Premium

‘Ze slaan onschuldige mensen bont en blauw’

Bijna twee jaar na de eerste mishandeling door de Pilotenbende, een agressieve groep jeugdcriminelen, heerst er nog steeds grote angst onder de inwoners van Beverwijk en Heemskerk. Voor sommigen is de maat vol.

Pilotenbende

Nieuwe Revu liep een avond mee met de Beverwijkse burgerwacht. ‘Iedereen hier is bang van die klotebende. Wij zijn het spuugzat!’

Op een vrijdag in januari 2019 wordt Mark uit Beverwijk rond 03.00 uur wakker gebeld. Als hij de telefoon aan zijn oor zet, hoort hij aan de andere kant van de lijn zoon Dirk moeizaam hijgen en kreunen. ‘Pa, ik ben helemaal bont en blauw geslagen,’ zijn de eerste woorden. Na een gezellig avondje stappen in Heemskerk zijn Dirk en een vriend in de Beverwijkse Pilotenbuurt van hun fiets getrapt. Voordat zij doorhebben wat er gebeurt, ontvangen ze nog meer rake klappen en trappen van een grote groep agressieve jongeren.

‘Een aanleiding was er niet,’ zegt Mark over het traumatische incident van ruim een jaar geleden. ‘Het was volkomen zinloos. Die gasten vielen helemaal vanuit het niets aan, middenin in een woonwijk. Met z’n tweetjes tegenover tien van die koters, dan maak je natuurlijk geen schijn van kans. Ook al waren sommigen pas veertien.’

Dirk ziet nog voor zich hoe zijn belagers met kickbokstechnieken herhaaldelijk tegen zijn slaap trapten. ‘Het waren hoge, harde en gerichte trappen.’ Het mag een klein wonder genoemd worden dat Dirk en zijn vriend weten weg te vluchten. Aangekomen bij het politiebureau wachten zij een kwartier voor een dichte deur voordat de hulpdiensten zich eindelijk melden.

‘De politie in Beverwijk is zodanig onderbezet, dat er in deze noodsituaties een keuze moet worden gemaakt tussen de daders zoeken of het slachtoffer helpen,’ verklaart Mark. ‘In ons geval werd gekozen voor die eerste optie. Daarna kwam mijn zoon aan de beurt.’ De flink gehavende Dirk wordt uiteindelijk met 21 kneuzingen, voornamelijk rondom hoofd en nek, naar het ziekenhuis vervoerd.

Oogkas kapotgeslagen

Nog geen 24 uur later wordt een vriend van Mark op exact dezelfde wijze in elkaar getrapt. ‘Dezelfde groep jongeren, dezelfde trappen tegen het hoofd en in precies dezelfde buurt,’ zegt de Beverwijker. ‘Dat was voor mij voldoende aanleiding om op zoek te gaan naar antwoorden. In no time ontmoette ik meer ouders uit de Pilotenbuurt van wie hun kinderen hetzelfde was overkomen. Blijkbaar terroriseerde deze bende al sinds de zomer van 2018 onze stad. En bijna twee jaar later is dat nog steeds het geval. Wij hebben hier niet zomaar te maken met jochies die kattenkwaad uithalen. Dit betreft een terroriserende en georganiseerde groep die zichzelf de Pilotenbende noemt.’

Ten tijde van de mishandeling van Dirk staat de teller van de Pilotenbende al op ruim twintig overtredingen en misdrijven. ‘Er hebben in Beverwijk in korte tijd meerdere misdrijven plaatsgevonden in dezelfde buurt,’ zegt burgemeester Martijn Smit over de opvallende reeks mishandelingen tussen 2018 en nu. ‘De mate van agressiviteit is schokkend. Van een van de slachtoffers is zijn oogkas helemaal kapotgeslagen.’ Volgens de burgervader doet zijn gemeente er nu al twee jaar alles aan om het geweld de kop in te drukken. ‘De groep daders is groot en sterk wisselend. Met de politie zijn we tot een harde kern van zeven jeugdcriminelen gekomen. Zij worden momenteel allemaal vervolgd. Inmiddels hebben wij ook dwangsommen en gebieds- en samenscholingsverboden aan de verdachten opgelegd.’

