googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_header'); });

‘Dry January niet gelukt? Februari is er weer een maand’

‘Wie niet dronk was spelbreker en een beetje minderen kon altijd nog, of anders enkel drinken in het weekend. Maak je jezelf wijs’
googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_inarticle'); });
@media (max-width: 679px){#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6283ae2cda500 img{#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{width: 480px;height: 480px;}}@media (min-width: 680px) and (max-width: 1000px){#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6283ae2cda500 img{#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{width: 740px;height: 740px;}}@media (min-width: 1001px){#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6283ae2cda500 img{#fig-6283ae2cda500 img.lazyloading{width: 160px;height: 160px;}}

Ik ben eigenlijk per ongeluk gestopt met drinken. De bedoeling was: afvallen. Omdat mijn vrouw me met vetschort en plofkop ‘niet meer zo aantrekkelijk’ vond en me, onder dreigementen van overspel met een knappe boy, naar een hoog aangeschreven diëtist had gestuurd. Dat was niet leuk, maar wel terecht, want ik woog 110,9 kilo en leed als gevolg daarvan volgens de diëtist aan het metaboolsyndroom – een verzameling akelige welvaartsklachten met een goede kans op een ontijdige uitvaart. Ik wilde nog niet dood en al helemaal niet als obese vrijgezel, dus ik adopteerde een ander voedingspatroon, sloeg aan het sporten en viel af.

Op een gegeven moment woog ik nog 102 kilo en stagneerde de boel. Goede raad was duur, dus ik meldde me weer bij de diëtist met de vraag waarom ik niet allang onder de 100 was gedoken. Waarop zij betweterig snoof dat ik dan misschien een keertje één glaasje rode wijn per dag moest drinken, in plaats van vier witte.

Gemene tang.

Ik schreeuwde dus moord en brand en ‘wil je me ook mijn laatste pleziertje nog afnemen?’ en vertrok met slaande deuren. Maar haar woorden bleven in mijn schedel bonken. En op 3 september 2016, op de golfbaan van Vlijmen-bij-Den-Bosch, in de greep van een machtige maagzuurkater, besloot ik het nuttige (verder afvallen) met het nuttige (nooit meer horrorkaters) te verenigen en voor altijd te stoppen met het drinken van alcohol. Zoals ik zei: min of meer per ongeluk. Maar het lukte wel en ik viel nog eens 14 kilo af, puur door de drank.

Vóór dat moment had ik het nog nooit geprobeerd, stoppen met drinken. Wel vaak over nagedacht, als het weer een een keertje te bont was geweest. Of als Dry January voor de deur stond. Maar nooit echt serieus. Want alcohol had zo’n vanzelfsprekende plaats in mijn leven, dat stoppen onnatuurlijk en zelfs mild onfatsoenlijk voelde. Iedereen om mij heen dronk immers ook gezellig mee, wie niet dronk was spelbreker en een beetje minderen kon altijd nog, of anders enkel drinken in het weekend. Maak je jezelf wijs.

Ik weet niet of ik er ooit aan was begonnen, stoppen met drinken, als ik niet zo graag had willen afvallen, maar ik ben blij dat ik het heb gedaan. En ik weet dus hoe moeilijk het is te stoppen als je niet heel sterk bent gemotiveerd. Want deze verslaving – laten we het ‘gewoonte’ noemen – zit diep in je sociale en fysieke systemen verankerd en laat je niet zomaar los. Maar als het je lukt, krijg je er heel veel voor terug – een gezond lichaam en een scherpe geest. En je verliest niets behalve dom gelal en pijn in je kop. Dus Dry January niet gelukt? Februari is er weer een maand.

Laatste nieuws