Premium

‘Lijden is niet iets moois’

Makkelijk vond hij het zeker niet, maar hij deed het wel. Omdat hij zo graag toe wil naar een wereld waarin niemand over een drempel heen zou moeten om te durven zeggen dat het soms even niet zo goed met je gaat.
Joshua Nolet

Joshua Nolet (31) praat open en eerlijk over Unfold, het nieuwe album van Chef ’Special. En hoe één liedje in het bijzonder hem uit de diepste duisternis naar het warmste licht trok.

Behalve jullie optredens eerder dit jaar tijdens Vrienden van Amstel Live hebben Dat lijkt me juist zo moeilijk als je al zo we al een tijdje niet veel van Chef’Special vernomen. Hoe is het met jullie?

‘Klopt, we hebben in 2019 nul shows in Nederland gedaan, maar voornamelijk in het buitenland gespeeld: Engeland, Spanje en vooral veel in Duitsland. We hebben onze pijlen gericht op de rest van Europa. Daarnaast zijn we druk bezig geweest met Unfold, ons nieuwe album. Nu komen we voor het eerst weer een beetje naar buiten. De single is uit en onze eerste shows hier in eigen land staan vanaf deze maand gepland.’

Hoe gaat het met de band in het buitenland?

‘Goed. Het is een slow build, eigenlijk precies zoals we het ook in Nederland hebben gedaan: langzaam een fan base opbouwen door veel festivals en clubshows te doen. Aan de streams op Spotify en aan hoeveel mensen er op onze shows afkomen, merken we dat onze schare fans steeds groter wordt. Die groei gaat heel organisch. Ik denk dat dat nog steeds de meest duurzame manier is om te doen. Juist nu is het belangrijker dan ooit om je fans aan je live-act te verbinden en niet alleen afhankelijk te zijn van radiohits of Spotify-playlists. Natuurlijk is een hit in een ander land leuk, maar liever hebben we een hit in een land op het moment dat we daar al een basis hebben. We willen live overtuigen, dat is hoe we het altijd hebben gedaan.’

Is het moeilijk om je motivatie voor die weg van de lange adem vast te blijven houden?

‘Als je eenmaal een show staat te spelen, maakt het ons uiteindelijk geen reet uit of dat nou voor dertig man is of voor veertigduizend. Ik merk dat wij soms voor een kleine zaal nog gemotiveerder zijn, juist omdat er tijdens die shows nog zoveel groei te behalen valt. Het enige waar de uitdaging ligt, is dat je bij de liedjes die je speelt altijd weer teruggaat naar het gevoel van waaruit dat liedje tot stand kwam. Wat er in dat liedje zit en waarom je dat wil brengen. Als je dat verliest en je gaat het op de automatische piloot doen, kan het denk ik heel vermoeiend worden.’

Dat lijkt me juist zo moeilijk als real zo lang bij elkaar bent zoals jullie.

‘Klopt. Je bent er samen verantwoordelijk voor om steeds weer die verdieping op te zoeken. Juist dat hebben we met ons nieuwe album ook heel erg gedaan, vind ik. Ik was verrast hoe we dit creatieve proces zijn doorgekomen en op weer een nieuw level terechtkwamen. Dat we op de een of andere manier na elf jaar samen zijn een sfeer creëerden in de studio die weer nieuw was. En waarbinnen we ons nog comfortabeler en veiliger voelden om alles met elkaar te delen. Soms schrijf je weleens dingen, die bewaar je in je nachtkastje en hou je voor jezelf. Omdat je het te eng vindt om te delen of whatever. Deze keer hebben we elkaar echt uitgenodigd om eerlijk te zijn. Alles delen, niks meer achterhouden. Geen ruis van buitenaf, gewoon wij met z’n vijven. Dat voelde tof, zo zijn er denk ik bepaalde liedjes op het album gekomen die er anders misschien niet waren geweest.’

Het maakt ons uiteindelijk geen reet uit of we voor dertig man spelen of voor veertigduizend

Wat is het eerlijkste dat jij aan de band en het papier hebt toevertrouwd?

