Het moet weer 's: ERDOGAN GEITENNEUKER!

Beste Recep Tayyip Erdo?an, Het wordt een beetje vermoeiend om steeds maar een statement te maken over de vrijheid va...

Beste Recep Tayyip Erdo?an,

Het wordt een beetje vermoeiend om steeds maar een statement te maken over de vrijheid van het woord. Tegelijk: wat moet, dat moet. En dankzij u, en vooral uw gewillige beul Angela Merkel moet het weer 's. Dus: ERDOGAN GEITENNEUKER!

Dat gezegd hebbende: het valt me op in kwesties waar het vrije woord wordt bedreigd, en dat zijn er inmiddels nogal wat (Theo van Gogh, Nekschot,, Charlie Hebdo), dat sommige mensen eerst een discussie beginnen over de kwaliteit van de cartoon of sketch waar al het gezeik om begon. Waarom zou je de behoefte voelen om als een soort disclaimer te melden dat je Charlie Hebdo ook wel erg grof, of Nekschot erg gevoelloos, of Jan Böhmermann heel plat vindt? Vanaf het moment dat kunstenaars worden bedreigd of zelfs vermoord, doet smaak er totaal niet meer toe, volgens mij. Over smaak valt te twisten, maar voor elke twist bestaat er een tijd en plaats, en volgens mij is van beide even geen sprake als de smaakmaker zit ondergedoken.

Ik vind het voltrekt niet grappig om iemand geitenneuker te noemen, noch vermoed ik daadwerkelijk dat u ooit een vierpotige heeft gepenetreerd. Het doel van massaal beledigen is allereerst  een vorm van solidariteit met degene die dat als eerste deed, in dat geval een Duitse komiek, en zo een poging doen te voorkomen dat hij als enige daar ook de ellende van ondervindt. En daarnaast is het een manier om te onderstrepen dat dat hier bij ons, in een democratie, mag.

Ik las ook mensen die vinden dat we nu rekening moeten houden met uw gevoelens, omdat we nu eenmaal met u samenwerken in de vluchtelingencrisis. Daarom moet je volgens mij dat tweede ook niet doen. En als je het wél doet, samenwerken met een onberekenbare dictator, dan op de afspraak met jezelf dat hij nooit over jouw beleid gaat. Ook als dat al snel weer het einde van die samenwerking betekent.

Het blijkt voor veel mensen een selectieve kwestie, die vrijheid van het woord. Ik zit bijvoorbeeld zelf bij een uitgever met een verzetsverleden, De Bezige Bij. Bij diezelfde uitgeverij verschijnt binnenkort een boekje van de Belgische publicist Abou Djah Djah. Ik ben het met vrijwel alles wat Abou Djah Djah denkt oneens. Bovendien: in zijn columns, op radio en tv giet hij nog een laagje beschaving over zijn meningen, maar op Facebook toont hij zijn ware aard, waar het antisemitisme vanaf druipt. Of moet ik de zin ‘Look Zionist Jew, don’t talk to me about Holocaust cos I have nothing to do with it and I don’t care about it’ soms ook lezen als een vorm van medeleven met die arme Palestijnse kindertjes?

Sommige collega-auteurs bij De Bezige Bij zijn er heel boos over dat zijn nieuwe boekje (met dan vast plots foutloze zinnen), bij onze uitgever verschijnt. Jessica Durlacher bijvoorbeeld, en haar man Leon de Winter. Die van de uitspraak “Misschien moet we in het geheim een anticonceptiemiddel in het drinkwater in Gaza toevoegen,” die we vast ook moesten interpreteren als een vorm van medeleven met die arme Israëlische kindertjes. Abou Jahjah niet uitgeven of wij zijn weg, zeggen ze, want zijn opvattingen zijn verschrikkelijk.

Mee eens. Maar proberen te voorkomen dat iemand met een mening die jou niet aanstaat die mening mag uiten: dat doet me net iets te veel denken aan mannen die voor geitenneuker moeten worden uitgemaakt.

Leon Verdonschot