Premium

Het Wilhelmus en de Hitlergroet

Als Rie Mastenbroek in de zomer van 1936 op de Olympische Spelen in Berlijn aan de start verschijnt, neemt ze het op tegen veelal onbekende tegenstanders. De Rotterdamse zal alles moeten geven, en dat doet ze: drie keer goud en één keer zilver wint de 17-jarige zwemster op de nazi-Spelen.
Rie Mastenbroek, de zwemkoningin van de Spelen van 1936.

Een voorpublicatie van Vergeten Goud, dat op 11 juni verschijnt.

Op maandag 10 augustus waait er een zachte oostenwind, is de hemel blauw met enkele wolken en wijst de thermometer 25 graden aan: perfecte omstandigheden voor de finale van de 100 meter vrije slag, het koninginnennummer. Op de tribunes zitten bijna 20.000 toeschouwers, onder wie Kees Kerdel, Eleanor Holm en Hermann Göring, klaar voor het spektakel. Hoog boven hen wapperen de vlaggen van de deelnemende landen. De zwemsters komen op onder luid applaus.

Bij elke baan neemt een man plaats om de tijd te klokken, onder wie Charles Kellenbach, de oud-voorzitter van de zwembond, die Rie Mastenbroek, Willy den Ouden en Tini Wagner nog even moed inspreekt. De spanning is bijna ondraaglijk. Haar coach Maria ‘Ma’ Braun-Voorwinde heeft die nacht geen oog dichtgedaan. Net als Mien, thuis in Rotterdam. Ries moeder zit in haar eentje voor de radio naar de verslaggeving van Han Hollander te luisteren.

De drie Nederlandse zwemsters gaan de strijd aan met Gisela Arendt uit Duitsland, Jeanette Campbell uit Argentinië en twee Amerikaanse zwemsters. Doodnerveus neemt Rie plaats op startblok vijf. Het blauwgroene water glinstert voor haar in de zon. ‘Auf die Plätzen!’ klinkt het. ‘Achtung!’ Het is muisstil in het zwemstadion. Op het moment dat de scherpe knal van het pistool klinkt, roept Han Hollander in zijn microfoon: ‘Daar gaan ze!’

‘Spurten, Rie, spurten!’

Arendt start goed, Willy ook, net als Campbell. Alleen Rie valt tegen. De zenuwen mogen dan wel op slag verdwenen zijn zodra ze het water voelt – zoals ze zelf altijd beweert – zo ziet het er dit keer niet uit. Ze zwemt scheef richting de kurken, weet zich te herstellen, maar keert vervolgens inefficiënt. Rie ligt na 75 meter op een vierde plek. Kansloos, zo lijkt het. Aan de kant van het zwembad stampt en schreeuwt Ma in haar bloemetjesjurk: ‘Hup, Rietje!’ In Rotterdam roept Mien tegen de radio: ‘Spurten, Rie, spurten!’

De start van de 100 meter vrijeslag met Mastenbroek in baan vijf.

Tien meter voor de finish wijzigt de situatie sensationeel. Het publiek kijkt met verbazing naar het meisje in baan vijf. Steeds sneller en sneller zwaaien haar machtige armen door het water. Fel stuwt Rie naar voren en ze stuift iedereen voorbij. Elke slag is er een naar de overwinning. Tik. Met haar vingers raakt ze de kant. Direct spiedt ze opzij en dan weet ze het: ze heeft gewonnen! Charles Kellenbach, die toevallig bij haar baan is ingedeeld als tijdopnemer, klokt een olympisch record van 1.05,9. De Argentijnse Campbell is tweede, de Duitse Arendt derde, Willy vierde en Tini vijfde.