‘Ik heb twee voorbeelden. Om te beginnen het intro van het album, Blue Fairy Magic. Dat nummer gaat over depressie en naar binnen kijken bij jezelf, thema’s die verderop in het album ook terugkomen. Halverwege het intro komt de band erbij en neemt de muziek je mee naar buiten: van de winter naar de zomer, van de donkerte naar het licht. Voor dat intro heb ik wel achttien verschillende versies geschreven, want ik wilde dat het zo eerlijk mogelijk was. Op een gegeven moment besloot ik gewoon om mijn voicememo aan te zetten en elke gedachte die langskwam, te delen. En dat werd het dan. Voor de eerste helft van het intro hebben we in de studio letterlijk mijn voicememo’s gebruikt. Je zit in mijn hoofd, mijn gedachten schieten van links naar rechts, het is bijna verstikkend. Het voelt irrationeel, want gedachtes zijn ook irrationeel en tegenstrijdig. Daar ben je soms slachtoffer van. Dat wilde ik op de een of andere manier vangen. Op een gegeven moment heb ik het over de jongens in de band: You’re no one without them. En meteen daarna: No, you grow because of them. Waarschijnlijk is het allebei een beetje waar.’

Dat intro klinkt bijna als een mission statement. Waarom wilden jullie de plaat op die manier beginnen?

‘Omdat ik gewoon alles op tafel wilde flikkeren. Het album heet niet voor niets Unfold. Dat gaat wat mij betreft over jezelf ontvouwen tot wie je helemaal bent, zonder dat je bepaalde kreukels niet durft te laten zien. Dat wilde ik vanaf moment één duidelijk maken. Ik voelde het verlangen om eerlijk te zijn over hoe donker het leven soms is. Hoe het op je gemoedstoestand kan drukken. Dat is in ieder geval een onderdeel van mijn leven, een paar maanden per jaar, wanneer het buiten koud en donker is. Ik wilde dat een plek geven. Dus ja, het is ook een statement. We wilden deze plaat eerlijk openen en tegelijk ook die andere kant uitdragen. Voor mij staat de zomer daar symbool voor. Dat je zintuigen weer open gaan staan en je nieuwsgierig bent en je over kunt geven aan het leven. Ik denk dat ik op onze vorige albums niet helemaal het achterste van mijn tong liet zien. Op een gegeven moment zing ik op de nieuwe plaat: I should quit. Dat zijn gedachtes die soms voorbijkomen. Gewoon stoppen, helemaal, met alles. Niet dat je dat ook meteen gaat doen, maar het is een gedachte die weleens kan komen, op momenten dat alles om je heen heel donker is. Ik wilde dat een plek geven zonder het op wat voor manier dan ook te romantiseren. Dat hele idee dat muzikanten horen te strugglen, want dat levert de mooiste muziek op, daar ben ik geen voorstander van. Lijden is niet iets moois. Maar het is er nou eenmaal wel. Depressie is een serieus onderwerp, en voor veel van mijn generatiegenoten zeer actueel. Voor mij hielp het om het een plekje te geven op het album. Het laatste liedje van de plaat, To All The People That I Know, gaat daar ook heel sterk over.’

Dat liedje komt op mij bijna over als een afscheidsbrief.

‘Ja, en tegelijk een uitnodiging om jezelf eraan te herinneren dat je mensen om je heen hebt. De weg vooruit zit ’m in verbinden, niet in jezelf afsluiten. Want daar gaat het mis. Ik wil niet helemaal invullen wat dat liedje is, want ik wil dat mensen een open luisterervaring hebben. Daarom worstel ik een beetje met mijn woorden.’

Elk liedje zal voor iedereen altijd iets anders betekenen. Maar ik wil wel graag van jou horen wat het voor jou betekende toen jij het schreef.

‘Het was voor mij inderdaad een soort afscheidsbrief. En... Toen werd het een songtekst en vergat ik dat het een afscheidsbrief was. In die zin heeft het me heel erg geholpen.’

