Artikel

Recensie: Robbie Williams - Take the Crown

  De recensie van Take The Crown van Robbie Williams. Het is geen geheim dat de laatste twee solo-albums van de Tak...

 

De recensie van Take The Crown van Robbie Williams. Het is geen geheim dat de laatste twee solo-albums van de Take That-zanger geen succes waren. Op Rudebox (2006) ging hij de electropop kant op, en dat werd door zijn fans niet met gejuich ontvangen. Ook met opvolger Reality Killed the Video Star (2009) haalde hij niet het succes dat hij had in het begin van zijn solocarrière, met krakers als Angels, Feel en Millennium. Maar hij had zich weer bij Take That aangesloten. Met zijn oude boyband maakte hij het succesvolle Progress (2010) en deed de 38-jarige zanger een uitermate lucratieve tour. Aan geld dus geen gebrek in huize Williams. Maar Robbie laat zich niet zo makkelijk uit het veld slaan. Volgens het persbericht bij Take the Crown wil hij de zogenaamde kroon die hij ooit op had, behouden. ‘Ik hou van deze baan en zal er voor vechten.’ En is die vechtlust terug te horen. In Shit on the Radio maakt hij gehakt van zichzelf, en in Gospel heeft hij heimwee naar zijn jeugdige enthousiasme. Maar bovenal hoor je die vechtlust terug in de pakkende refreinen, want die zijn weer catchy als vanouds. Met de vrolijke single Candy, dat hij samen schreef met Gary Barlow, had hij ons al ingepakt, maar hij kan meer. Zoals in opener Be a Boy, dat klinkt als een elektronische Coldplay-stadionrocker. Een ander hoogtepunt is Into the Silence, dat dezelfde sound heeft als U2’s Achtung Baby. Dat komt dus wel goed met die comeback. Vast en zeker. En zo niet, dan stort hij zich op de opvoeding van zijn kersverse dochter Teddy. ‘Ik word dan heel dik en krijg een lange baard.’ Kortom, met Robbie komt het hoe dan ook wel goed.

Door Lars Meijer

Gerelateerd nieuws