Door: Martijn Neggers
Artikel
5

Het beklaagdenbankje: 'Vingeren, strelen, kreunen, benen wijd...'

Iedere week wonen journalist Martijn Neggers en illustrator Jeroen de Leijer in de rechtbank een zitting bij waarin gewo...

Iedere week wonen journalist Martijn Neggers en illustrator Jeroen de Leijer in de rechtbank een zitting bij waarin gewone mensen ter verantwoording worden geroepen. Geen zaken die breed worden uitgemeten in de media, maar huis-tuinen-keukenleed. Deze week de beklaagde die een meisje gedwongen zou hebben hem pikant beeld te sturen via Whatsapp.

Illustratie Jeroen de Leijer

Alle drie de publieksbanken zijn gevuld met rechtenstudenten van het hbo die een dagje komen meekijken als V., gevolgd door zijn advocaat, zijn vrouw en zijn kind, binnen komt lopen. Hij knippert heel even met zijn ogen: zoveel publiek had hij niet verwacht. Omdat alle banken vol zitten, blijven zijn vrouw en zijn kind in de hoek bij de deur staan.

V. is een lekker vlotte jongen. Wat tatoeages, een paar vlotte armbanden en een hip jasje. Zijn haar zit in model en hij ziet er geschoren en verzorgd uit. Als hij niet hier in de rechtbank had gezeten, had hij net zo goed de linksbuiten van RKC Waalwijk kunnen zijn, of Telstar. Of de chef schoenen en broeken van Men at Work. Terwijl hij voorbij de publieksbanken wandelt, moet hij ogen in zijn rug voelen prikken. Hij zit vandaag voor dwang en chantage. Hij ziet wat bleek, alsof hij er al een tijdje slecht van slaapt, maar zijn oren zijn roodgloeiend.

Pikante filmpjes

‘Oké, meneer V.,’ begint de rechter. ‘Goed. Wat er gebeurd is, wat betreft de feitelijke handelingen, hebben we het hier over chantage als ik het zo snel zie. En er zijn wat foto’s waarop het slachtoffer dus ook daadwerkelijke, ehh… nou ja, ehh…’ De rechter verslikt zich een beetje in zijn woorden. Hij probeert zijn mondhoeken omlaag te krullen, maar zijn wangen worden een beetje rood. ‘Waarop ze ehh, nou ja, ehh, waar ze zelf ook, zeg maar, ehh, actief was. Ik zal de details laten voor wat ze zijn.’

V. staat terecht omdat hij een meisje gedwongen zou hebben pikante foto’s en filmpjes te sturen via Whatsapp. V. ontkent in alle toonaarden. Hij ademt zwaar en onrustig. Terwijl de rechter hem ondervraagt, wordt hij nog ongemakkelijker. Dan neemt de officier van justitie het woord. Scherp. Streng.

‘De aangever beticht de verdachte ervan berichten te hebben gestuurd via Whatsapp met een bepaalde toon van dreiging, waarin stond: jij moet filmpjes en foto’s van jezelf sturen. En die gaan echt heel ver. Die gaan over over allerlei andere seksuele handelingen: vingeren, strelen, kreunen, benen omhoog, wijd uit elkaar, ik noem er maar een paar. Die zijn geëist om aan de verdachte te doen toekomen.’ Terwijl de officier de hele rits aan seksuele handelingen opnoemt, worden V.’s oren roder en roder. Hij zakt een klein beetje in elkaar, maar probeert zijn rug recht te houden. Hij begint nog wat zwaarder te ademen. In de publieksbanken wordt een klein beetje gegniffeld als de officier het over wijdopengesperde benen heeft. De officier wil van geen ophouden weten. ‘Nou ja, en daarna heeft zij de Whats- App van de verdachte geblokkeerd, maar toen ging hij haar sms’en dat ze nog meer moest leveren en dat ze daar een uur voor had.’

Freubelwerkje

De advocaat, een soort belezen en welbespraakte versie van Emile Ratelband, hekelt op zijn beurt de gang van zaken bij de recherche. Hij noemt het onderzoek een freubelwerkje en verwijt de politie tunnelvisie. Hij wijst erop dat V. de telefoon in kwestie nog niet eens in bezit had toen de hele zaak begon te spelen, maar dat de politie er nooit aan gedacht heeft dat te onderzoeken. Hij pleit voor vrijspraak; hij denkt dat de identiteit van de verdachte is gestolen. ‘De seksueel getinte berichtjes, nu ja, de geilpraat, dat was allemaal via Whatsapp. Daar is op de telefoon helemaal niets van terug te vinden.’ Dan vervolgt hij: ‘Ik krijg zelf ook heel vaak Whatsapp-berichtjes, met filmpjes, en daar zitten soms ook schunnige dingen bij. Die wil ik helemaal niet zien en die verwijder ik dan meteen. Als ik dan later terugkijk?

Dan staan ze bij de afbeeldingen, bij de video’s, bij de foto’s. Hoe die daar komen, meneer de rechter? In de digitale wereld zijn er voor ons, gewone mensenleken, soms rare dingen aan de hand.’

De rechter knikt instemmend, begripvol haast.

Dan meldt hij dat hij even een paar minuten nodig heeft om na te denken en loopt via een zijdeurtje de rechtszaal uit. V. kijkt kort om zich heen, links en rechts van hem. Zijn oren zijn nog altijd wat donkerder dan de rest van zijn gezicht, maar ze gloeien niet meer. Zwijgend zitten ze naast elkaar, V. en Emile, in afwachting van het oordeel van het hof. Achterom durft hij niet te kijken. Langzaam tikken de minuten weg. Doodstil wacht V. af. Soms kijkt hij wat wanhopig in de richting van de deur waar de rechter straks uit zal komen.

Lekker, pik

Bij een van de dertig studenten gaat ineens in de koude stilte een telefoon af. Er wordt wat gegiecheld en wat gef luisterd. V. heeft het ook gehoord. Hij schrikt er een beetje van, maar durft niet om te kijken.

‘Lekker, pik,’ lacht iemand. Soms laait het gerumoer van de klas wat op, dan weer zakt het wat in. Emile plukt wat aan zijn toga. De officier van justitie doet alsof ze typt. Niemand kijkt elkaar aan, niemand kijkt naar meneer V. en meneer V. kijkt naar niemand. Nog nooit tikte de tijd zo traag weg.

Een minuut of tien later is de rechter weer terug. Hij beaamt dat het recherchewerk erg slordig was, het bewijs rammelt, en dat meneer V. nog altijd in een land leeft waar hij zijn eigen onschuld niet hoeft te bewijzen. De rechter vindt de bewijzen misschien wel wettig, maar verre van overtuigend. In combinatie met het volledig lege strafblad en zijn saaie burgermansbestaan krijgt V. het voordeel van de twijfel. Vrijspraak. Met opnieuw rode oren verlaat V. de rechtszaal.

Gerelateerd nieuws