De maatregelen van de gemeente gaan dan wel gepaard met een daling van het aantal mishandelingen, tegelijkertijd ergeren Smit en zijn bewoners zich aan twee nieuwe, haast onoverkoombare problemen. ‘Enerzijds zijn veel daders nog steeds erg moeilijk te identificeren, omdat ze met zoveel tegelijk toeslaan. Voor hard bewijs neemt de rechter geen genoegen met een wankele getuigenverklaring. Anderzijds mogen de daders die er wel uitgeplukt worden tot aan hun hoorzitting niet worden opgesloten vanwege hun minderjarige leeftijd. Hierdoor lopen ze nog lange tijd vrij rond en bedreigen ze hun slachtoffers nog steeds flink. Door rond het huis te cirkelen bijvoorbeeld. Dat is heel confronterend en beangstigend.’

In de buurt van het station houden zich verdachte sujetten op.

‘Nu gaan we jou pakken’

Kort na zijn mishandeling doet Dirk aangifte en identificeert op het bureau twee van zijn daders. Bedreigingen aan zijn adres volgen meteen. WhatsAppberichten als: ‘Jij hebt ons gesnitched. Nu gaan we jou pakken,’ zorgen voor verdere angst en onrust bij Dirk, maar ook bij andere buurtbewoners. In de weken na zijn mishandeling houden camera’s en een patrouillerende politiewagen toezicht op de woning van Dirk. Op zijn beurt houdt zijn vader de jeugdbende nauwlettend in de gaten. ‘Ik weet zelfs precies wie het zijn,’ zegt hij op dreigende toon. ‘Ik weet wie de leiders zijn, twee jongens uit Heemskerk. Ik hou ze goed in de gaten. De jongen die mijn zoon tegen zijn hoofd heeft getrapt wordt nu vervolgd en moet binnenkort voorkomen, al vrees ik dat hij er vanaf gaat komen met een simpele taakstraf. Belachelijk natuurlijk. Die maximale jeugdstraffen stellen helemaal niets voor in verhouding tot deze mishandelingen. Als jij iemand zwaar afranselt, moet je daar zwaar voor gestraft worden. De media en de politie spreken steeds van kleine crimineeltjes, maar als jij een vuurwapen of een mes onder iemands neus kan houden, ben je echt niet zo klein meer. Deze bende bestaat uit jochies met grote potentie om carrière te maken in het criminele circuit. Zelf zie ik hen allemaal het liefst van dertienhoog naar beneden springen.’

Die gasten stonden dag en nacht voor onze deur. Mijn dochter is meerdere malen ernstig bedreigd op social media, maar ook op school

Enkele maanden voor de mishandeling van Dirk haalde Marc Schuuring, teamchef bij politie IJmond, de term ‘jeugdbende’ nog onderuit. De explosieve toename van identieke mishandelingen door minderjarigen omschrijft Schuuring liever als ‘incidentjes’ en ‘jeugdgedrag’ van een ‘wisselende groep jongeren’. Die uitspraken leiden tot grote ergernissen bij Mark. ‘Ik heb sterk de indruk dat de politie de vele brute daden van deze bende nog steeds afdoet als kleine, afzonderlijke schermutselingen. Dat is niet zo. Dit is georganiseerde misdaad. Onschuldige mensen worden hier aan de lopende band bont en blauw geslagen. We zijn nu ruim een jaar verder en er is weinig veranderd. Ik ben doodmoe en nog steeds heel kwaad. Mijn zoon en dochter lopen bij een psycholoog. Natuurlijk heb ik op het punt gestaan het heft in eigen handen te nemen. Dit probleem door iemand anders laten “oplossen” is mij ook al aangeboden. Maar dat doe ik niet, want ik heb te veel te verliezen en ik heb al te veel tijd en energie in deze pleuriszooi gestoken. De druk op mijn gezinsleven wordt te hoog. Dit moet gewoon stoppen, linksom of rechtsom.’

Protestmars

De uitgesproken opvattingen van Mark worden ruimschoots gedeeld in zijn gemeente. Als het zoveelste tienermeisje in oktober slachtoffer wordt van een ernstige mishandeling door de Pilotenbende, organiseert Beverwijker Harry Anderies een protestmars. De initiatiefnemer heeft geen persoonlijk motief, maar noemt zichzelf ‘begaan met mijn stad’. Wel vreest hij iedere avond voor het welzijn van zijn 16-jarige dochter, die zoals de meeste jongeren hier amper over straat durven.

