Door: Ron Moerenhout
Artikel
12

Longread | Reconstructie: Willem Merk, de Vluchtende Hollander

Sint-Helena is zó afgelegen dat Napoleon ernaar werd verbannen. Ontsnappen van dit stipje in de Atlantische Oceaan leek...

Sint-Helena is zó afgelegen dat Napoleon ernaar werd verbannen. Ontsnappen van dit stipje in de Atlantische Oceaan leek onmogelijk, maar wat Napoleon niet lukte, lukte de Amsterdamse drugssmokkelaar Willem Merk wel: in een – naar eigen zeggen – zelf geknutseld zeilbootje, naar Brazilië. Ron Moerenhout komt in zijn boek Laatste Boot Naar Sint-Helena tot de conclusie dat het heel anders is gegaan dan Merk wil doen geloven.

Het spectaculaire verhaal van ‘de Vluchtende Hollander’ is te vinden in Peter R. de Vries’ boek Alleen Huilebalken Hebben Spijt. Willem Merk, vanwege zijn witte baard ook wel ‘Kapitein Iglo’ genoemd, werd in 1991 op Sint-Helena tot vijftien jaar gevangenis veroordeeld omdat er 5000 kilo cannabis was aangetroffen aan boord van zijn schip, de Frontier. Drie jaar later wist hij naar Brazilië te ontkomen. In het museum op Sint-Helena is een vitrine aan de ontsnapping gewijd. Hierin onder meer een paginagroot artikel uit The Mail on Sunday over de vlucht. Het verhaal in die krant komt overeen met het verhaal dat De Vries jaren later optekende uit de mond van de smokkelkapitein.

Sint-Helena is nog steeds uitsluitend per boot te bereiken. Eens per maand vaart de Royal Mail Ship St. Helena vanuit Kaapstad in vijf dagen naar het afgelegen eilandje. Het Britse postschip zou in juli 2016 uit de vaart worden genomen vanwege de geplande opening van het nieuwe vliegveld in mei van dat jaar, maar door ‘onvoorziene’ draaiwinden is de 300 miljoen euro kostende luchthaven nog steeds niet in gebruik.

Op de boot naar Sint-Helena vroeg een officier mij wat ik op het eiland ging doen. Ik vertelde dat ik op zoek ging naar Nederlandse sporen – ik had ontdekt dat Sint-Helena ooit van Nederland was geweest. ‘Dan heb je vast wel gehoord van kapitein Willem Merk?’ was zijn reactie. Toen ik hem vertelde over het zelfgemaakte bootje, schoot hij in de lach. ‘Sure, vraag er maar eens naar op het eiland. Hij heeft hulp gehad.’

Napoleon’s Revenge

Eerst het verhaal volgens Kapitein Iglo zelf. Merk schilderde in de gevangenis en geregeld kwamen bewakers in zijn cel naar zijn schilderijtjes kijken. In een onbewaakt ogenblik zou Merk de gevangenissleutels hebben bemachtigd en er in een stuk zeep een afdruk van hebben gemaakt. Met een gestolen zaagje en een vijl maakte hij ze na uit een plaatje metaal dat hij tijdens een wandeling buiten de gevangenis had gevonden.

In de nacht van 4 op 5 april 1994, tweede paasdag, ging Merk ervandoor. Om de bewakers – die ’s nachts regelmatig zijn cel controleerden – om de tuin te leiden, had hij een pop van kleding gemaakt onder zijn dekens. Een dicteerapparaatje speelde snurkgeluiden af. Een onbekende eilander zou in een baai een van houten pallets en piepschuim gemaakt zeilbootje hebben klaargelegd. In eerste instantie hield hij zich een paar dagen schuil in de bergen. Toen de zoekacties op zee door de politie gestaakt werden, zwom hij naar het zeilbootje.

In het gammele bootje, dat hij Napoleon’s Revenge had genoemd, zeilde hij zijn vrijheid tegemoet. Hij hield zich in leven met in de gevangenis opgespaarde blikken bonen, een jerrycan water en onderweg gevangen vis. Navigeren deed hij als ervaren zeeman op de sterren, maar overdag had hij daar natuurlijk niets aan. ‘Alsof je van Amsterdam naar Bagdad probeert te rijden zonder wegwijzers,’ aldus Merk in The Mail on Sunday. Toen hij na een barre tocht van drie weken op zee in het 4000 kilometer verder gelegen Brazilië aangekomen was, beweerde hij bij de politie dat hij een beroofde zeeman was. Met hulp van de Nederlandse ambassade kon hij terugkeren naar Nederland. Tot zover, heel beknopt, het relaas van Willem Merk zoals onder meer te lezen valt in het boek van Peter R. de Vries.

5000 kilo cannabis

Vanuit Nederland had ik een afspraak geregeld met hoofdinspecteur Merlin George van de politie op Sint-Helena. Hij had Merk nog meegemaakt en wilde mij graag ontvangen. Ik moest me melden in het politiebureau in Jamestown, het enige stadje op het eiland. Pal ernaast was de getraliede toegang van Her Majesty’s Prison, waar Merk gevangen had gezeten. De hoofdinspecteur stond me al op te wachten; een grote man in een Brits politie-uniform, met op zijn zwarte pet een band met zwart-witte blokjes.

Merlin George kon zich nog heel goed herinneren dat de Frontier de baai in voer. Het was vlak voor kerst, op 22 december 1990. ‘Het schip had Kaap de Goede Hoop gerond en wilde op Sint-Helena brandstof innemen. Wat Merk niet wist, was dat er een internationaal opsporingsbevel was uitgegaan voor het schip. Het sterke vermoeden bestond dat er een grote hoeveelheid drugs aan boord was.’ Merk en zijn bemanning, bestaande uit Nederlanders en Ghanezen, werden op de kade van Jamestown aangehouden.

Samen met andere politieagenten en douaniers ging George aan boord van de Frontier. Achter het fornuis in de kombuis bleek een toegang naar een verborgen ruimte te zitten. Daar vond de politie 5000 kilo cannabis, verpakt in zwarte zakken. George werd samen met een douanier belast met de bewaking van het schip. ‘Zelfs tijdens de kerstdagen heb ik op dat schip gezeten,’ grijnsde de hoofdinspecteur.

Hulp van binnenuit

‘Willem Merk en zijn bemanning werden na een proces in ons gerechtshof veroordeeld en moesten in de gevangenis hiernaast hun straf uitzitten,’ vertelde hoofdinspecteur George verder. ‘De bemanningsleden kregen een paar jaar cel, zaten hun tijd uit en gingen terug naar huis, maar Willem kreeg vijftien jaar.’

Merk werd ’s nachts regelmatig gecheckt, maar toen ze op een dag ’s morgens de deur openmaakten, was hij verdwenen. George: ‘Onmiddellijk werd een zoekactie gestart op land en op zee, maar we vonden geen spoor van hem. We vermoedden dat hij ontsnapt was met een jacht dat in de haven had gelegen.’

De gevangenis is een donker gebouwtje met dikke muren. De cellen zijn ongeveer twee bij twee meter en hebben een zware metalen deur met een getraliede opening. Iedere deur wordt afgesloten met drie sloten, waarvan er een aan de bovenzijde zit. De gevangenisdirecteur moest schamper lachen om het verhaal dat Merk de sloten zelf zou hebben geopend. ‘Onmogelijk! Hij moet hulp van binnenuit hebben gehad,’ was haar stellige overtuiging.

Ik werd steeds nieuwsgieriger naar die Willem Merk en het lukte me om bij het gerechtshof de processtukken in te zien. Een bereidwillige medewerkster had een tafeltje voor me vrijgemaakt en kwam aansjouwen met drie dozen vol documenten, die ze voor me neerzette. Het allereerste document dat ik uit een doos viste, was meteen spectaculair: de officiële uitspraak op 18 juli 1991. De rechter bevond Willem Merk schuldig aan het importeren van verboden drugs, en veroordeelde hem tot vijftien jaar cel. Zijn bemanningsleden kregen ieder een paar jaar gevangenisstraf. De aanwezige agenten van de St. Helena Police Force kregen opdracht de gevangenen direct naar de gevangenis van Jamestown over te brengen.

In een van de dozen kwam ik een handgeschreven verklaring van Merk tegen, waarin hij zei dat hij niet wilde dat de Nederlandse ambassade werd geïnformeerd over zijn arrestatie. Hij vroeg wel of ze zijn vrouw Ina in Amsterdam op de hoogte wilden brengen. Aan boord was 15.000 gulden gevonden. Hij wilde dat 10.000 gulden aan zijn Ghanese bemanningsleden werd gegeven, 1000 gulden aan de Nederlandse bemanningsleden en zelf wilde hij 4000 gulden behouden. Ook de stukken van het hoger beroep dat Merk in 1992 tegen zijn veroordeling had aangetekend, zaten in een doos. Er ging niets van zijn straf af.

Willem Merk had trouwens al een verleden in de drugshandel. In 1977 was hij betrokken bij een mislukte poging om 3000 kilo hasj bij Noordwijk aan land te brengen. Uiteindelijk is, om aan de politie te ontkomen, de hele partij overboord gezet. Overal aan de kust spoelden pakketjes aan. En in 1990 had hij een drugstransport uitgevoerd van Marokko naar Amsterdam, in opdracht van ene Kleine Willem en volgens ingewijden in samenwerking met Willem Endstra, de bankier van de onderwereld. In de kiel van de monumentale klipper De Zeewolf zou 2500 kilo drugs verborgen hebben gezeten.

Buiten territoriale wateren

Vanachter haar bureau zag de gerechtshofmedewerkster me ijverig door de dozen met documenten heen gaan. Ze vertelde dat er vorig jaar ook een Nederlander was geweest die erdoorheen was gegaan. Ik moest meteen aan Peter R. de Vries denken. Hij had in een tweet gevraagd of er iemand was die wist waar ene Willem Merk uit Amsterdam verbleef, of hij nog leefde. ‘Hij wordt ook wel Kapitein Iglo genoemd,’ twitterde De Vries. Maar volgens de medewerkster was het iemand uit New York. ‘Zou je het paspoort van Merk willen zien?’ vroeg ze onverwacht. ‘Dat moet hier nog ergens liggen.’ ‘Ja, natuurlijk!’ reageerde ik enthousiast.

De vrouw liep naar een kartonnen doos in een hoek van de kamer en rommelde er een tijdje in. ‘Gevonden! Ik dacht wel dat het in die doos zou liggen.’ Triomfantelijk liet ze een oud donkerblauw Nederlands paspoort zien. Opgewonden opende ik het document, en daar keek Merk mij vanaf zijn pasfoto aan. Zijn baard was minder wit dan ik op grond van zijn bijnaam had verwacht. De 1,82 meter lange Merk was op 13 juni 1936 in Amsterdam geboren en was dus tijdens zijn arrestatie op Sint-Helena 54 jaar oud. Het paspoort was onbruikbaar gemaakt.

Op aanraden van Merlin George had ik een afspraak gemaakt met Barry Williams, ten tijde van de ontsnapping plaatsvervangend havenmeester. Williams begon met het verhaal van de arrestatie en ontdekking van de drugs dat ik al van de hoofdofficier had gehoord. ‘Uit Engeland kwam politie over voor het onderzoek. En twee politiemannen uit Nederland,’ wist Williams nog.

‘Maar hoe zat het met de ontsnapping? Wat vindt u van het verhaal dat Merk met een zelfgemaakt bootje naar Brazilië ontsnapt is?’ vroeg ik. Williams moest er hartelijk om lachen. ‘Voordat Merk ontsnapte, was er een Nederlands sprekende Zuid-Afrikaan voor een of ander vergrijp opgepakt en opgesloten: Henri Brunette. Toen hij na een tijdje vrijgelaten werd, moest hij het eiland meteen verlaten, maar hij bleef maar treuzelen. Hij had zogenaamd problemen met de accu van zijn zeilboot. De volgende dag was die boot weg, maar Willem Merk ook.’

De twee hadden elkaar dus in de gevangenis leren kennen. Merk had Brunette waarschijnlijk veel geld beloofd als hij hem naar Brazilië zou varen, maar of Merk ook een cipier had omgekocht, daarover liet Williams zich niet uit. Williams: ‘In de verte was Brunettes jacht nog te zien, ze zijn er met de reddingsboot achteraan gegaan. Maar de politie moest hem laten lopen omdat de boot buiten territoriale wateren was.’ ‘Wat is er eigenlijk met de Frontier gebeurd?’ vroeg ik tot slot aan Williams. ‘Dat hebben we gestript en laten zinken. Het was al behoorlijk achteruitgegaan en wat moesten we er anders mee? Willem Merk is nooit terug geweest om het op te halen…’

Verliefd op stoere smokkelaar

Vlak voor mijn vertrek werd er ’s avonds gebeld naar de b&b waar ik verbleef en naar mij gevraagd. Een onbekende vrouw: ‘U doet onderzoek dat ons interesseert, kunnen we elkaar ontmoeten?’ Gay Marr, een charmante vrouw van eind vijftig, bewoonde een prachtige Spaans aandoende villa en verwelkomde me hartelijk. ‘Ik werk aan een boek en een film over Willem Merk samen met een in New York woonachtige Nederlander,’ vertelde ze. ‘Misschien kunnen we elkaar helpen.’

Ik vroeg haar waar haar interesse voor de Amsterdammer vandaan kwam. ‘Ik ben key worker geweest in de gevangenis. Ik bezocht hem eenmaal per week om een praatje te maken.’ ‘Had u een goed contact met hem?’ ‘Zeker, we konden het heel goed vinden met elkaar. Hij heeft me na zijn ontsnapping zelfs gebeld, toen hij weer in Nederland was, om te vertellen dat het goed met hem ging...’

Ze bevestigde dat Merk samen met Brunette ontsnapt was. Marr: ‘Brunette was gearresteerd wegens valsheid in geschrifte. Hij had een verklaring opgesteld waarin stond dat ene Horst Timmerick, een Duitser die handel dreef tussen Sint-Helena, Kaapstad en Brazilië, vrijwillig afstand deed van zijn zeiljacht ten gunste van hem. Die Duitser woonde op Sint-Helena, maar mocht om de een of andere reden niet terugkeren naar het eiland waar zijn zeiljacht nog lag.’ Ze vertelde ook nog dat The Mail on Sunday, die schreef over Merks ontsnapping, door haar van informatie was voorzien. Ik raakte er steeds meer van overtuigd dat zij degene was geweest die hem van binnenuit had helpen te ontsnappen. Was ze verliefd op die stoere smokkelaar?

Via Google stuit je heel eenvoudig op een beeldend kunstenaar met de naam Willem Merk. Hij blijkt een volle neef te zijn van ‘onze’ Willem Merk. Zijn foto op zijn website vertoont zelfs sterke gelijkenis met de foto in het paspoort van zijn oom. Neef Willem per mail: ‘Er woont nog directe familie van Willem Merk in Lelystad, waar mijn zoon kort contact mee heeft gehad. Dit contact is abrupt verbroken met de mededeling dat oom Willem uit het zicht moet blijven, en de naaste familie respecteert dat.’

Ene Allard Stamm uit New York had hem afgelopen jaar benaderd met de vraag of hij dé Willem Merk was. Van hem hoorde neef Willem dat Gay Marr in het bezit is van maar liefst achttien schilderijen van de Amsterdamse zeeman, en andere persoonlijke bezittingen.

De vraag is natuurlijk waar Willem Merk is gebleven na terugkeer in Nederland? Navraag bij het adres dat in de handgeschreven verklaring stond – Benedenlangs 67 in Amsterdam – leverde niet veel op. Voormalig buurvrouw Aartje Vos: ‘Ze leefden heel teruggetrokken. Hij kwam en ging, je zag hem bijna nooit. We hadden wel gehoord dat hij gevangen zat, maar ik heb hem nooit meer gezien.’ Zijn vrouw zou met hem hebben gebroken toen hij op Sint-Helena gevangen zat, en is verhuisd.

Op Peter R. de Vries’ oproep via Twitter kwam een reactie van iemand die dacht dat hij inmiddels was overleden. Onderzoek in de Gemeentelijke Basisadministratie op zijn naam en geboortedatum gaf echter geen treffer. Dat kan betekenen dat Willem Merk of nog leeft – hij zou dan bijna tachtig zijn – of in het buitenland is overleden, of niet geregistreerd staat. Hoe dan ook, wat Napoleon niet lukte, lukte deze Nederlander wel.

Gerelateerd nieuws