Die tekst schreef je toen je echt op de bodem zat?

‘Ja. Ik heb ’m in de winter geschreven. En eh... Toen is ie op de plank komen te liggen. In de zomer keken we er weer naar en hebben we ’m samen, met een lichtere mindset, afgemaakt. Voor mij heeft dat liedje ook iets hoopvols. Het eindigt met: To remind me to remember all the people that I know. Wees je ervan bewust dat er allemaal mensen om je heen zijn. Zij houden van jou en jij houdt van hen. Op het moment dat je daar bewust van wordt, wordt het lichter. En heb je honderdduizendmiljoen redenen om er hier iets moois van te maken.’

Maar dat is op het moment zelf ontzettend moeilijk om te zien, hè?

‘Soms is het onmogelijk om te zien. Heel raar hoe dat werkt. Het is zo’n irrationeel gebeuren. Je weet dat je zou moeten denken dat het leven mooi en de moeite waard is, maar tegelijk lijkt het onmogelijk om dat ook echt te kunnen voelen. Maar het is in ieder geval goed om het erover te hebben, dat is het enige wat ik weet. Ik ben geen expert op dat gebied, maar ik weet dat het erover hebben met de mensen om je heen, om die erbij te betrekken, cruciaal is om er weer uit te komen. Dat het weer draaglijk wordt.’

Het is beangstigend hoe weinig wij soms weten van wat er in het hoofd en het hart van een ander omgaat. Ineens is het daar, die peilloze diepte, en sta je aan de rand.

‘Dat is het gevaar van jezelf afsluiten. Van niemand toelaten. En niemand iets vertellen. Dan geef je jezelf de vrijheid om je daar helemaal in te verliezen, zonder dat ook maar iemand jou een reddingsboei kan toegooien. Dan nemen je donkere gedachtes de boel over. Je hoort het van zoveel mensen om je heen. Er wordt gelukkig al wel meer over gesproken, maar ik verbaas me er soms over hoe moeilijk het voor mensen kan zijn om dat toe te geven. Zo zou het niet moeten zijn. We moeten af van het idee dat alles maar de hele tijd perfect moet zijn. Want het leven is niet perfect, dat is het nooit.’

Kun je dat moment nog voor de geest halen, dat jij de tekst voor To All The People That I Know voor het eerst op papier ging zetten?

‘Ik zat beneden, in onze studio. Het was heel donker in mij, ik kreeg niks op papier. Dat vond ik heel erg... dat vond ik gewoon heel kut. Toen was er ineens die zin, to all the people that I know. En ik dacht... Sorry, ik weet niet hoe eerlijk ik hierover wil zijn, ik vind dit een beetje moeilijk. Want dat ben ik nog niet geweest namelijk, zo on point. En ik heb ook nog niet helemaal bedacht of ik nou wil dat ik de betekenis van dit liedje al invul voor mensen. Dat het liedje dát is. Dat vind ik wel lastig, eigenlijk. Wat zal ik erover zeggen? Ik liet me even verleiden door de gedachte dat ik ermee ging stoppen. Maar ik mocht niet zomaar weg. Ik moest eerst iets moois achterlaten. Toen begon ik met schrijven en daardoor vergat ik eigenlijk dat ik dat ene wilde doen. En deed ik het niet.’

Dat nummer is dus letterlijk een reddingsboei die je naar jezelf hebt gegooid.

‘Ja, heel erg.’

Ga je het ook spelen?

‘Ja, tuurlijk. Vind ik wel. Ik vond het helend om het te schrijven en helend om het op te nemen. En ik denk dat ik het ook helend ga vinden om het te zingen. Ook als reminder. Dit liedje is een reminder voor mij om mensen uit te nodigen in mijn duisternis die ik op bepaalde momenten voel, zodat ik er ook weer uit kom. En ik hoop ook dat ik andere mensen kan uitnodigen om erover te praten.’

Eind 2018 deelde je voor het eerst op je Instagram-account dat je worstelt met depressies, vooral in de wintermaanden. Was dat een moeilijke stap? Want als je de eerste drie platen van Chef’Special achter elkaar luistert, krijg je totaal niet het gevoel dat dit iets is waar jij al jaren mee te maken hebt.

‘Ja, dat vond ik niet makkelijk. Ik voelde ergens een soort verantwoordelijkheid om daar open over te zijn. Niet om een bom te droppen of medelijden te wekken, dat was het totaal niet. Ik wilde gewoon dat we in een wereld zouden leven waarin het eigenlijk doodnormaal is dat iemand zoiets deelt. Ik hield mezelf op dat moment in zekere zin een beetje voor de gek: in mijn ideale wereld zouden mensen dat gewoon kunnen delen, zonder dat het een big deal is. Maar blijkbaar is dat het nog steeds wel. Ik werd overladen door berichtjes van mensen die er ook mee strugglen, maar het tegen niemand durven te zeggen. Daar schrok ik dan ook weer van. Ik merk dat ik nog steeds niet een vorm heb gevonden om... Nou ja, misschien dat liedje dan. Dat muziek misschien de meest natuurlijke manier is voor mij om hierover te praten. Ik zou willen dat het niet gelijk zo’n big deal zou zijn. Ook nu, in dit interview, vind ik het weer ongemakkelijk en moeilijk om erover te praten. Terwijl, waarom? Soms gaat het goed met me, soms gaat het slecht. Dat hoort bij het leven en het gaat weer over. En op het moment dat ik niet doe alsof het er niet is, gaat het sneller over. Dat, een beetje.’

Ik kan me heel goed voorstellen dat het moeilijk is om jezelf zo eerlijk en kwetsbaar bloot te geven. Zeker als je een publiek persoon bent. Want iedereen gaat er iets van vinden of over vragen, zoals ik nu doe.

‘En logisch ook, ik geef iedereen een soort vrijbrief. Maar ik heb ook niet altijd zin om daarover te praten. Ik wil ook niet dat het iets wordt dat mij definiëert. Ik ben meer dan alleen dat. Maar het is wel een onderdeel van mijn leven. En ik voelde op een gegeven moment een soort verantwoordelijkheid om eerlijk te zijn, in ieder geval naar de mensen toe die de band en onze muziek serieus nemen. Ik weet ook niet precies waarom, maar het voelde gewoon alsof ik dat moest doen. Ik ben niet iemand die snapt hoe dit werkt. Dus ik heb er ook geen oplossing voor. Maar hou het niet geheim, betrek mensen erbij. Dat is wat ik honderd procent weet. En maak het niet groter dan het is. Ga niet mee met elke gedachte, want gedachtes komen en gaan. En ze kunnen heel tegenstrijdig zijn.’

Soms gaat het goed met me, soms slecht. Dat zou geen big deal moeten zijn

Hoe pakt zoiets praktisch gezien voor jou als muzikant uit? Ik kan me voorstellen dat je in de wintermaanden bijvoorbeeld niet aan liedjes gaat werken. Dan komt er toch heel andere muziek uit de koker rollen.

‘Niks, zelfs. Er gebeurt niks. In de winterperiode ben ik niet op mijn creatiefst. Ik kan er vaak daarna pas over schrijven, als ik me vrijer voel in mijn hoofd en niet vastzit. Als ik To All The People That I Know als voorbeeld neem: ik wilde niet een liedje schrijven waarin ik in een soort slachtoffersituatie de hele tijd zit te huilen. Ik wilde mensen niet verdrietig maken. Het moest uiteindelijk ook iets lichts brengen, juist door dat verdriet heen. Maar dat kon ik er pas later aan toevoegen. Op een gegeven moment hadden we, over de periode van een jaar, een stuk of zestig songs gemaakt voor het album. In een huisje in IJmuiden deden we toen een luistersessie om door al die tientallen ideeën heen te spitten. Dus we gingen zitten, biertje erbij, lekker luisteren. Op een moment kwamen er zes songs langs. Ik hoorde mezelf die liedjes zingen, maar ik had er nul herinneringen aan. Ik dacht: hè, wat is dit? De jongens keken me aan en zeiden: “Josh, dit is van afgelopen winter, toen je naar de studio kwam, maar eigenlijk niet in de studio moest zijn omdat je zo donker was.” Ik had dat helemaal geblokt, ik wist totaal niet meer dat ik die liedjes had opgenomen. Alsof een ander mens die muziek had gemaakt.’

