Door: Jerry Hormone Fotografie: Jasper Suyk
Columns

'Die burger ziet er zó lekker uit... Ik wil ’m niet opeten, ik wil ’m neuken!'

Columnist Jerry Hormone stond met zijn bonkende heipaal voor de Gouden Boogjes aan de Rotterdamse Hoogstraat te geilen op een McMondorgasme.

Ik ben dol op oud-Hollandsche cafetaria’s. Liefst gerund door een uit ossewit opgetrokken echtpaar. En dat ze dan van die amateuristische, verschoten foto’s van kroketten, kaassouflés, bamiblokken en -schijven, frikandellen, mexicano’s en berenklauwen aan de muur hebben hangen. Van die foto’s waar je zelfs als je honger hebt nog geen trek van krijgt. Gelukkig zien de snacks die bij de cafetaria’s uit het vet komen er negen van de tien keer beter uit dan op het corresponderende plaatje. Eigenlijk exact het tegenovergestelde van wat ze je altijd bij de McDonald’s flikken.

Laatst trapte ik er weer eens in. Ik liep over de Hoogstraat in Rotterdam langs een Gouden Boogjes. Er hing een poster voor het raam met daarop een knoepert van een burger, bigger than life en haarscherp in mouthwatering technicolor. Ik denk: het lijkt godverdomme wel 3D, joh! Echt, een broodje als een donskussen in een sloop van goudgele zijde, sesamzaden zo groot dat je er een hap uit zou kunnen nemen, sla die bij elke hap kraakt alsof je door het ijs gaat, en een lap vlees zo sappig en mals, een ingeoliede Kim Kardashian is er niks bij.

Fuck, denk ik, die burger ziet er zó lekker uit, ik wil ’m niet opeten, ik wil ’m neuken! Hop, m’n lul in dat broodje en rampetampen tot de zon opkomt! Dus ik met m’n bonkende heipaal – hoor, hier klopt de nieuwe harde van Rotterdam! – naar binnen. Er staat een rij. Ik dring voor, duw mensen aan de kant, maar niemand durft er iets van te zeggen. Bang dat ze verkracht worden, natuurlijk.

M’n ogen draaien weg van geilheid en ik zweet zaad. ‘Laat die man erlangs! Snel, verkoop hem een hamburger om z’n vleselijke lusten op bot te vieren voor hij zich aan de kinderen vergrijpt!’ Met overslaande stem bestel ik een McMondorgasme. Als de McMedewerker me het dienblad toeschuift, moet ik heel, heel hard aan het kunstgebit van m’n oma in een pan bedorven erwtensoep denken om niet prematuur te ejaculeren.

Met trillende handen maak ik het kartonnen bakje open. Nou, en daar ligt het dan, hoor. Het door een vuilniswagen overreden kadetje schoenzool. Het bloedt een slokje zure saus en er hangt zo’n groene snotrochel van een plakje augurk tussenuit, als een flubber darm uit een opengereten buik. Dit is geen hamburger, dit is een platgetrapte bruine pad die tussen twee verdorde kontjes van een wit casinobrood harakiri heeft gepleegd.

Mijn erectie is als sneeuw voor de zon verdwenen. Teleurgesteld begin ik het broodje naar binnen te proppen. Wacht, neem ik nou een hap uit het doosje? Nee, het is gewoon de burger die naar karton smaakt. Nou ja, ik kan straks altijd nog even in de ballenbak. Die hebben ze bij oud-Hollandsche cafetaria’s dan meestal weer niet.

Gerelateerd nieuws