Door: Revu Redactie
Artikel
9

Longread | Seks, drugs & mensenhandel: Nigeriaanse maffia verovert Italië

‘Hello!’ Ze wuift naar me als ik langzaam langsrijd. Ze draait haar indrukwekkende, naakte achterwerk naar de straatkant...

‘Hello!’ Ze wuift naar me als ik langzaam langsrijd. Ze draait haar indrukwekkende, naakte achterwerk naar de straatkant. Haar donkere huid steekt dramatisch af tegen haar felgekleurde string en bh. Behalve dat heeft ze niets aan. Zodra ik mijn camera tevoorschijn haal, draait ze zich abrupt om en loopt weg. Vanachter een bosje scheldt ze me de huid vol. Poging één om met Nigeriaanse prostituees te praten is mislukt.

Fotografie HH

Vuurvliegjes

Ze staan langs elke uitvalsweg van elke grote Italiaanse stad: de lucciole, vuurvliegjes. Prostituees die oplichten in de koplampen van passerende auto’s. Waren het eerder voornamelijk Oost-Europese vrouwen die hun diensten aanboden, de laatste jaren is het aantal Nigeriaanse prostituees explosief gegroeid. Volgens schattingen zijn er in Italië tussen de tien- en twaalfduizend Nigeriaanse vrouwen die voor hun bazen in Lagos en Benin City jaarlijks ruim anderhalf miljard euro verdienen. ‘Elke vrouw levert de organisatie tussen de tachtig en honderdduizend euro per jaar op,’ zegt de Italiaanse socioloog Francesco Carchedi. Hij deed onderzoek naar de Nigeriaanse maffia in Italië en schreef er samen met journalist Stefano Becucci het boek Mafie Straniere in Italia (Buitenlandse Maffia’s in Italië) over. Hij wordt beschouwd als een van de grootste experts op het gebied van de Nigeriaanse georganiseerde misdaad. ‘Het is een echte maffia, een gestructureerd misdaadsyndicaat inclusief een initiatieritueel zoals de Siciliaanse Cosa Nostra of de ’Ndrangheta.’ Waar ze in Zuid-Italië na een prik in de vinger met de doorn van de bittere sinaasappelboom bloed druppelen op een afbeelding van een lokale heilige en trouw zweren aan de organisatie, bestendigen Nigeriaanse gangsters hun loyaliteit door zich te onderwerpen aan Mami Wata, de godin van de zee. ‘De hele Nigeriaanse maffia is doorspekt met religie,’ doceert Carchedi bij de presentatie van zijn boek in de achterzaal van een restaurant in het centrum van Rome. Na het inwijdingsritueel noemen de clanleden elkaar brother en zijn ze op elkaar aangewezen. ‘De structuur lijkt erg op de ’Ndrangheta; kleine hechte clans die vaak familie van elkaar zijn, waardoor de kans op verraad klein is.’

Het grote verschil tussen de Italiaanse en Nigeriaanse maffia is de figuur van de Maman; een wat oudere vrouw die de jongere prostituees ‘beschermt’.

De Maman speelt een sleutelrol in de Nigeriaanse misdaadsyndicaten. ‘Ze is de schakel tussen de meisjes op de straat en de grote bazen in Nigeria. De Nigeriaanse maffia is georganiseerd als een soort zandloper en de Maman staat in het midden. De basis van de organisatie wordt gevormd door twee soorten gangs. Je hebt een soort pseudoreligieuze broederschappen met een sterke interne binding, die de Maman beschermen tegen andere Nigeriaanse gangs. Daarnaast heb je de Black Boys, de bodyguards van de Maman.’

Ze houdt de Nigeriaanse vrouwen die in de prostitutie gedwongen worden in een ijzeren greep. Een voodoo-ritueel uitgevoerd voor vertrek naar Europa wakkert de angst onder de emigrerende vrouwen aan. En dat aantal groeit met de dag.

Het aantal Nigeriaanse vrouwen dat alleen met bootjes de Italiaanse kusten bereikt is in twee jaar tijd verdrievoudigd, berekent het Italiaanse ministerie van Binnenlandse Zaken. Tachtig procent is gedoemd te eindigen in de prostitutie. ‘De mensenhandel en de prostitutie zijn direct met elkaar verbonden,’ legt Carchedi uit. ‘Vrouwen die willen vertrekken, wordt werk beloofd. Ze lenen geld voor de reis en zitten er vervolgens voor jaren aan vast.’

Veel vrouwen worden aan het werk gezet in Italië, maar zeker de helft wordt direct doorgestuurd naar Engeland, Duitsland of Frankrijk. Die ‘distributie’ begint al in de opvangcentra voor migranten in het zuiden van Italië, zo blijkt uit een reportage van het televisieprogramma Ballarò. Langs de kant van een weg op een industrieterrein in Verona vertelt een Nigeriaanse vrouw dat ze door een Italiaanse vrijwilligster in het vluchtelingencentrum op Lampedusa werd doorgestuurd naar Noord-Italië. Daar, op het station van Verona, werd ze opgewacht door een Nigeriaanse man en nu staat ze elke avond vanaf een uur of negen op het groezelige industrieterrein. Daar zal ze de komende jaren elke avond moeten staan om haar schuld aan de smokkelorganisatie, vaak tienduizenden euro’s, af te lossen.

Groene condooms

Ik zit op de achterbank van een gammele Fiat Punto. De airco is stuk en het achterraam klemt. Het is juli en dus bloedheet in Italië. Ik doe opnieuw een poging om de vrouwen zelf te spreken, deze keer maak ik gebruik van de contacten van de hulporganisatie Parsec. Twee keer in de week trekken zij erop uit op de prostituees in Rome te helpen. Tussen hulpverlener Luca en mij staat een grote kartonnen doos met rode en groene condooms, folders en boekjes. ‘Om uit te delen aan de meisjes.’

Op de Via Palmiro Togliatti, een brede doorgaande weg aan de oostkant van de stad, komt de Punto krakend tot stilstand bij een hoge pijnboom. De parapluvormige kruin verschaft de twee Roemeense meisjes net genoeg schaduw. ‘Hoe gaat het?’ vraagt Luca. ‘Weinig werk,’ is het korte antwoord. Snel nemen ze de condooms in ontvangst en keren ze terug naar hun stoeltjes in het hoge gras.

‘De Oost-Europese meiden staan in de stad, de Nigeriaanse erbuiten,’ zegt Luca. ‘Dat zijn de regels.’ Luca’s collega stuurt de gehavende Punto richting de rand van de stad. Onder de Grande Raccordo Anulare, de 75 kilometer lange snelweg rond Rome, door en daar staan ze. Of eigenlijk zitten ze op plastic tuinstoeltjes langs de kant van de weg. Altijd tussen het hoge gras, vaak naast gedumpte koelkasten, autobanden en huisvuil.

‘Come ti chiami?’ Luca wenkt een prachtige Nigeriaanse. Op haar lange zwarte benen schrijdt ze naar de Punto toe. ‘Jessica,’ zegt ze kort ter introductie. Ze buigt zich voorover, leunt op het dak van de auto en kijkt ons met donkerbruine ogen indringend aan. Ik schat haar een jaar of 25. Ze is vier jaar in Rome, vertelt ze. Luca legt uit dat ik een journalist ben, maar dat ik geen camera bij me heb en dat ze dus vrijuit kan praten. Toch is Jessica schichtig. Tijdens het korte gesprekje kijkt ze voortdurend om zich heen. Luca vraagt of ze zich regelmatig laat testen en legt uit wat ze als hulporganisatie doen en wat ze voor haar kunnen betekenen, mocht ze besluiten het werk niet meer te willen doen. Ze luistert ongedurig. Als ik een vraag wil stellen – ‘Waar kom je precies vandaan in Nigeria?’ had ik als openingsvraag in gedachten – loopt ze weg.

Poging twee om met Nigeriaanse prostituees te praten is ook mislukt.

Grote beloftes en snel geld

Het is niet duidelijk of de vrouwen in de gaten worden gehouden. In de buurt van de plastic stoeltjes heb ik geen verdacht geparkeerde auto’s of nonchalant rondhangende mannen gezien. ‘Het zijn de Mamans die op afstand controle uitoefenen,’ legt Carchedi uit. ‘Ze bellen de prostituees de hele dag door, soms wel elke tien minuten, want veel langer mag zo’n meisje niet bij haar klant zijn.’

Gemiddeld controleert elke Maman vier, vijf prostituees en die controle is zo strikt dat maar weinig vrouwen weg durven te lopen. ‘De meeste vrouwen zijn analfabeten,’ vertelt Graziella Galetta, analist bij de Italiaanse antimaffia-eenheid. ‘En de bedreigingen zijn zo heftig – niet alleen aan hun eigen adres maar ook naar hun familie – dat het bijna onmogelijk is de vrouwen los te weken.’ Dat bemoeilijkt de bestrijding van de Nigeriaanse syndicaten, geeft Galetta toe. ‘Als er niemand uit de school klapt, kunnen wij niet veel doen.’

