Artikel
4

Verslag Haldern Pop 2013

Traditiegetrouw schrijft onze eigen Norbert Pek jaarlijks een verslag van het Duitse Haldern Pop. Zo ook in 2013. Wat br...

Traditiegetrouw schrijft onze eigen Norbert Pek jaarlijks een verslag van het Duitse Haldern Pop. Zo ook in 2013. Wat brengt de nieuwste editie van het toonaangevende Haldern-festival? In ieder geval tips voor de aankomende Lowlands: Balthazar, Villagers en het imponerende Half Moon Run. Haldern Pop staat bekend als het ontdekkingsfestival bij uitstek. In 2009 stonden de toen nog onbekende Mumford & Sons, Edward Sharpe & The Magnetic Zeros en Temper Trap in de kleine Spiegeltent te spelen, terwijl ze vlak daarna hun grote doorbraak beleefden. Het festival levert elk jaar wat nieuwe lievelingen op. Die hoop en verwachting geldt ook voor de 2013-editie. Helemaal omdat de echte stevige headliners dit jaar in de programmering ontbreken. Bij de nieuwkomers die zich gretig laten omarmen zit dit jaar Half Moon Run, een naam die al langer rondzingt. Ze speelden eens in het voorprogramma van Patrick Watson, kwamen langs in de Amsterdamse Bitterzoet en hun debuut Dark Eyes is met enige vertraging in ons land verschenen. Op Haldern pakken ze de goedgevulde tent helemaal in. De Canadese band leunt dicht tegen Fleet Foxes aan, maar waar deze band soms beschuldigd wordt van het maken van fucking canoeing music, is Half Moon Run non-stop aan het spelen met dynamiek: de ritmes zijn onrustig en dreigend. Soms wordt net teveel leentjebuur gespeeld bij Radiohead, maar het is ze snel vergeven als ze het harmonische Full Circle of het energieke She Wants To Know spelen. Bezoekers van Lowlands moeten deze band zeker checken. Meer ontdekkingen? Zeker. Dan Croll. Een Engels joch die een ideale band om zich heen heeft verzameld. De popsongs zijn zo subtiel groovend dat meebewegen onbewust gebeurt. Croll lijkt een bescheiden versie van Yeasayer, inclusief die samenzang. De electronica en de orkestraties zijn doordacht en nergens overaanwezig. Nogal een talentje, deze Croll.

Ondanks enkele verrassingen komt Haldern dit jaar niet volledig van de grond. Verschillende redenen. Allereerst die headliners. De afgelopen jaren kwamen namen als Arctic Monkeys, Editors, Wilco, Belle & Sebastian en Two Door Cinema Club doodleuk langs. Dit jaar niets van dat. Villagers is opeens één van de dragers van de vrijdag. Dat optreden klopte nog. Bijna elk nummer van de twee uitgebrachte platen is raak. De band speelt kleiner en gevoeliger dan de afgelopen tour, maar blijft ondanks dat op het grote podium overeind.

Even daarvoor meende nieuwkomer Tom Odell daar een stuk meer moeite voor te moeten doen. Hij wil bewijzen dat hij meer is dan de singer/songwriter-versie van Keane. Dan krijg je overstuurde drums over de pianopop heen. En wek je irritatie op, waar de nette knul sowieso een patent op heeft. Maar aan het eind van het optreden heeft wel iedereen Another Love in z’n kop zitten. Andere headliners zijn het wat degelijk spelende Sophie Hunger, de sympathieke oude Engelse rockers van James, Alabama Shakes die voor een heerlijk zomers sfeertje zorgt (en een heerlijk slepende Hold On speelt) en het energieke en percussioneel spannende Local Natives.

Het contact tussen Regina Spektor en het publiek gaat moeizaam. Het botert eigenlijk helemaal niet tussen de indie-liefhebbers en de zoete pianopop van de getalenteerde dame. Toch speelt Spektor feilloos. Nummers als Eat en Blue Lips zijn wonderschoon. Maar het ontbreekt in de lange set aan variatie. Daar heeft ook festival-afsluiter Efterklang ernstig last van. De Deense band klinkt zoals gewoonlijk sfeervol en kraakhelder, maar door afwezigheid van sterkte onderscheidene liedjes, wordt het allemaal wat langweilig. Zanger Casper Clausen, stijlvol gekleed, begint ook op de zenuwen te werken als hij een EO Jongerendag-sfeertje wil creëren. Iets met spirit die we allemaal hebben op een festival en andere opmerkingen van glazuursuiker.

Een ander manco was de overdaad aan matige Duitse bands. De afgelopen jaren is het Nederlandse publiek op het festival steeds groter in getale geworden (Haldern ligt bij Arnhem over de grens), maar dit jaar leek Haldern het festival terug te willen geven aan de Duitsers. De Duitstalige rock was vaak log en gedateerd en werd gemaakt door namen als Ja, Panik, Die Goldenen Zitronen, Kettcar en Trümmer. Snel vergeten. Het festival is op z’n sterkst als ze Baltazar in de altijd magische Spiegeltent laat spelen. De Belgische band duikt vaker op festivals op, maar ze lijken nooit teleur te stellen. Integendeel. Ook deze keer is de samenzang overtuigend en elke klank raak. De band beheerst de kunst om traag slepend én feilloos strak te zijn. Balthazar is al jaren zoveel interessanter dan alles wat dEUS doet of probeert te doen.

Mikal Cronin weet de verwachtingen niet waar te maken. Ook al heeft hij die prachtplaat MCII onder de arm. Daarop staat pop in de traditie van Lemonheads en Brendan Benson, alleen dan met een vuige fuzzgitaar er doorheen. Vuig is ook het optreden, alleen ontaardt het dan in een warboel. Cronins zang is nauwelijks hoorbaar en het gitaargeschuur wordt een brei. Zonde. Dan liever de stevige zelfverzekerde rock van We Were Promised Jetpacks, het pulserende SUUNS en, nog zo’n relatief onbekende uitschieter, de uiterst spannende electro van Gold Panda.

Was Haldern vorig jaar nog uitermate overtuigend, in 2013 ontbreekt de scherpte waar het festival bekend om staat. Het publiek is er niet minder voorbeeldig om. Het liefhebbersfestival haalt het beste in alle aanwezige bands naar boven. Iedere artiest wordt met nieuwsgierigheid onthaald. Maar de hoop en verwachting is op een grote revanche van Haldern in 2014.

Door: Norbert Pek Foto's: Jorn Zijlstra