Door: Redactie
Interviews

Schrijver Arthur van Amerongen: ‘Ik hou niet van de zelfkant. De zelfkant houdt van mij’

Het werd tijd: deze week debuteert Arthur van Amerongen in Revu met de nieuwe serie Cocky Conchita. In gesprek met de sc...

Het werd tijd: deze week debuteert Arthur van Amerongen in Revu met de nieuwe serie Cocky Conchita. In gesprek met de schrijver die in Portugal resideert. ‘Seks is volstrekt overgewaardeerd. Twee keer per dag rukken is mooi zat.’

Beschouw je jezelf meer als een schrijvende intellectueel of ben jij de laatste echte viezerik op deze aardkloot? ‘Ik vind het vleiender als u mij een intellectuele viespeuk zou noemen. Ach, wat is vies? De Rotterdamse schrijver A. Moonen was vies. Die deed aan poepseks. Daar ligt mijn grens wel, al zijn er genoeg mensen bij wie ik met alle plezier een dampende drol op hun harses wil kakken.’

Waar komt die sterke hang naar de zelfkant toch vandaan? ‘Ik hou niet van de zelfkant. De zelfkant houdt van mij. Ik voel me vaak een koorddanser, een blommenplukker op de rand van het ravijn, maar daar zit een hele complexe filosofie achter die ik u gerust een andere keer wil uitleggen. Denk aan Ayn Rand, Nietzsche en Paulo Coelho. Ik ben anderhalf jaar geheelonthouder geweest, maar dat heeft op de een of andere manier nooit de krant gehaald. Saai hoor, een leven zonder roes, dat wil ik u wel verklappen.’

‘Gooi er een beetje drank in en ik ben een dansende beer,’ zei je ooit. Wat trekt je zo aan in dat wilde zwijnenleven? ‘Het is een gezond fatalisme. Het beest in mij moet ontketend worden. Het is moeilijker het beest te kooien dan het los te laten. Ik ben een zwijn omdat dat het makkelijkst is.’

Nooit eens trek gehad in een simpel burgermansbestaan? ‘Ik heb het ooit geprobeerd met een ex. Die was chirurg in Maastricht. Ik gaf mijn hele toko in het Midden-Oosten voor haar op. Toen vond ik een bijzonder goed betaald baantje bij dagblad De Limburger. We woonden op de Pietersberg. Enfin, om een lang verhaal kort te houden: na een maand was ik weer heroïne en crack aan het scoren op de Romeinse brug, bij die neger die altijd bij de kiosk staat. En toen ben ik van lieverlee naar Spanje gevlucht, met mijn knapzak.’

Lees het hele interview deze week in Nieuwe Revu of op Blendle.

Gerelateerd nieuws