Tijdens de optocht lopen honderden woedende en wanhopige Beverwijkers en Heemskerkers met hem mee. Het plan voor een burgerwacht is geboren. Sindsdien loopt Harry onafgebroken met gelijkgestemden, onder de noemer Burgerparticipatie IJmond, door de beruchtste buurten van Beverwijk en Heemskerk. Elke avond rond de klok van 22.00 uur verzamelt zich een wisselend groepje van vijf à tien buurtbewoners voor het Beverwijkse politiebureau. Zo ook vanavond, ondanks het gure weer. In een geel, zelfbedrukt hesje wacht Harry geduldig tot zijn groep compleet is. In zijn rechteroor schuilt een communicatie-apparaatje. ‘Dat is een directe link met de meldkamer van de politie,’ legt hij uit. ‘Als wij hen oproepen, gaan alle alarmbellen af en krijgen wij de hoogste prioriteit. Zo heb ik dat afgesproken met de gemeente.’

Een volwassen man van 45 is onlangs helemaal kort en klein geslagen door achttien van die gastjes. gebroken kaak, gezicht helemaal open, ribben gekneusd 

Vier andere buurtbewoners melden zich voor de patrouille van vanavond. Uit een snelle rondgang door de groep blijkt dat iedereen een goede reden heeft om zich aan te sluiten bij de burgerwacht van Harry. Heemskerker Nick komt niet direct uit de buurt, maar zijn frustratie is er niet minder om. ‘Die mafkezen terroriseren vooral de Pilotenbuurt, maar zij breiden steeds meer uit naar omliggende buurten. In de afgelopen weken zijn er veel pizzeria’s overvallen door heel Beverwijk en Heemskerk.’

Ook voor Nick kwam het geweld dichtbij. ‘Een goede kennis van mij, een volwassen man van 45, is onlangs helemaal kort en klein geslagen door achttien van die gastjes. Gebroken kaak, gezicht helemaal open, ribben gekneusd. Het is verschrikkelijk, maar wat doe je ertegen als ze met zoveel tegelijk zijn? Die bende bestaat uit twintig à dertig jongens plus een heel grote groep die er graag bij wil horen. Op social media krijgen ze respect als ze anderen gezamenlijk in elkaar trappen. Dat is tegenwoordig de trend.’ Hij zucht diep. ‘Iedereen die ik ken, brengt en haalt zijn dochter iedere week van de dansschool. We zijn al twee jaar ongerust over onze kinderen. Iedereen hier is bang voor die klotebende.’

Buurtbewoonster Cynthia knikt. ‘We zijn het spuugzat. Mensen durven niet meer naar buiten en appen constant met hun kinderen als ze de deur uit gaan. De angst zit er goed in.’

Mislukte ripdeal

Als de groep compleet is, rukken we uit naar het Europaplein. ‘Een maand geleden vluchtte een jongen hier nog bloedend weg op zijn scooter na een mislukte ripdeal,’ vertelt Harry. ‘Uiteraard weer het werk van die bende.’

Vanavond is het aanzienlijk rustiger rondom het inspiratieloze winkelcentrum. De Turkse medewerkers van een dönerzaak zwaaien naar Harry en zijn volgelingen. ‘Iedereen hier kent ons inmiddels,’ zegt Harry trots. Achter hem loopt de jonge handhaver Niels. ‘We hebben altijd iemand bij ons die geweld mag toepassen.’

Een klein stukje verderop ligt de Pilotenbuurt, een troosteloze verzameling van jaren 50-portiekflats. Zoals veel winteravonden zijn er weinig mensen op straat te bekennen. Dan spot Cynthia een potentieel riskante situatie. ‘Daar!’ Ze wijst naar vijf jongens in een kring van fietsen. Er lijkt wat gescheld over en weer te gaan. Als de burgerwacht in versnelde pas op de jongeren afloopt, duurt het nog geen tien seconden voordat zij allen in een andere richting verdwijnen als sneeuw voor de zon. ‘Zo gaat het dus altijd,’ zegt Harry lachend. Ook zijn medestanders vermaken zich zichtbaar met de reactie van de vluchtende tieners. ‘Zodra ze ons doorkrijgen, zie je al direct een soort angst ontstaan. Voordat wij echt dichtbij kunnen komen om te praten, zijn ze alweer weggerend of weggefietst. Helden op sokken zijn het. Ze durven alleen met hun hele groep op één of twee anderen in te slaan. Daarom is het met onze buurtwacht nog niet tot een echte confrontatie gekomen. Dat zie ik ook niet gebeuren.’

