles Bradley. Echte hits heeft deze oude soulman niet, maar dat compenseert hij met een zang als een oerschreeuw en die typische gezichtsuitdrukking waarbij het lijkt alsof hij non-stop van begeestering in huilen kan uitbarsten. De band blijft de laat doorgebroken Bradley als legende presenteren, wat goed is voor de entertainmentwaarde. Op het eind deelt de door en door bezwete Bradley knuffels uit aan het vervolgens evengoed kletsnatte publiek. Ook plezant, eerder die dag: de folky pop van Ewert & The Two Dragons.

Two Door Cinema Club was de band waar de tweede festivaldag naar werd uitgekeken. Overdag hadden Wye Oak en Other Lives al sterke optredens gegeven op het podium, en waren Dan Mangan en Ben Howard slechts bij vlagen interessant, maar een echte headliner werd node gemist. Kan Two Door Cinema Club zo’n grote show, twee jaar na de release van het debuut Tourist History, dragen? Ja dus. Geregeld merkte iemand in het publiek op dat de band een greatest hits-show speelde. Dat krijg je als op je debuut geen slecht nummer staat, maar tien gewonnen wedstrijden. De energieke overmelodieuze popsongs worden fel gespeeld. Het werk van de rustigere tweede plaat Beacon (die begin september verschijnt) sluit goed aan in de set. De nummers zullen geen uitzinnige reactie losmaken zoals I Can Talk en Undercover Martyn, maar zorgen wel dat de Noord-Ieren een volwassener, meer gebalanceerde show geven. Toch is er een glazen plafond dat ervoor zorgt dat Two Door Cinema Club live niet met de wereldtop zal meespelen: de te dunne zang van Alex Trimble. Vooral de eerste nummers worden de zinnetjes er met veel te weinig decibellen uitgedrukt. Maar de speelvreugde en de sterke set van de band slaat op Haldern over tot feestvreugde in het publiek. Een compleet andere reactie dan bij Daughter dat eerder die dag in de Spiegeltent staat. Singer/songwriter Elena Tonra en haar band zorgen dat iedereen ademloos toekijkt en zich uiteindelijk een voyeur voelt. Qua zang is ze een subtielere versie van Florence Welch (die van The Machine) maar tekstueel is ze pijnlijk direct. De kwetsbaar ogende Tonra zingt nogal letterlijk over slechte relaties waarnaar ze terug wil en andere facetten van verloren liefde: ‘We both know I will never be your lover, I only bring the heat, company under cover, filling space in your sheets.’ Het is voor de muziekliefhebber te hopen dat de indrukwekkende Tonra nog jarenlang doodongelukkig blijft.

Onlangs zei Tom Barman in de Nieuwe Revu dat reüniebands de markt verzieken. Hij moet daarbij voorbij zijn gegaan bij The Afghan Whigs, waarvan zanger Greg Dulli vorig jaar nog als gast een spaarzaam lichtpuntje was op de ondermaatse dEUS-plaat Keep You Close. Op Haldern is The Afghan Whigs het ultieme hoogtepunt. De Amerikanen spelen vol en vurig. De aardig wat kilo’s afgevallen Dulli is weer de held die hij in 1993 was toen prijsalbum Gentlemen uitkwam. Daarvan barsten Fountain at Fairfax, Debonair, What Jail Is Like en het titelnummer in volle vaart van het podium. De soulvolle kant wordt benadrukt door werk van Black Love en 1965 en die geslaagde See And Don’t See-cover van Marie Lions. De strot van Dulli heeft in al die jaren niets aan kracht ingeboet. Dulli geeft deze avond alles. Het hoofdpodium is op de afsluitende dag sowieso the place to be. Tijdens het optreden van tUnE-yArDs staan opvallend veel muzikanten aan de zijkant om te zien hoe frontvrouw Merrill Garbus misschien wel de show van haar leven speelde. Allemachtig, wat is het knap wat ze doet. Ze loopt klanken van haar drum, ukelele en vooral haar volstrekt unieke zang die naar het Afrikaanse continent hint, waarna het nummer wordt uitgespeeld met de bassist en de twee blazers. Het viertal is op een schattige manier verbaasd door de lyrische publieksreactie. Bij afsluiter My Country is het hele veld verkocht en in beweging.

The Maccabees is voor de derde keer op het Duitse festival maar nu met het grootsere album Given To The Wild. Het was altijd al een bijzonder bandje, met die rare tempowisselingen en die ingehouden zang, maar door galm, zwierige pianoklanken en een paar ijzersterke nummers kan een volledige festivalweide worden omarmd. De band is gegroeid. Zanger Orlando Weeks zowaar wat extraverter. En Pelican is een grote festivalhit. Ook het Noorse Team Me gooit hoge ogen met New Pornographers-achtige popsongs die gespeeld wordt door enthousiast rondspringende bandleden. Levensgrote gekleurde balonnen worden vrolijk de lucht ingeslagen door het onbezorgde publiek. Team Me is een ideale festivalact. Patrick Watson staat voor zo ongeveer de tienduizendste keer op Haldern. De Canadees en zijn band zijn uiterst talentvol, maar de allerhoogste lat wordt deze editie niet aangetikt. De heren veroveren pas de harten wanneer ze na Alt-J om drie uur ‘s nachts in de Biergarten opduiken om - onder de invloed van drank, joints of andere lekkernijen - onversterkt te spelen met een publiek in een kring om hen heen verzameld. Ter plekke wordt een lied over gele sokken verzonnen. Het hippiegevoel komt tot een hoogtepunt als Man Under The Sea wordt meegezongen. Het is het einde van een festival dat andermaal indruk maakt met programmering en gemoedelijkheid. Als je vanuit een grote muziekliefde programmeert, krijg je er vanzelf een ideaal publiek voor terug. Bij rustige concerten was het muisstil, bij energieke shows ging men los. De kaartjes voor het volgende jaar kunnen alweer blind worden besteld.

Door Norbert Pek Foto's door Jorn Zijlstra

Gerelateerd nieuws