William Rutten: 'Mark Rutte is een leugenaar, premier onwaardig'

Sinds zijn twaalfde zet hij mensen op de foto, sinds zijn zestiende is het zijn werk. Maar tegenwoordig drukt William Rutten (53) niet alleen meer op de knopjes van zijn camera’s; hij heeft uitgevonden dat er ook gepráát kan worden over fotografie. In zijn boeken, in zijn theatershow, op zijn Instagram, in Het perfecte plaatje en in Shownieuws: bij al zijn plaatjes heeft Rutten wel praatjes. Gelukkig pakt dat kiekjesgeklets goed uit: ‘Mijn grote angst was om mijn credibility te verliezen.’

William Rutten

Voordat we beginnen: wat is de meest gestelde vraag aan jou in interviews? Want dan stellen we die sowieso ook even.
‘Wie zou je nog graag willen fotograferen?’

Wie zou je nog graag willen fotograferen?
‘Haha, ik heb heel lang hetzelfde antwoord gegeven op die vraag, maar naarmate de tijd verstrijkt heb ik die drive steeds minder, dat ik bepaalde artiesten nog beslist wil fotograferen. Misschien heeft dat met leeftijd te maken of zo. Het boeit me niet zo heel veel meer wie, als het maar leuke mensen zijn. Daar komt bij dat ik de meeste gevestigde artiesten inmiddels ook wel heb gefotografeerd. En met de nieuwe generatie beroemdheden ligt het toch allemaal wat anders. Je krijgt steeds minder tijd met de grote sterren en dat maakt het allemaal net wat minder leuk en gezellig. Vroeger kwamen die gasten hier de hele dag, je moet nu blij zijn als je twee minuutjes krijgt op een hotelkamer en snel klik-klik-klik kan doen. Bovendien is er veel gezeur met contracten en willen ze eerst de foto’s goedkeuren. Vroeger kon je met de foto’s doen wat je wilde en kon je er ook verschrikkelijk veel geld mee verdienen. Dat is allemaal niet meer zo, de romantiek is er een beetje vanaf. Mede daarom ben ik ook wat meer richting de televisiekant gegaan, ik fotografeer voor zo’n beetje alle omroepen en tv-programma’s. Dat is eigenlijk veel leuker geworden door de creatieve vrijheid die je hebt.’

‘Ik hou niet van aanvaringen, ik heb geen zin in ruzie en ik slaap er slecht van. Als iemand heel lelijk over mij doet, dan heb ik daar best wel last van’

Het is niet de eerste keer dat ik in je studio ben. Wat weet je nog van de vorige keer?
‘Ik heb jou volgens mij een keer voor mijn lens gehad voor de Hitkrant. We hadden toen de rubriek Who the fuck is, waarbij we bekende Nederlandse mensen die normaal gesproken nooit in de Hitkrant zouden staan, toch een podium konden geven. Jij had toen aan Big Brother meegedaan en dat sloot aan bij de jonge lezersdoelgroep van de Hitkrant. Voor de rubriek lieten we de bekende persoon foto’s zien van nationale en internationale beroemdheden, waar ze dan met gepeperde meningen op mochten reageren. Dat zou nu helemaal niet meer kunnen.’

Hoe kan dat, denk je?
‘Omdat we in die hele woke toestand zitten. Iedereen moet leuk, aardig en gezellig zijn en je mag vooral niks kritisch of negatiefs zeggen. En als je dat wel doet, kom je ineens heel veel op televisie, want ze zoeken mensen met een mening, die durven er bijna niet meer te zijn. Dan word je opgeknoopt. Maar eh, dat jij hier was, zal denk ik zo rond 2000 zijn geweest?’

Bijna. Het was 2002. Hoe goed is je geheugen en je archief?
‘Ik fotografeer sinds mijn twaalfde. Vanaf het moment dat ik professioneel ben gaan werken, weet ik van iedereen nog wie ik heb gefotografeerd. En ik heb alles nog. Maar mijn analoge archief zit in doosjes, dus ik kan het niet gauw even pakken. Het was vroeger een kwestie van schieten, drie, vier favoriete dia’s uitkiezen en de rest ging in een doosje dat ik op de stapel gooide; daar staan ze nog steeds. De eerste vijf jaar heb ik alles heel netjes uitgeknipt en in mapjes gedaan, daarna nooit meer. Dat is later misschien wel een mooi taakje voor mijn kinderen.’

Benieuwd naar de rest van het interview? Je leest 't in de nieuwste Revu. Vanaf vandaag verkrijgbaar!

Interview
  • Andries Jelle de Jong