Vanaf de tribune stijgt een luid gejuich op. Talloze rood-wit-blauwe vlaggetjes wuiven haar toe. Zodra Rie op het droge stapt, trekt ze haar badmuts af en verfrommelt die in haar hand. Ma slaat een arm om haar heen. Tini omhelst haar. Bondsvoorzitter Jan de Vries feliciteert de nieuwe olympisch kampioene. Dan is Kees Kerdel daar die haar omarmt. Rie barst in tranen uit. Snel leidt Ma haar weg. Op het pad naar de kleedkamer schieten er talloze fotografen op Rie af. Ze wordt voor de Duitse radio gehaald en daar vertelt ze – in het Nederlands – dat ze heel blij is dat nu de vlag van het kleine landje in top zal gaan. Dan richt ze zich tot haar moeder aan de andere kant van de radio: ‘Ik ben zo gelukkig, moeder!’ Het interview bereikt haar moeder Mien helaas niet, want zodra ze Han Hollander hoort melden: ‘Rie Mastenbroek één,’ rent ze de trap af en het huis uit. Ze holt zo hard dat zelfs de persfotograaf die de hele middag op de loer heeft gelegen in de hoop een gelukkige moeder te kunnen fotograferen, haar niet kan bijbenen. Mien haast zich naar de Coolsingel, naar het hoofdpostkantoor, om haar dochter een gelukstelegram te sturen. Uitgelaten vertelt ze een journalist: ‘Ik kan u niet zeggen hoe gelukkig ik ben, ik kan het niet onder woorden brengen.’

Potsierlijk lauwerkransje

Rie verruilt in de kleedkamer haar Tweka-pak voor het formele olympische tenue. Het zwemstadion is zo vol dat ze noodgedwongen met Karel Lotsy en Ma op een van de trappen gaat zitten. Plagend brengt Rie het haar van de chef de mission in de war. De andere zwemsters stormen op haar af om haar te feliciteren. Dan kondigt de luidspreker de Siegerehrung van de 100 meter vrije slag aan. Rie klimt tussen Campbell en Arendt op het startbankje naast het bad. Ze krijgt een lauwerkrans om haar nog amper opgedroogde krullen, en als door het stadion in doodse stilte de officiële uitslag wordt herhaald, klinkt uit de kelen van de Nederlandse supporters het Wilhelmus. Rie glimlacht trots. Arendt brengt de Hitlergroet, zoals alle Duitse sporters dat bij een huldiging doen, zelfs de Joodse schermster Helene Mayer. Fotografen leggen het tafereel vast. De officiële huldiging met het uitreiken van de medailles zal de volgende dag plaatsvinden in het Olympisch Stadion. Rie stopt haar ‘potsierlijke lauwerkransje’, zoals ze het ding jaren later zal noemen, in haar tas en gaat bij het limonadetentje op zoek naar cider. Ze heeft zo’n erge dorst gekregen. Willy is teleurstellend geëindigd op de vierde plek. Keelontsteking en nervositeit speelden de wereldrecordhoudster parten. En terwijl Ma journalisten vertelt dat Rie fysiek buitengewoon sterk is en ze meteen haar plannen deelt om ook de herenzwemmers naar een hoger niveau te trainen – want zij hebben hun series niet overleefd –, onderbreekt Jan de Vries haar: ‘Hoor eens Brauntje, de boog kan niet altijd zo sterk gespannen zijn. We gaan vanavond met z’n allen buiten de stad eten, op een rustig plekje, alle zwemmers en zwemsters bij elkaar. Zo in alle gezelligheid de spanning van de laatste dagen vergeten.’

Door haar drukke programma moet ze de uitnodiging voor de receptie van Hermann Göring afslaan

Ries overwinning wordt gevierd met een diner in Hotel Marquart. Alle leden van de olympische zwemploeg zijn aanwezig en chef de mission Karel Lotsy spreekt hen enthousiast toe. De sfeer is goed, trots en gemoedelijk. De bijgelovige Ma besluit om het gehele olympische toernooi dezelfde bloemetjesjurk te blijven dragen als op deze dag. De film die van de zwemwedstrijd is gemaakt gaat diezelfde avond nog met het vliegtuig naar Nederland, zodat de volgende dag Ries succes op het witte doek van de Cineac-bioscopen te bekijken is.

Olympisch eikje

Heel Nederland leeft met de prestatie van de zwemster mee. Naast een uitgebreid verslag van Ries succes berichten de kranten de volgende dag ook over een ophanden zijnde verloving van Rie en Kees Kerdel, want hun emotionele omhelzing is voor de journalisten niet onopgemerkt gebleven, al is hun relatie in wezen louter sportief en vriendschappelijk.

De officiële huldiging, de cérémonie olympique protocolaire, vindt plaats in de rust van de voetbalwedstrijd Polen-Oostenrijk. Het Nederlandse zwemteam, inclusief Jopie Waalberg en Jenny Kastein, die net de finale voor de 200 meter schoolslag gezwommen hebben met een respectievelijke vierde en zevende plek als resultaat, zitten op de tribune van het immense stadion. Op het groene middenstuk van de arena staat het voetstuk voor de olympische ceremonie van de medaillewinnaars. Rie, op het hoogste podium, draagt haar lauwerkrans en krijgt een olijftak in haar hand. Er klinkt een luid applaus als ze haar gouden medaille in ontvangst neemt – in een vierkant oranje doosje, zonder lint. Rie ontvangt, net als alle andere olympisch kampioenen, naast de medaille ook een eikenboompje van zo’n vijftig centimeter hoog, als symbool voor kracht. Eerbiedig wordt de Nederlandse vlag aan de middelste mast gehesen. Het Wilhelmus klinkt opnieuw. Rie glundert. Arendt steekt wederom haar rechterarm omhoog.

Rie is vooral dolblij met haar olympische eikje. Ze zet het naast haar bed in het Frauenheim en geeft het zorgvuldig water. Gelukstelegrammen overspoelen die avond haar kleine kamer. Maar Rie kan niet lang stilstaan bij haar overwinning, want elke dag wachten haar één of twee wedstrijden. Ze moet keuzes maken – of beter gezegd: Ma, die de begeleiding van Kees heeft overgenomen, bepaalt haar dagindeling. Door haar drukke programma moet ze de uitnodiging voor de receptie van Hermann Göring afslaan. Voor het feest ter ere van de Olympische Spelen zijn diplomaten, ministers, internationale sportbestuurders, hoge Duitse officieren, vorstelijke personen en talrijke kunstenaars en sporters uitgenodigd in de tuin van het rijksluchtvaartministerie. Rie mist het extravagante tuinfeest met een ballet, een carrousel met paarden, een schuttersterrein en eten uit een toprestaurant omdat ze in deze tweede week van de Spelen twaalf keer aan de start van een wedstrijd moet verschijnen.

Verloren gouden medaille

Op woensdag 13 augustus zwemt Rie de voorronde voor de 400 meter vrije slag, om daarna om 15.00 uur aan de start te verschijnen voor de finale van de 100 meter rugslag. Rie, de wereldrecordhoudster, is favoriet op deze afstand, zeker nu Eleanor Holm niet van de partij is, en ze heeft zich dan ook eenvoudig weten te plaatsen voor de finale. Net als haar stadgenoot Nida Senff.

Het is fris die dag, eerder herfstig dan zomers. Boven het zwembad is de lucht ondoordringbaar grijs en grauw. Rie start in baan vier, Nida in vijf. De Nederlandse zwemsters moeten concurreren met twee Amerikaansen, twee Engelsen en een Deense. De zeven zwemsters zetten zich met hun voeten schrap tegen de startrand. Dan klinkt het startsignaal. Als een katapult lanceert Rie zich door het water. Ze weet dat Nida voor haar ligt, en flink ook: aan het einde van de eerste baan zelfs twee meter. Maar Rie weet niet dat op dat moment het meest gedenkwaardige keerpunt uit de zwemhistorie plaatsvindt. Nida maakt namelijk een gruwelijke fout. De Amsterdamse keert keurig volgens Kiefer, maar vergeet om met haar hand de kant aan te tikken voordat ze de koprol inzet en zich met haar voeten afzet. Ze zal gediskwalificeerd worden en dus draait ze om, tikt alsnog met haar hand de kant aan en zet opnieuw af.

Rie Mastenbroek lacht haar tanden bloot, ze is weer de snelste.

Rie en de twee Amerikaanse dames zijn Nida inmiddels voorbij. Nu komt het erop aan. Rie voelt de kurken en moet bijdraaien, terwijl Nida haar met gesloten ogen adembenemend snel voorbij zwemt. Rie, op de vierde positie, versnelt. Als een torpedo schiet ze door het olympische water de Amerikaanse zwemsters voorbij, maar haar ploeggenootje niet meer. Nida wordt olympisch kampioene op de 100 meter rugslag en Rie moet genoegen nemen met zilver. De Amerikaanse Bridges wint brons. De dubbele Nederlandse medaillezege veroorzaakt een hartstochtelijk gejuich in het zwemstadion. Nida wordt op de schouders van Karel Lotsy en enkele andere heren getild en het publiek jubelt: ‘Holland spreekt een woordje mee!’

De verklaringen die Rie in de jaren erna zal geven voor haar ‘verloren gouden medaille’ zijn divers: dat ze de series van de ochtend nog voelde, dat ze Nida een gouden medaille gunde, dat ze dacht: ze is een Nederlandse, dus laat maar. Commentatoren van de wedstrijd schetsen een ander beeld: Rie raakte op de laatste meters wederom in de lijn verstrikt.

Geen bonbon

Op vrijdag 14 augustus komt de regen met bakken uit de lucht en is het nog altijd koud: slechts 14 graden. De riolering in Berlijn is nauwelijks in staat om de regenval te verwerken, zodat er op de straten en pleinen in het centrum grote plassen ontstaan. Het olympisch park ligt hoger dan de stad en de route tussen het Frauenheim en het olympisch zwembad is gelukkig goed bewandelbaar, maar ook in het olympisch park is het geen weer voor witte jurken en witte Bata-schoentjes.

In de ochtend zwemt Rie de halve finale voor de 400 meter vrije slag en plaatst zich zoals van haar wordt verwacht voor de finale. In de tweede halve finale zwemt Ragnhild Hveger, het Deense toptalent. Rie blijft nog even kijken. Hveger heeft van haar supporters een doos bonbons van wel anderhalve meter lang gekregen, die ze in het zwembad aan zwemsters en andere aanwezigen uitdeelt. Als Rie aan de beurt is om een bonbon te pakken, bedenkt Hveger zich en weigert haar concurrent er een te geven. Verontwaardigd moppert Rie: ‘Daar zul je spijt van krijgen,’ en ze maakt zich op voor de finale op zaterdag.

Rie weet dat Nida flink voor ligt, maar ze weet niet dat op dat moment het meest gedenkwaardige keerpunt uit de zwemhistorie plaatsvindt

Maar eerst vindt op vrijdagmiddag in de stromende regen de finale van de 4x100 meter vrijeslag-estafette plaats met Willy, Tini, Jopie en Rie. Ondanks de regen zijn alle plekken op de tribune bezet. De tienduizenden toeschouwers proberen gewapend met paraplu’s en regenjassen droog te blijven. In het Nederlandse kamp heerst een zenuwachtige spanning, mede veroorzaakt doordat Tini en Rie die ochtend nog de halve finale van de 400 meter vrije slag moesten zwemmen en mogelijk vermoeid zijn. Terwijl de tegenstand in deze wedstrijd juist zo groot is. Het sterke Duitsland zal alles op alles zetten om voor een uitzinnig thuispubliek goud te winnen, en de favorietenrol van Nederland drukt zwaar op de zwemsters.

Bijna gestikt

Er heerst een haast ademloze stilte als om 16.45 uur het startschot klinkt. Jopie gaat als eerste van start. Naast haar duiken zwemsters uit Duitsland, Amerika, Hongarije, Canada, Engeland en Denemarken het water in. Tini lost Jopie af na 100 meter en begint met een achterstand op de Duitsers. Duizenden Duitsers moedigen hun zwemster aan, maar ook de Nederlandse supporters zijn duidelijk hoorbaar. Daar gaat Willy het water in; ze moet een achterstand op Duitsland en Amerika inhalen, en doet dat met verve. Ze tikt aan met een kleine voorsprong.

Rie duikt tegelijkertijd met de Duitse Arendt. Bij het laatste keerpunt hoort ze de opwinding in het Duitse gejuich. Nu moet ze gaan. Vechten zal ze. In een driftige versnelling slaat ze haar armen door het water. Ze passeert Arendt, nog vijftien meter, de finale sprint, nog tien, de laatste ademhaling, bijna... Maar dan gebeurt iets wat haar nooit eerder is overkomen: ze lijkt te stikken. Haar longen branden en ze krijgt geen adem meer. Met haar laatste krachten tikt ze aan voor Arendt: het goud is voor Nederland.

Geflankeerd door haar coach Ma Braun wordt een geëmotioneerde Mastenbroek het zwembad uitgeleid.

‘Dat is de fysiek,’ zeggen de commentatoren enthousiast, ‘dat is de hardheid die wij bewonderen!’ Happend naar adem wordt Rie door haar medezwemsters uit het water getild. Ze ziet pips, maar herstelt snel en lacht en wuift. Duitsland is tweede geworden, Amerika derde. De vier Nederlandse meiden hebben aan alle verwachtingen voldaan: in hun zinderende race zwommen ze een nieuw olympisch record van 4.36,0.

Even later presenteren Rie, Willy, Tini en Jopie zich innig gearmd in hun blauwe trainingspakken voor de huldiging in het zwembad. Rie heeft een roze bloem in haar haar gespeld. Lachend onderhandelt ze met Karel Lotsy. Als ze morgen de finale van de 400 meter vrije slag wint, mag ze daarna de hele avond dansen.

Kus voor Hitler

Een dag later, op zaterdag 15 augustus, schijnt de zon volop. Het zwemstadion is wederom tot de laatste plaats bezet om de damesfinale van de 400 meter vrije slag bij te wonen. Bij startblok 3 trekt Rie haar trainingspak uit. Dokter Kolff heeft over de benauwdheid van gisteren vastgesteld dat haar schildklier het probleem was, en om te voorkomen dat het weer gebeurt, heeft ze tabletjes gekregen. Die helpen in elk geval niet tegen de spanning, want de zenuwen gieren door haar keel en ze is misselijk.

Op het startblok laat ze haar armen zo ontspannen mogelijk naar voren bungelen. Naast Rie staat Ragnhild Hveger, die in de halve finale het olympisch record op haar naam heeft gezet. De baanindeling is ideaal, want zo kan Rie haar Deense rivaal in de gaten houden en haar tactische aanvalsplan op het goede moment en onberispelijk uitvoeren. Zeven banen lang zwemt Rie geduldig naast Hveger. Ze zorgt dat de afstand tot de Deense niet meer dan een meter wordt. Op het punt dat ze met Ma heeft afgesproken zet ze berekenend haar fameuze eindspurt in, met maar één gedachte: ‘En nu krijg je je bonbonnetje terug!’

Rie is onoverwinnelijk. Met een meter verschil tikt ze aan voor Hveger. Derde wordt de Amerikaanse Wingard. Opnieuw verbetert Rie het olympisch record, dit keer in een tijd van 5.26,4. Hveger toont zich een sportieve verliezer. Ze omhelst Rie hartelijk in het water. Op de kant krijgt Rie van Ma in haar bloemetjesjurk, die na al die dagen een kwalijke reuk verspreidt, een omhelzing en een kus op haar wang. Fotografen en toeschouwers snellen op de olympische kampioene af voor een felicitatie of een herinnering op celluloid.

De Duitse zwemster Gisela Arendt brengt de Hitlergroet.

Officials schudden haar de hand en een mooie dame, modieus gekleed in een witte rok en blouse, een wijde mantel en een rode hoed – Rie totaal onbekend –, pakt haar enthousiast vast. Het blijkt de Amerikaanse Carla de Vries, die getrouwd is met een Nederlander. Ze is dolenthousiast over de prestaties van de Hollandse zwemsters. Stralend slaat ze haar arm om Rie heen en laat zich fotograferen.

Haar aandacht voor de olympisch kampioene is echter van korte duur. Terwijl Rie nog wordt gefeliciteerd, kondigen luidsprekers namelijk de binnenkomst van de Führer aan. Rijkskanselier Adolf Hitler verschijnt met een stoet aan SS’ers in het zwemstadion om de finale van de 1500 meter voor mannen te aanschouwen. De Führer ziet de zwemster uit Rotterdam nog eenmaal naar het publiek zwaaien en dan haar weg naar de kleedkamer zoeken, waar ze zich moet omkleden voor de Siegerehrung.

Hitler neemt plaats in de ereloge, nabij het wedstrijdbad, waar hij wordt belaagd door dezelfde opvallende Amerikaanse verschijning die hij zojuist de Nederlandse kampioene nog zo innig heeft zien omhelzen. Carla de Vries is erin geslaagd Hitlers lijfwachten te omzeilen en vraagt de Duitse leider om een handtekening op haar toegangsticket. Hitler zet een krabbel en Carla drukt hem als dank een kus op zijn wang. Het hele stadion applaudisseert. Hitler klapt en lacht om de spontane actie. De SS’ers brengen Carla vervolgens naar een zitplaats op de tribune. De Amerikaanse vond de Duitse rijkskanselier er vriendelijk en goeiig uitzien, verklaart ze een paar dagen later. En waarom ze hem kuste? Omdat ze een hartstochtelijk mens is. Carla de Vries is wereldnieuws, net als Rie Mastenbroek. 

Vergeten Goud, Marian Rijk, Ambo|Anthos, €21,99.

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws