googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_header'); });

‘Het leven was eenvoudig. Nu niet meer’

‘Deze week moest zelfs A., mijn onverwoestbaar gewaande breekijzer, het hoofd buigen voor het ondoorgrondelijke administratiesysteem van opdrachtgever X’
googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_inarticle'); });
@media (max-width: 679px){#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-62f93e7dd593d img{#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{width: 480px;height: 480px;}}@media (min-width: 680px) and (max-width: 1000px){#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-62f93e7dd593d img{#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{width: 740px;height: 740px;}}@media (min-width: 1001px){#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{background: #eee;}#fig-62f93e7dd593d img{#fig-62f93e7dd593d img.lazyloading{width: 160px;height: 160px;}}

In principe moet een mens eten. Eten kost geld. Om geld te verdienen, moet je werken. Als loonslaaf bij een baas of – zoals ik – als kleine zelfstandige. Als ik mijn werk heb voltooid, wil ik dan ook graag worden betaald. Zodat ik geld heb om te eten. En alle dingen te betalen die het leven zo leuk, veelzijdig en fokking duur maken.

Vroeger ging dat zo. Je pakte een wit vel papier, draaide dat in de zogeheten typemachine, en tikte het adres van de opdrachtgever, een korte omschrijving van de geleverde dienst, het bedrag dat je in rekening bracht, en het vriendelijke verzoek dit bedrag binnen twee weken op je bankrekening over te maken. Je pakte dan een envelop, schoof daar de ‘factuur’ in, slobberde hem dicht en dropte hem in een brievenbus. Enige weken later dan afgesproken, maar een kniesoor die daar moeilijk over deed, verscheen dan het bedrag op je rekening, en was het feest bij de Heemskerkjes.

Het leven was eenvoudig.

Nu niet meer. Tegenwoordig moet je je – voor je een cent beurt – bij de gemiddelde werkgever eerst een weg zien te banen door een woud van digitale freelance-overeenkomsten, opdrachtformulieren, geautomatiseerde contrafacturen, Non-Disclosure-Agreements, liability waivers, verklaringen van goed gedrag, kledingcodes voor in en om het huis, een open schuldbekentenis voor je-weet-maar-nooit en een formulier van overdracht van alle rechten, nu en voor eeuwig, die rusten op je werk, online of op papier. Dat schijnt namelijk handig te zijn voor het bedrijf, met de belasting en zo.

Omdat ik steeds vaker last kreeg van formulierenvrees en regelmatig zachtjes lag te huilen in de smeerput, leek het ons beter om mij te ontzorgen door het aanstellen van niet één, maar twee financieel adviseurs, waarvan er één zich over de belasting boog en de ander mijn assertieve aanspreekpunt zou worden inzake contact met opdrachtgevers. Ik deed hoegenaamd niets.

Onder het motto: het kost een paar centen, maar dan slaap je tenminste af en toe, ging het zo een tijdje goed met mijn financiële flow. Maar helaas: deze week moest zelfs A., mijn onverwoestbaar gewaande breekijzer, het hoofd buigen voor het ondoorgrondelijke administratiesysteem van opdrachtgever X., een duivels gedrocht dat wordt bestuurd door kwaadaardige minions, die je gevangen houden in een eindeloze loop van wachtwoorden, vierogenverificatie en dubbelidentiteiten.

A. kon met geen mogelijkheid mijn geld los worstelen uit de machtige klauwen van X. en vroeg – o zoete ironie – of ik misschien nog ideeën had. Inmiddels had ik aan haar diensten al meer geld uitgegeven dan het hele bedrag op mijn factuur en draaide ik dus per saldo ruim verlies. Ik gaf A. opdracht het er verder liever bij te laten zitten. Die avond legde ik de eerste hand aan onze nieuwe moestuin.

Ben jij ook zo iemand die graag haantje de voorste is? Mooi. Volg Nieuwe Revu dan op Facebook, dan krijg je de columns altijd als eerste te zien. Of abonneer op onze nieuwsbrief. Sturen we onze beste artikelen gewoon naar je toe.

Laatste nieuws