Door: Revu Redactie
Artikel
4

Zes jaar lang zonder seks: wel klaarkomen, niet neuken

Natuurlijk, u bent een echte man van de wereld. Maar een beetje bijschaven kan nooit kwaad. Zeker niet op het gebied van...

Natuurlijk, u bent een echte man van de wereld. Maar een beetje bijschaven kan nooit kwaad. Zeker niet op het gebied van seks en lifestyle. En daar komt onze columniste Marith Iedema om de hoek

Acht jaar geleden leerde ik K. kennen. Een goed uitziende, vrijgezelle jongeman van toen 24, met een prettig karakter. Niet iemand die lang alleen zou blijven, zo schatte ik in. Ik kreeg gelijk. Een maand na die eerste ontmoeting werd hij verliefd. Al snel betrok het stel samen hun eigen stekkie. Vroegen vrienden hoe het ging dan antwoordde hij enthousiast: ‘Helemaal top. Nou ja, ach. Op een klein puntje na dan.’

K. had nog maar twee keer – erg ongemakkelijke – seks gehad met vriendinlief. Zijn omgeving reageerde geschokt. ‘Hoe bedoel je, je hebt nog maar twee keer seks gehad? Hoe kan je überhaupt een relatie met iemand hebben zonder seks?’

Lees ook: Sexting les 1: negeer nooit een dickpickverzoek

K. haalde nonchalant zijn schouders op. Leuk was het niet telkens afgewezen te worden, gaf hij toe. Maar zorgelijk? Nee. Zijn meisje had de laatste maanden een beetje last van hoofd- en buikpijn. Heel sneu. Dat zou vanzelf weer overgaan. Daar geloofde K. heilig in. De seksloze maanden gingen over in een jaar. Een jaar in nog één. Drie werden er vier. Vier, vijf en inmiddels heeft K. al meer dan zes jaar niet geneukt. Knuffelen, zoenen of strelen zit er ook al niet in. Het meisje houdt van K. maar wil niet door hem worden aangeraakt. Aan haar lijf geen polonaise.

Je hoeft geen arts te zijn om te kunnen diagnosticeren dat zijn vriendinnetje aseksueel is. Elke hoop op toekomstige seks is daarom – als je het mij vraagt – je reinste naïviteit. Gefrustreerd of niet, K. piekert er nog altijd niet over zijn relatie te verbreken. Daarvoor is hij te loyaal. ‘Ga naar de hoeren, trek iemand mee uit de kroeg,’ schreeuwden vrienden elk jaar harder. K. is echter een fel bepleiter van het ‘in voor- en tegenspoed-principe’. Hij gaat niet vreemd, zelfs niet met een vriendin die hem op seksueel gebied in de verste verte niet kan geven wat hij nodig heeft. Inmiddels weet hij waarschijnlijk niet eens meer wat hij mist. Hoe het is om het met iets anders dan zijn rechterhand te doen.

Ik vertel dit verhaal aan mijn huisgenootje V. ‘Bijna zeven jaar geen seks? What the fuck,’ is haar reactie. Ik leg uit dat ik ervan uitga dat zijn vriendin aseksueel is. Ze kijkt me onbegrijpend aan. ‘Awat?’

Goede beurt

Wenkbrauwen schieten omhoog. ‘Ze heeft waarschijnlijk gewoon nog nooit goed geneukt.’ Daarmee vat ze pakkend samen hoe de meeste mensen denken over aseksualiteit. Geen seks willen, dat bestaat niet. Gewoon een kwestie van een goede beurt krijgen, waardoor je ondergesneeuwde lustgevoelens weer worden aangewakkerd. Was het maar zo simpel.

Neem Martin van 53. Hij is net als ongeveer 1 procent van de Nederlandse bevolking aseksueel (mensen die geen seksuele aantrekking ervaren). Niet te verwarren met een celibatair, iemand die ervoor kiest geen seks te hebben. Martin vindt het heerlijk aangeraakt te worden. Hij geniet van strelen, zoenen, van knuffelen. Alleen de daad is een heikel punt. Zelf omschrijft hij seks als ‘gesjor en gedoe’. Niet voor hem weggelegd.

Dat vindt de wereld maar gek. We zijn seksuele wezens, zo geprogrammeerd dat we ons willen voortplanten. Moet jij hier niet aan denken? Dan is er wat mis. ‘Of het wordt toegeschreven aan een onverwerkt trauma of aan je hormoonhuishouding,’ zegt Martin. Zelf ziet hij het als een geaardheid. Hij is net zo aseksueel als ik hetero. De paar keer dat hij zich waagde aan seks waren zeer onplezierig. Niet dat Martin de geslachtsgemeenschap om van te kotsen vond, zoals sommigen van zijn lotgenoten. Hij wilde gewoon dat het zo snel mogelijk over zou zijn. Waar andere mensen zich meer verbonden voelen met elkaar door seks, ervaart Martin juist het tegenovergestelde: hij voelt zich verder van zijn partner verwijderd. Klaarkomen wil hij wel. Maar slechts door eigen toedoen.

Je hebt twee groepen aseksuelen. De romantische – zij die smachten naar affectie – en de a-romantische. Die laatste groep houdt zich ver van welke vorm van intimiteit dan ook. Vooral de ‘knuffel-aseksueel’ zit in een lastige spagaat. Deze mensen willen een liefdevolle relatie met één gigantische maar: zonder seks. Je kan je vast goed voorstellen dat dit, net zoals bij K. en vriendin, voor de nodige problemen zorgt. Eén van twee zal een gigantische concessie moeten doen. Onmogelijk is een relatie tussen een seksueel en aseksueel niet, volgens Martin. ‘Communicatie is de sleutel.’ Hij koestert nog steeds de hoop ooit iemand te vinden waarmee hij een seksloos leven kan delen.

Nog een misverstand: aseksualiteit wordt soms toegedicht aan mensen die geregeld ‘niet zo’n zin hebben’. Heeft jouw vriendin (of heb jij) daar last van? Dat betekent absoluut niet dat ze aseksueel is. Alleen als je tótaal geen seksuele aantrekkingskracht voelt – op geen enkel moment – val je in die categorie. Daar is niks aan te doen. Tegen ‘nu even niet zo geil’ wel. Daarover een volgende keer.

Gerelateerd nieuws