Premium

De wijzen uit het oosten

De coronacrisis zal ook voor het voetbal verstrekkende gevolgen hebben. Om een idee te krijgen wat er komen gaat, blikken we terug op het recente verleden. Hoe is de sport in de jaren 10 veranderd? Welke lessen zijn er te trekken? Deze keer: waarom 3-4-2-1 het tactische speelsysteem van de toekomst is.
Erling Braut Haaland kwam op als een komeet bij Borussia Dortmund.

Sinds de jaren 70 is 4-3-3, een speelsysteem met vier verdedigers, drie middenvelders en drie aanvallers, dé tactische formatie van het Nederlandse voetbal. Qua tactische rolverdeling is bij een vaderlandse ploeg doorgaans alleen de vraag of er met de ‘punt naar voren’, met een aanvallend ingestelde nummer 10 geruggensteund door twee controleurs wordt gespeeld, of dat het driemansmiddenveld de ‘punt naar achteren’ hanteert, met een teruggetrokken nummer 6 die de spelopbouw tussen de eigen verdediging en twee aanvallender ingestelde midmids in goede banen moet leiden.

In het voorbije seizoen speelden nog altijd veertien van de achttien eredivisieclubs met het 4-3-3-systeem als tactische uitgangsformatie; alleen FC Utrecht, Sparta (beide 4-4-2-ruit), FC Groningen (4-4-2) en ADO Den Haag sinds de komst van Alan Pardew (5-3-2) liepen op tactisch vlak uit de maat.

Toch wijzen de tactische trends in de grotere competities in het buitenland erop dat er een tijd aanbreekt waarin de heilig verklaarde 4-3- 3 niet meer de automatische elftalverdeling is die we op vrijwel elk tactiekbord in de Nederlandse kleedkamers zullen aantreffen. Want bij onze oosterburen is die tactische hoofdrol al een poos weggelegd voor de 3-4-2-1-formatie. In de Duitse Bundesliga speelde meer dan de helft van de teams dit seizoen doorgaans in een speelsysteem met drie centrale verdedigers, een viermansmiddenveld met aan de buitenkanten twee wing-backs die de gehele flank bestrijken en twee controleurs in het hart, daarvoor twee buitenspelers annex creatievelingen in een vrije rol aan de binnenkant, geleid door één pure spits. 

De heilig verklaarde 4-3-3 is niet meer de automatische elftalverdeling

Duitsland is in meerdere opzichten al een tijd lang de tactische voorloper in het topvoetbal. Duitse trainers zoals Jürgen Klopp (Liverpool), Thomas Tuchel (PSG) en Julian Nagelsmann (RB Leipzig) boeken stormachtige successen met tactisch gedisciplineerde teams die als één geheel de spelopbouw van de tegenstander onder druk zetten (pressing) en razendsnel de bal terugveroveren na balverlies (Gegenpressing). De nieuwe trend die in de tactisch sterke Bundesliga woedt, is het gebruik van het 3-4-2-1-systeem.

Als we kijken naar het waarom achter de massale keuze voor dit speelsysteem – waarin het Oostenrijkse LASK Linz dit seizoen in de Europa League nog met een beduidend minder getalenteerde selectie PSV en AZ van het veld blies – lijkt een Nederlandse adaptatie onvermijdelijk. Het midden van het veld is heilig in het moderne voetbal. Immers, dáárvandaan kom je volgens de data en analyses het makkelijkst tot doelgevaar. Het opstellen van drie centrumverdedigers versterkt de defensie in het hart, terwijl het gebruiken van achterlijn-tot-achterlijn-hollende wing-backs ervoor zorgt dat de technisch getalenteerdste spelers voorin niet meer aan de zijlijn geplakt hoeven te spelen.

Move over 4-3-3, het is de 3-4-2-1 die de tactische toekomst heeft. 

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws