'Gevalletje kinderblaas, dacht ik, maar het bleek suikerziekte'

Columnist Jerry Hormone dacht dat alleen baggervette babyboomers en bejaarden diabetes kregen, en pechvogels die het van kinds af aan al hebben. Maar dat was vorige week...

LADA, maar dan niet die belabberde auto. Tot een week geleden had ik er nog nooit van gehoord en nu heb ik het. Ik moest al een tijdje vaak, heel vaak pissen. Gevalletje kinderblaas, dacht ik. En veel zuipen, natuurlijk. Want dat doe ik. Of deed ik. En daar moet een mens nu eenmaal veel van plassen. Biertje erin, biertje eruit.

Niks om me echt zorgen over te maken, maar dat ik er ’s nachts drie, vier, vijf en op het laatst wel zeven keer uit moest om te zeiken, dat begon me toch wel te vervelen. En dorst had ik. Zelfs op m’n zelf opgelegde alcoholvrije dagen. Een sixpack 0.0, een liter halfvolle melk erachteraan, glas na glas aanmaaklimonade. Hel, ik dronk zelfs water, maar bleef maar met die droge waffel zitten.

‘Klinkt als diabetes,’ zei iemand. ‘Nee, joh. Ik ben 37, net geen 1 meter 80 en weeg iets van 65 kilo. Suikerziekte, dat hebben alleen baggervette babyboomers. Ja, en die pechvogels die het van kinds af aan hebben.’

De dokter leek het ook onwaarschijnlijk, maar voor de zekerheid wilde ze toch even m’n bloedsuiker prikken. Drie uur later liep ik het ziekenhuis uit met een kartonnen koffertje vol naalden, prikpennen, insuline en informatiefolders met stockfoto’s van rimpelig lachende grijze mannen en vrouwen. Zij zijn er ook oud mee geworden, dacht ik toen ik de boekjes doorbladerde.

Latent Autoimmune Diabetes in Adults. Dat LADA dus. Lang verhaal kort: ook zonder jezelf helemaal dicht te vreten en/of bejaard te zijn, kun je als volwassene suikerziekte krijgen. Wie had dat gedacht? Ik niet.

Vind ik wel geinig ergens. Je staat als sterfelijk mens zoveel angsten uit. ‘Bang voor dood en bang voor pijn,’ om Henny Vrienten te citeren. Ik heb in m’n leven zonder enige directe aanleiding zoveel gevreesd: verkeersongelukken, geslachtsziekten, kopschoppen, natuurrampen, gek worden en allerhande kankers. Maar nooit, nog geen seconde, ben ik bang geweest dat ik ooit nog eens diabeet zou worden. Tja: ‘Een mens lijdt dikwijls ’t meest / Door ’t lijden dat hij vreest / Doch dat nooit op komt dagen / Zo heeft hij meer te dragen / Dan God te dragen geeft.’

Welk leed mij nu te dragen gegeven is? Vooral heel veel in mezelf prikken, om bloedsuiker te meten en insuline toe te dienen. Koolhydraten tellen, want hoe minder ik er eet, hoe beter. En last but not least niet meer ongebreideld, bandeloos, alle-remmen-los-, wie-dan-leeft-wie-dan-zorgt- en na-ons-de-zondvloed-zuipen, want schijnbaar gaat je bloedsuikerspiegel van alcohol op en neer als een jojo, en als het tegenzit slinger je in je dronkemansslaap in een hypo waar je nooit meer uit wakker wordt. En dat willen we natuurlijk koste wat kost voorkomen. Er valt tenslotte nog zoveel te vrezen. 

window._taboola = window._taboola || []; _taboola.push({ mode: 'alternating-thumbnails-a', container: 'taboola-below-article-5df2fa6bba305', placement: 'Below Article Thumbnails 2', target_type: 'mix' });