In een half jaar van onafgebroken patrouilleren door de probleemwijken van Beverwijk en Heemskerk kwam de frontman welgeteld twee keer oog in oog te staan met de Pilotenbende. ‘We waren met zijn zessen, zij met ongeveer twaalf,’ herinnert Harry zich. ‘Ik was op mijn hoede, maar echt onder de indruk van die gasten was ik niet. Ook toen vluchtten ze van ons weg.’

We lopen verder door donkere steegjes, over verlaten pleintjes en langs rustige straten. Op het pleintje voor het treinstation zitten twee jongens met bontkraagjes op een bankje. Een van hen draait een shaggie. Harry en Niels lopen vanaf vijftig meter zichtbaar fanatiek op de jongens af, alsof zij na heel lang hengelen eindelijk beet hebben. De zes leden van de burgerwacht nemen in een halve cirkel om de jongens heen hun positie in. Niels denkt al een overtreding in de smiezen te hebben. ‘Goedenavond jongens. Hoe komen jullie aan die sigaretten? Volgens mij zijn jullie nog te jong om die in de winkel te kopen?’

Een van de jongens kijkt verlegen weg. ‘Van mijn moeder gekregen,’ reageert hij schuw. Niels heeft een goede bui en houdt het bij een waarschuwing. ‘Nou, vooruit. Nog rare dingen gezien vanavond? Wat zijn jullie plannen verder?’ Tot een confrontatie komt het niet en dat betekent voor Harry weer een geslaagde avond. ‘We ervaren zelden spectaculaire dingen, maar we geven de bewoners wel een veilig gevoel,’ zegt de Beverwijker trots. ‘Al een maand na onze eerste rondes stroomden de positieve berichten van buurtbewoners binnen. Ze zien ons elke avond langslopen en dat geeft hen al een veilig gevoel. De bewoners durven hier eindelijk ’s avonds weer de straat op.’

Ook de burgemeester is lovend over de buurtwacht. ‘Sinds hun inspanningen is het aantal incidenten sterk gedaald en zijn buurtbewoners meer betrokken met elkaar.’ De steun van Smit aan een zelfstandige burgerwacht roept bij sommigen wel vragen op. ‘Toen ik met Harry in zee ging, waarschuwden collega’s mij voor een mogelijke escalatie,’ erkent hij. ‘Zo’n initiatief kan natuurlijk een geweldsspiraal in gang zetten. Aan de andere kant is het nog belangrijker dat je de inwoners laat zien dat we het geweld in onze stad meer dan zat zijn. Je kunt binnenblijven met je gordijnen dicht, of je kunt zichtbaar op straat aanwezig zijn.’

De burgerwacht patrouilleert door de straten.

Preventief optreden

Om helemaal van de Pilotenbende en soortgelijke problemen af te komen, moet er dieper worden gegraven naar de oorzaak van crimineel gedrag. ‘Ik ben van hard optreden, maar nog meer van preventief optreden. We moeten naar een systeem toe waarin wij er meteen bij zijn op het moment dat een minderjarige niet meer naar school gaat en ontspoort. Dan kunnen we direct kijken naar zijn situatie: hoe zit het met zijn broertjes, vriendjes, familie? Dat kan beter en daar investeren wij nu volop in.’

De media en de politie spreken steeds van kleine crimineeltjes, maar als jij een vuurwapen of een mes onder iemands neus kan houden, ben je echt niet zo klein meer

De vraag is in hoeverre de daden van de Pilotenbende toe te schrijven zijn aan het schrijnende agententekort, een probleem waar heel Noord-Holland al langere tijd mee kampt. Burgemeester Jos Wienen van Haarlem ontving meer dan een jaar lang de zwaarste beveiliging van Nederland en schreef onlangs een noodbrief aan het kabinet voor meer blauw op straat in zijn provincie. Burgemeesters uit Zaanstad, Hoorn, Heemskerk, Heerhugowaard en ook Martijn Smit scharen zich achter zijn noodkreet. ‘Wij hebben hier in Beverwijk en Heemskerk te maken met ontzettend veel meldingen,’ zegt Smit. ‘De agenten hebben het daar erg druk mee. Als dit capaciteitsprobleem wordt opgelost, blijft er meer tijd over om door de straten te wandelen en zichtbaar te zijn.’ Ook Harry ziet zijn leidersrol liever overgenomen worden door professionals. ‘Het is natuurlijk krankzinnig dat wij dit elke avond moeten doen. De hele regio IJmond en haar 150.000 inwoners heeft twaalf à veertien agenten. Ga er maar aan staan. Maar goed, daar kun je over gaan lopen zeiken, zoals op social media veel gebeurt, maar je kunt ook je mouwen opstropen en er zelf iets aan proberen te veranderen.’

Niet iedereen in Beverwijk is heilig overtuigd van de nobele initiatieven van Harry en zijn burgerwacht. ‘Harry doet het geweldig, ik doe het hem niet na,’ zegt Mark. ‘Maar of Beverwijk en Heemskerk nu echt veiligere steden zijn, dat betwijfel ik. Er gebeurt hier nog steeds van alles. De buurtwacht zou nog f link moeten groeien om echt het verschil te maken.’

Burgerwacht-oprichter Harry over handhaver Niels: ‘We hebben altijd iemand bij ons die geweld mag toepassen.’

Ondergedoken

Dat zijn scepsis gegrond is, blijkt wel uit de situatie van een andere voormalig buurtbewoonster van de Pilotenbuurt. Twee maanden geleden vluchtte Manon met haar drie kinderen weg uit Beverwijk, uit angst voor haar eigen leven en die van de kinderen. Op het moment dat u dit verhaal leest, zit ze met haar kroost nog steeds ondergedoken bij haar ouders, elders in Nederland. Van een terugkeer naar Beverwijk wil ze niets weten. Aan ons vertelt ze haar schrijnende verhaal.

‘De ellende begon twee maanden geleden, toen de airpods van mijn dochter werden gestolen tijdens schooltijd. Toen ik dit hoorde hield ik direct Marktplaats nauwlettend in de gaten. En wat denk je? Nog geen dag later stonden die oordopjes van mijn dochter te koop. We hadden er al voor de zekerheid een herkenningspuntje in gemaakt, dus ik herkende die dingen direct. De verkoper was een jochie van 13 jaar dat op social media poseert met pistolen. Ik heb direct de school gebeld, waarop de leiding hem vervolgens uit de les plukte en hiermee confronteerde. Maar ja, toen had hij nét oordopjes van iemand anders op zak. Hij ging vrijuit, ik kon niets bewijzen en mijn dochter is geoorloofd naar huis gestuurd. De volgende dag liep die 13-jarige jongen op mij af. “Wacht maar, je gaat zien wat er met jou en je dochter gaat gebeuren!” Zijn broer belde mij ook. “Jij komt aan de beurt!” riep hij. Alleen al van zijn accent sprong het kippenvel op mijn rug. De dag erna haalde ik mijn dochter op van school. Bij het schoolhek liepen drie jongens van die jeugdbende op mijn auto af. Ze bleven achter me staan en me aankijken. Eentje hield zijn hand dreigend in zijn binnenzak, en mijn dochter moest hier dus langs. Dan spookt er als moeder van alles door je hoofd. Toen ze eindelijk naar buiten kwam, gilde ik het uit dat ze moest rennen. De bedreigingen bleven komen. Die gasten stonden dag en nacht voor onze deur. Mijn dochter is meerdere malen ernstig bedreigd op social media, maar ook op school.’

De burgerwacht is compleet, het rondje door de buurt kan beginnen.

Drie dagen na het oordoppen-incident haalt Manon haar dochter van school. Uit doodsangst vlucht ze met haar kinderen weg uit Beverwijk, naar haar eigen ouders. Zichzelf er helemaal niet meer vertonen kan nog niet, want haar twee andere kinderen gaan er nog steeds naar school. Dus rijdt Manon elke dag uren op en neer om hen te brengen en op te halen. ‘Vorige week werd ik weer opgewacht door twee auto’s en acht man. Ze hebben me een poosje achtervolgd, toen ben ik heel hard weggerend. Het houdt niet op. Parasieten zijn het. Mijn kinderen kunnen niet eens buitenspelen. Ik ben in twee weken tijd negen kilo afgevallen. Nu loop ik met legale pepperspray op zak. Ik blijf achterom kijken.’

Manon wacht nog tot er iets met haar politie-aangifte gebeurt. Via een woningruil wil zij ‘haar stad’ definitief achter zich laten. ‘Geen haar op mijn hoofd die eraan denkt om ooit nog terug te keren naar Beverwijk.’

De namen Mark, Dirk en Manon zijn om privacy-redenen gefingeerd. De echte namen zijn bij de redactie bekend.

Premium
Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct
Misdaad
  • Amaury Miller