De controle van de Nigeriaanse criminelen op hun gemeenschap is bijna absoluut, zegt ook socioloog Carchedi. Maar de Italiaanse politie heeft een nieuw wapen in handen. Door de syndicaten als maffia te typeren, heeft de Italiaanse rechter de definitie van ‘maffia’ opgerekt waardoor de Nigerianen ook volgens het beroemde artikel 416 bis als lid van een maffia-organisatie berecht kunnen worden.

Voor de Italiaanse justitie is controle van een territorium een van de kenmerken waar een organisatie aan moet voldoen, maar de Nigerianen hebben geen fysiek territorium zoals de ’Ndrangheta of de Napolitaanse Camorra. Ze hebben wél een virtueel territorium, de Nigeriaanse gemeenschappen in verschillende delen van Italië. De Nigeriaanse gemeenschap wordt onder druk gezet en uitgebuit door de criminelen. Behalve voor prostitutie, samen met mensenhandel de corebusiness van de Nigeriaanse maffia, zetten de criminelen ook landgenoten in voor drugshandel. Ze zijn heel gehaaid in het vinden van de wanhopigen; Nigerianen die illegaal in Italië verblijven, economische problemen hebben en niet goed in hun onderhoud kunnen voorzien. Het zijn makkelijke slachtoffers van grote beloftes en snel geld.

De Nigeriaanse man die op het Milanese vliegveld Malpensa door de douane uit de rij wordt gevist, voldoet aan alle vooroordelen. Hij vertelt voor de camera van Vice Italia dat hij al jaren in Italië woont, maar dat hij niet makkelijk aan werk kan komen en moeite heeft de huur te betalen. Om zijn gezin te onderhouden, koos hij ervoor cocaïne te smokkelen. ‘Ik heb mezelf opgeofferd voor mijn gezin.’ Zijn gezicht is onherkenbaar gemaakt, maar de schaamte zie je door de blur heen. ‘Stom,’ zegt hij met gebogen hoofd. ‘Ik zou drieduizend euro krijgen voor dit transport, maar het is de moeite niet waard.’ Op de scan van zijn ingewanden zijn zeker tien bolletjes met coke te zien. De man riskeert acht tot vijftien jaar gevangenisstraf. De grote bazen in Nigeria schrijven de in beslag genomen drugs af als bedrijfsrisico. Een druppel op de enorme hete inkomensplaat van de Nigeriaanse georganiseerde misdaad, die miljarden verdient met prostitutie en de handel in mensen, drugs en wapens. Door die enorme inkomsten leven de grote bazen als God in het door en door corrupte Nigeria en spreiden hun tentakels uit naar andere delen van de wereld. Ze zitten in heel Europa en in de Verenigde Staten.

In zijn boek schrijft socioloog Francesco Carchedi dat een kwart van alle drugs in Amerika door Nigerianen het land binnen wordt gebracht. Toch zijn er geen grote drugsoorlogen met andere maffia-organisaties bekend. ‘De Nigerianen zijn meesteronderhandelaars,’ vertelt Carchedi. ‘In plaats van conflicten op te lossen met geweld, verdelen ze de buit.’

In Castel Volturno, een vervallen badplaats net ten noorden van Napels, zit het hoofdkantoor van de Nigeriaanse maffia in Italië. Camorra-territorium, maar er zijn geen problemen tussen de twee criminele organisaties. ‘Ze zijn complementair,’ legt Carchedi uit. ‘Jij, Nigeriaan, houdt je bezig met prostitutie en dealen en ik, camorrista, investeer in bouwprojecten en koop politici om zodat we daar niet al te veel last van hebben. Zo blijven we allebei tevreden.’

Fuck off

Op de Via Domiziana, de kustweg die door Castel Volturno loopt en berucht is om de vele lucciole, is het percentage Nigeriaanse prostituees de laatste jaren explosief gestegen. ‘Hello!’ wuift ze als ik langzaam langsrijd. Deze keer ben ik zonder camera. Ik stop en ze waggelt op haar hoge hakken naar de auto toe, haar donkere huid steekt af tegen haar felroze minirok. ‘What do you want?’ glimlacht ze. ‘Ehm, well: talk. You see, I’m a journalist.De glimlach verdwijnt van haar gezicht en ze beent weg. ‘Fuck off! Go away!’ Poging drie is ook mislukt.