En toch dendert de Chef’Special-trein twaalf maanden per jaar door. Hoe pak je dat dan aan?

‘Nou ja, soms gaat die even op de noodrem. En dan kijk je waar je in de winterperiode af en toe even niks kan doen. Of even weg kan gaan. Maar ik wil toch dat die trein altijd wel door blijft gaan, al is het maar een beetje. Want als ie helemaal stopt, wat ga ik dan doen? Uitrusten? Je moet bezig blijven. Jezelf aan de gang houden. Misschien op een lager pitje, maar passiviteit is, in ieder geval voor mij, geen oplossing.’

Ben je een ander mens geworden nu je het hebt gedeeld?

‘Ik merk dat het anders is sinds ik mijn dierbaren erbij heb betrokken. Dat zij het weten en dat ik bij hun aan de bel kan trekken, maakt heel veel verschil. Ook dat ik het er met de jongens in de band over kan hebben. Dat wilde ik bijvoorbeeld ook heel lange tijd totaal niet doen. Ik wilde gewoon verdwijnen. Thuis zitten met de dekens over mijn hoofd en verder niks. Nu weet ik dat het een fase is die ook weer over gaat. Ik heb echt zin in het moment dat onze plaat uitkomt en dat we shows kunnen gaan spelen. Een depressie killt al je nieuwsgierigheid en sluit je af. Maar als ik op het podium sta met de boys om me heen en het publiek voor mijn neus, dan kun je niet ontsnappen aan dat moment. Dan sta je echt in het hier en nu, met al je zintuigen vol open. Je trekt je niet terug uit het moment, maar bent helemaal aanwezig. Dat helpt omdat het mij heel erg verbonden laat voelen met iedereen.’

Wanneer heb je het tegen de jongens in de band verteld?

‘Die weten dit wel al langer. Het is alweer een aantal jaar geleden, die eerste winter dat het mij overviel. Het kwam ineens, dit is niet iets dat ik mijn hele leven al heb. Raar, hè? Ik moet eerlijk zeggen dat ik ook nog steeds niet snap waarom en hoe het er opeens is gekomen. Het moment dat je het deelt, geeft al zo’n instant verlichting. Dat de jongens tegen je zeggen: “Hé dude, het is oké.” Zonder dat je te veel op ze gaat leunen, want daar moet je natuurlijk ook voor oppassen. Maar dat het er mag zijn, is al tien stappen in de goede richting.’

Stuitte je ook op onbegrip?

‘Verbazing, vooral. “Hè? Jij?” Natuurlijk, er zijn genoeg mensen die nooit last hebben gehad van depressieve episodes of gedachtes. Ik heb ook vrienden, die flieref luiten overal doorheen. Bless those people, haha. Dat is supermooi, maar not me.’

NIEUWE REVU ONTMOET JOSHUA NOLET

Waar? In een hotel ergens in Rotterdam, omdat Chef’Special die avond een optreden had in Ahoy’ bij de Vrienden van Amstel Live. Nog iets genuttigd? Tonnen bier en stapels brood, en harde worst vol kokosnoot. Verder nog iets? Een fijn stukje advies van Joshua naar de mensen toe: ‘Sinds ik zo’n ijsbadsessie heb gedaan volgens de Wim Hof-methode, sta ik zonderuitzondering elke ochtend koud te douchen. Het heeft allerlei voordelen, zowel lichamelijk als geestelijk. Als je onder zo’n koude douche gaat staan en je overleeft dat een minuut, dan start je je dag al meteen met een kleine overwinning op jezelf. Ik kan het iedereen aanraden. Mijn energierekening is ook nog eens superlaag.’

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws