Door: Peter Blasic
Artikel
15

Longread | Drugssmokkel in haven Rotterdam: ‘Er gaan doden vallen’

Drugssmokkel en corruptie gaan hand in hand in de Rotterdamse haven. Niet eerder werden er zoveel grote partijen heroïne...

Drugssmokkel en corruptie gaan hand in hand in de Rotterdamse haven. Niet eerder werden er zoveel grote partijen heroïne en cocaïne in beslag genomen. Maar dat is slechts het topje van de ijsberg. Peter Blasic sprak met drugssmokkelaars, die een exclusief inkijkje in hun werkwijze geven. ‘We zijn bereid om excessief geweld te gebruiken.’

Fotografie ANP

Volgens officiële cijfers is in de eerste helft van 2016 in de Rotterdamse haven al ruim twee keer zoveel cocaïne onderschept als in heel 2015. De omvang van de gemiddelde lading coke is in diezelfde periode verdubbeld. Onlangs nog wist de douane in de haven van Rotterdam een partij van achthonderd kilo te onderscheppen, verstopt in een container met noten uit Nicaragua. In juni van dit jaar was er al sprake van een monstervangst van vierduizend kilo, de op eenna-grootste ooit. De coke was verdeeld in 3.780 pakketten, die in dozen tussen andere dozen met ananas waren verstopt. De partij was goed voor een handelswaarde van zeker 140 miljoen euro, maar de straatwaarde ligt nog zeker twee tot drie keer zo hoog.

Topjaar

Ook andere Europese havens, zoals die van Antwerpen of het Spaanse Cádiz, laten een soortgelijk beeld zien, maar de partijen die via Rotterdam lopen zijn veel groter. De drugssmokkel via Rotterdam vindt ook gewoon veel vaker plaats, zo stellen politiediensten in heel Europa. Zo vaak zelfs dat 2016 een topjaar lijkt te worden voor de cocaïnevangst in Rotterdam.

‘Cocaïne is erg populair,’ zegt Danilo. ‘Op veel feestjes gaat een spiegel rond met lijntjes. Handig voor kerels die een nachtje gaan stappen. Snuiven ze eerst een f linke lijn coke, dan houden ze het langer vol. Maar er zijn ook veel vrouwen die graag cocaïne gebruiken.’

Danilo kan het weten. De kleine, maar gespierde Colombiaan van midden dertig heeft zelf menig lijntje gesnoven. Maar dat niet alleen. Zijn wilde tattoos laten zien in welke kringen hij in het Rotterdamse verkeert, en desgevraagd laat hij weten dat ook hij betrokken is geweest bij het smokkelen en verkopen van drugs. ‘Iedereen gebruikt het: van zakenlui tot kunstenaars en artiesten. Het is niet alleen iets van de onderwereld. Het is chic, het is stoer en gedurfd om een lijntje coke te snuiven. En er is makkelijk aan te komen.’

Dat er makkelijk aan te komen is, blijkt ook wel uit de grote hoeveelheden cocaïne die jaarlijks worden onderschept in de Rotterdamse haven. Duizenden kilo’s sporen douaniers jaarlijks op, maar dat staat waarschijnlijk in geen verhouding tot de partijen die onopgemerkt blijven. Ook elders in Europa is het prijs. Het Belgische dagblad De Standaard wist onlangs te melden dat de gemiddelde lading onderschepte cocaïne in de haven van Antwerpen verachtvoudigd is. Maar Rotterdam blijft de top. Zo erg zelfs dat Spaanse politie- en douaneautoriteiten klagen over de stortvloed aan drugs – heroïne om precies te zijn – die via Rotterdam hun land in komt.

De criminele wereld van Rotterdam draait op drugs. Veel grote rechtszaken in de havenstad draaien dan ook om drugs: om de smokkel ervan, handel erin of ruzie erover. De ene keer gaat het om heroïne, de andere keer om wiet. Dit jaar is bij een enkele vangst al 180 kilo heroïne aangetroffen en vorig jaar was de hoeveelheid in beslag genomen hennep bijna net zo groot als de hoeveelheid cocaïne. Toch wordt het grote geld verdiend met cocaïne. Het Latijns-Amerikaanse Colombia is daarbij volgens verschillende autoriteiten de belangrijkste coke-leverancier aan Europa; het land zou 42 procent van alle naar Europa gesmokkelde cocaïne produceren. ‘Veel daarvan komt het continent in containers binnen via de haven van Rotterdam,’ zegt Danilo. ‘En die containers bevatten steeds grotere partijen coke. Dat is niet zonder risico, omdat grotere partijen niet alleen meer opvallen, maar bij onderschepping ook grotere verliezen voor de misdaadsyndicaten betekenen.’

Kankerverwekkend

Volgens Danilo veroorloven ze zich toch grotere transporten omdat het aanbod in Colombia is toegenomen. ‘Daar zijn verschillende redenen voor,’ weet Danilo. ‘Ten eerste wordt er gewoon meer coca verbouwd. Dat komt doordat de Colombiaanse regering de velden sinds afgelopen jaar niet meer vanuit de lucht besproeit met bestrijdingsmiddelen. Die onkruidverdelger – glyfosaat – blijkt kankerverwekkend te zijn. Omdat de chemicaliën ook op de lokale bevolking terechtkwamen, wilde de Colombiaanse overheid af van die sproeivluchten.’ Met als gevolg een groeiende coca-oogst.

‘Een andere reden is de geleidelijke ontmanteling van de gewapende Colombiaanse verzetsgroep Farc,’ zegt Danilo. ‘Die controleerde een groot stuk van de cocaïneproductie en -handel om zijn activiteiten te bekostigen, en dat leverde regelmatig strijd op met andere drugsbendes in Colombia.’

Maar nu het vredesproces in het land op gang komt, is er minder strijd en dus doen de plantages het ook beter. ‘Maar dat betekent allemaal niet dat de Colombiaanse autoriteiten de strijd tegen drugs hebben opgegeven,’ zegt Danilo. ‘Ze hebben dit jaar al driehonderd ton cocaïne in beslag genomen, op de zwarte markt ruim acht miljard euro waard. Een gevoelige klap voor de kartels was ook de ontdekking van een mini-onderzeeër voor de kust van het departement Nariño, in het grensgebied met Ecuador. Die was volgestouwd met bijna een ton aan cocaïne, die meteen in beslag is genomen.’

De onderzeeër is daarbij maar een voorbeeld van de vele sluwe wegen die drugssmokkelaars bewandelen om het verboden goedje ongemerkt te transporteren. Volgens Jeichien de Graaff, perswoordvoerder van het Rotterdamse Openbaar Ministerie en sprekend namens het OM en de Rotterdamse politie, zijn er talloze manieren om drugs te smokkelen. Groot en klein. De Graaff: ‘We hebben mensen gevonden die met enige kilo’s drugs op hun lijf geplakt van een boot af liepen, tot onze grootste vangst ooit: 4600 kilo in enorme haspels met ijzerdraad die naar België moesten. Soms zijn de drugs helemaal niet verstopt, maar zitten ze gewoon in sporttassen die voor in de container zijn gelegd.’

Kermisattractie

Maar meestal worden de drugs wel ergens in verstopt. Zoals bijvoorbeeld vijfhonderd kilo in een kermisattractie, opgelost in soja, in buisjes in bananen, in tassen, in boomstammen, in aardewerken beeldjes, in nepf lessen whisky, in balen noten, in dubbele wanden, plafonds, vloeren, en naast vismeel,’ zegt De Graaff.

De smokkelaars zijn erg inventief. Zo ook in het geval van de Marfret Marajo. Het schip uit de Braziliaanse havenstad Belem met koers op Rotterdam had drie containers bronwater aan boord. Tussen het bronwater lag een grote partij cocaïne, onvindbaar voor het menselijk oog, ook bij het verbreken van de zegels van de rederij en het openen van de container. Geurdicht verpakt, zodat ook de speurhonden niets konden detecteren. Toch liep het mis. Volgens het verschepingsdocument Bill of Lading bevatten de drie containers 48 ton water. En dat viel op, want in de jaren ervoor exporteerde Brazilië maar zes ton water. Dus die 48 ton wekten dus argwaan. De Braziliaanse autoriteiten sloegen alarm en om de ontvanger te achterhalen werd een gecontroleerde af levering toegestaan. Na aankomst in Nederland bleek door inspectie van de FIOD dat de dozen met ‘Aqua Vida’ een witte substantie bevatten: cocaïne. In 338 pakketten bleek in totaal vierhonderd kilo met een geschatte straatwaarde van 12 miljoen euro te zitten.

Get rich or die trying

Het gaat wel vaker fout met de smokkel van drugs. Zo werd dus in juni een container met bijna 4000 kilo cocaïne onderschept in de haven van Rotterdam. Tussen een zending Ecuadoriaanse bananen troffen de autoriteiten negenhonderd kilo cocaïne aan. Maar niet alles loopt via de Rijnmond. Eind 2015 vond de douane in Raamsdonksveer nog een partij van duizend kilo cocaïne, verstopt onder een deklading ananassap. Die partij was afkomstig van de haven van Antwerpen. Toch weerhouden deze ontdekkingen smokkelaars niet van hun praktijken. ‘Dat komt omdat het nu eenmaal zo verdomd aantrekkelijk is, zo winstgevend,’ zegt Fitim, een Albanees van 37. Hij behoort tot de grote groep Albanezen die het land verlieten om elders hun geluk te beproeven toen het voormalig communistische land de deuren begon te openen. Fitim: ‘Mijn generatie is opgegroeid volgens het principe get rich or die trying. Daartoe zijn we bereid om excessief geweld te gebruiken en alles te doen wat nodig is om dat doel te bereiken.’

Het doel is rijkdom, hoe dan ook en om elke prijs. Drugssmokkel en -verkoop is daarbij een zeer geëigend middel. Fitim weet dan ook wat er in het wereldje omgaat. ‘De handelsprijs ligt rond de 35.000 euro per kilo coke. Dat zijn ook de drugs die in de haven van Rotterdam het vaakst in beslag worden genomen. Heroïne gaat voor 30.000 euro per kilo, hennep doet per kilo zo’n 3000 euro.’

Danilo wijst op de grote prijsverschillen tussen Europa en Zuid-Amerika. ‘Die zijn enorm,’ aldus de Rotterdamse Colombiaan. ‘Waar de handelswaar in Colombia nog voor 3000 euro de boot op gaat, is hij bij aankomst in Europa al tien keer zoveel waard. En dat zijn de groothandelsprijzen; de straatprijs is nog eens twee à drie keer meer. Bovendien is coke zeer gewild. Het geeft de gebruiker een superieur gevoel, ze denken alles scherper te zien en beter te gebruiken. In werkelijkheid is een met cocaïne opgeladen brein een op hol geslagen f lipperkast, met lampjes die aan- en uitf litsen in een elektronisch orgasme. Maar dat onbeschrijfelijke gevoel maakt dat de gebruiker steeds opnieuw wil consumeren. Een zeer lucratieve business dus.’

Hoe vaak een drugstransport ook slaagt, het blijft een riskante onderneming, stelt de Albanees Fitim. ‘Je hebt het goedje echter niet zonder meer hier. De drugs legt een lange reis af en het gevaar op ontdekking is altijd aanwezig. Het spul in Zuid-Amerika op de boot krijgen is één ding, maar het er in Rotterdam weer afhalen een tweede. Je moet erbij kunnen komen.’

Rip-offzendingen

Om de kans op succes te vergroten wordt vaak havenpersoneel bij de smokkel betrokken. Volgens Jeichien de Graaffis het natuurlijk niet onmogelijk om drugs de haven uit te krijgen zonder medewerking van havenpersoneel. Hun betrokkenheid vereenvoudigt het proces aanzienlijk. ‘Betrokkenheid van havenmedewerkers gaat meestal over zogenaamde rip-offzendingen, waarbij tassen met drugs op gemakkelijk bereikbare plaatsen in een container worden verstopt,’ zegt De Graaff. ‘Bijvoorbeeld direct achter de deuren of in koelelementen die van buiten te openen zijn. Voor deze vorm van smokkel moet je weten waar de container staat, en dat is met in totaal zeven miljoen aan en af te voeren containers in de Rotterdamse haven niet eenvoudig. Wat vaak voorkomt is dat havenwerkers een pasje uitlenen of mensen in auto’s mee het terrein op smokkelen,’ zegt De Graaff.

Naast havenpersoneel is er ook nog de betrokkenheid van douaniers bij drugssmokkel. Fitim: ‘Uiteindelijk gaat het om bepaalde informatie die je beschikbaar moet hebben. Je moet weten wanneer de container komt, waar die aan boord staat en wanneer die wordt gelost. En je moet erbij kunnen komen. Daarvoor zijn natuurlijk contacten met havenarbeiders handig om op het haventerrein te komen. Maar veel belangrijker is dat een container niet gecontroleerd wordt op de inhoud. Daarvoor moet je bij de planning en controle van de douane zijn.’

Deze opvatting wordt ook gedeeld door de autoriteiten. Speurders leggen in toenemende mate verbanden tussen smokkelbendes en corrupte douaniers. Zo worden twee Rotterdamse douaniers ervan verdacht dat zij honderden kilo’s cocaïne hebben doorgelaten voor criminelen. Dat blijkt verbluffend eenvoudig te gaan. Per dag gaan er meer dan vijftienduizend containers door de Rotterdamse haven. Die kunnen onmogelijk allemaal gecontroleerd worden. Daarom selecteren de douaniers de meest verdachte exemplaren. ‘Op rood zetten, noemen we dat bij de douane,’ zegt douanier Harry Winders. ‘Alleen die containers worden dan gecontroleerd op illegale waren, zoals drugs. Dat doen we op basis van profielen. Waar is de container geladen? Wat zit erin? Welk bedrijf is verantwoordelijk voor de zending, wie is de ontvanger en wie handelt de havenformaliteiten af ? Op basis van dit soort gegevens selecteren we welke containers gecontroleerd moeten worden.’

Sleutelposities

Cruciaal werk dus. Douaniers die op dergelijke sleutelposities zitten zijn buitengewoon interessant voor criminelen. De Rotterdamse haven kreeg de afgelopen anderhalf jaar dan ook te maken met een pijnlijk en omvangrijk corruptieschandaal. Twee douaniers van de afdeling pre-arrival, gevestigd op een kantoor aan de Laan op Zuid in Rotterdam, worden ervan verdacht tegen riante betalingen grote hoeveelheden drugs te hebben doorgelaten voor criminelen. De twee, Gerrit G. (55) uit ’s-Gravenzande en Gert V. (47) uit Rotterdam, waren actief in het Hit and Run Cargo (HARC)-team, een samenwerkingsverband tussen douane, zeehavenpolitie, FIOD en douane. Het team is gespecialiseerd in onderzoeken naar de in-, door- en uitvoer van drugs.

‘Zij zijn niet de enige douaniers die met drugs in verband worden gebracht,’ zegt Winders. ‘In 2012 werden al twee ex-collega’s opgepakt wegens het medeplegen van de invoer van elf kilo cocaïne, een kleine vangst. Ze hadden zich laten omkopen door een andere, voormalige medewerker van de douane. Maar bij Gerrit G. en Gert V. ging het om veel grotere partijen.’

De vergoedingen voor het helpen bij de smokkel waren aanzienlijk; naar verluidt per persoon 7,5 procent van de straatwaarde van de coke die ze doorlaten. Bij een lading van honderd kilo bijna 300.000 euro. De mannen bulkten van het geld en bij de arrestatie van Gerrit G. werd bij hem thuis al ruim één miljoen euro in een boodschappentas aangetroffen. Vermoedelijk hielden de twee meerdere miljoenen over aan de vele honderden kilo’s coke die ze doorlieten. Gerrit hielp de smokkelaars echter niet alleen door containers met drugs door te laten, hij adviseerde ook bij het omzeilen van profielen die de douane gebruikt om verdachte lading te herkennen, adviseerde over transportbedrijven die weinig gecontroleerd werden en gaf tips over welk type lading het beste als deklading te gebruiken is. Geld is niet de enige reden dat douaniers of havenmedewerkers betrokken raken bij de drugscriminaliteit. Volgens Gerrit G. hadden criminelen voorjaar 2013 zijn zwager benaderd. ‘Ik moest contact opnemen, en anders zouden zij langskomen. Zij wisten precies waar ik zat. Ze kenden mijn huis, ze wisten alles. Ik moest gewoon meewerken, daar kwam het op neer,’ zo stond enige tijd na Gerrits arrestatie in het Rotterdams Dagblad te lezen. Volgens douanier Winders word je er geleidelijk aan bij betrokken zonder dat je het doorhebt. ‘Op het moment dat je benaderd wordt, ben je al helemaal doorgelicht. De criminelen weten al of je getrouwd bent, kinderen hebt of in de schulden zit. Ze bieden je geld aan en dat is het. “Nee” is een antwoord dat ze niet accepteren. Dan staan ze de volgende dag voor je deur met een foto van je kinderen.’

Cashen

Eenmaal binnen is het moeilijk er weer uit te komen. Winders: ‘Mensen denken dat je dat meedoen in de drugssmokkel wel even een keertje kunt doen, dan kunt cashen en daarmee is het dan over. Maar zo werkt het natuurlijk niet.’ Toch is het niet zo dat er niets gedaan wordt om de cocaïnesmokkel via de Rotterdamse haven tegen te gaan. ‘Natuurlijk wordt ambtelijke corruptie hoog opgenomen,’ zegt De Graaff. ‘In Rotterdam is in 2013 het project Integere Haven gestart om werknemers in de haven te doordringen van het belang van integer werken. Je brengt collega’s (en jezelf) in gevaar, en je loopt het risico alles kwijt te raken. Zo zijn zeer recent nog in een ontnemingszaak, waarbij medewerkers van een overslagbedrijf al eerder werden veroordeeld tot lange vrijheidsstraffen (tot acht jaar), ontnemingen tot ruim drie ton opgelegd.’ Maar er zijn ook andere geluiden. Volgens de Spaanse journalist Ortega Dolz van El País klaagt de Spaanse Guardia Civil steen en been over de Nederlandse autoriteiten. ‘In Spanje hebben we veel last vanuit Rotterdam afkomstige heroïne. Daar willen we vanaf, en de Guardia Civil werkt daar hard aan. Maar de Nederlandse autoriteiten werken niet mee, zeggen ze. Ze werken anders dan de Spaanse. Dat zegt ook de belangrijkste drugsrechter van Spanje, José Antonio Vázquez Taín. Om zes uur gaat iedereen in Nederland naar huis. Op feestdagen ligt alles stil. De wetgeving is te laks. Wij werken samen met alle landen, en Nederland is veruit het moeilijkste. Er zijn geen afspraken mee te maken, er is geen vertrouwen meer,’ aldus Dolz, die zich beroept op contacten bij de Spaanse politie.

De Spanjaarden mogen hun kijk op de werkelijkheid hebben, de Nederlandse autoriteiten – van politie tot Openbaar Ministerie en douane – herkennen zich hier niet in. Woordvoerder De Graaff roemt de prestaties van het HARC-team, dat dit jaar twintig jaar bestaat. ‘Het aantal vangsten dat het HARC doet ligt jaarlijks rond de zeventig. Ook de eerste helft van dit jaar lag ongeveer gelijk (rond de 35) met voorgaande jaren.’

Bivakmutsen

Ook havenarbeider John de Jong is te spreken over de jongens van het HARC-team. ‘Die drugscriminelen zijn keihard. Ze gaan met bivakmutsen en automatische geweren recht op hun doel af. Geen oog voor wat ze verder op hun pad tegenkomen, joh,’ omschrijft hij de manier waarop criminelen rip-offs uitvoeren. Volgen De Graaffis het ook niet te voorkomen dat bendes zich gewoon zelf toegang verschaffen tot het haventerrein. ‘Dé haven bestaat niet in Rotterdam; er zijn vele verschillende terreinen en bedrijven die allemaal hun eigen toegangscontroles hebben, zowel voor het personeel als voor transportdiensten die containers komen halen. Er staat geen hek om het Rotterdamse haven- en industriegebied, dat zou ook nauwelijks mogelijk zijn,’ weet De Graaff. Volgens haar is het HARC-team zeer effectief door de samenwerking van verschillende diensten. ‘Bovendien worden er ook nog onderzoeken gedaan door bijvoorbeeld de regionale recherchedienst en andere opsporingsdiensten. Het is alleen niet mogelijk elke container te controleren. Wel is het zaak de containers te controleren waarmee mogelijk iets mis is en daar hebben politie en douane een ruime expertise in. En het is belangrijk dat werknemers geen medewerking verlenen, op welke plek in het proces dan ook.’

Dat is volgens De Jong echter helemaal nog niet zo makkelijk. Hij maakt zich ook zorgen over het feit dat er steeds meer met zware wapens wordt gesleept. ‘Het is een kwestie van tijd voordat er doden gaan vallen,’ zegt hij. ‘Of je helpt de bendes, of ze helpen jou om zeep. Dan is het goed dat er een HARC-team is dat die criminelen aan kan pakken. Ik weet ook wel dat daar wat rotte appels tussenzitten, maar het is beter dan niks. Vroeger kwamen koeriers ongewapend, want dan konden ze tenminste beweren dat ze verdwaald waren, alsof ze toeristen zijn of zo. Maar nu er steeds meer drugs over de grote plas komen en er ook steeds meer drugs onderschept worden, wordt de druk op de koeriers ook groter. Hun opdrachtgevers willen de drugs en deinzen voor niets terug, dus de koeriers ook niet meer. Eigenlijk hebben we nog veel meer HARC-teams nodig. Zonder de rotte appels natuurlijk.’