Premium

Neerlands Hoop: Pete Wu

Nieuwe Revu portretteert de leiders van een nieuwe generatie. Zij helpen Nederland vooruit door de juiste vragen te stellen of door zelf de antwoorden te geven.
Pete Wu

Deze week: banaan Pete Wu (34).

Wat is je beste beslissing van de laatste twaalf maanden?

‘Om van Amsterdam naar Antwerpen te verhuizen. Ik heb zes maanden in Antwerpen ondergedoken gezeten op een zolderkamertje boven een theater om mijn boek De Bananengeneratie af te maken. Ik dacht: als ik nu niet wegga uit Amsterdam, blijf ik de hele tijd koffiedrinken met vrienden. In Antwerpen kende ik hooguit twee mensen, dus dat was veilig.’

Even voor de duidelijkheid: wat is een banaan?

‘Mijn ouders zijn begin jaren 80 geëmigreerd. Eerst werkten ze in een Chinees restaurant, inmiddels runnen ze al 26 jaar een snackbar in Brabant. Vroeger klaagde mijn moeder vaak dat haar kinderen niet Chinees genoeg waren. “Jullie zien eruit als Aziaten, maar jullie zijn gevuld met Nederlandse normen en waarden. Geel vanbuiten, wit vanbinnen. Jullie zijn gewoon bananen geworden.”’

Wanneer kreeg je het idee om hier een boek over te schrijven?

‘Ik schreef eigenlijk nooit over mijn eigen identiteit als kind van Chinese migranten. Daar vond ik mijn leven niet belangrijk of interessant genoeg voor. De omslag kwam toen Gordon bij Holland’s Got Talent een Chinese kandidaat belachelijk maakte door te vragen of hij “nummer 39 met rijst” ging zingen. Toen dacht ik: wat gek dat er op de landelijke televisie zo achteloos een dergelijke grap kan worden gemaakt. Zou Gordon dat ook hebben gedaan tegen een Joodse, donkere of Marokkaanse kandidaat?’

De ondertitel van je boek is ‘Het dubbelleven van Chinese Nederlanders’. Hoe zag dat dubbelleven er voor jou uit?

‘Thuis was ik de harde werker die braaf alles deed wat mijn ouders wilden, maar buitenshuis wilde ik zo ver mogelijk bij mijn Chinese afkomst vandaan blijven. Als je een puber van dertien, veertien bent, is “erbij horen” zo’n beetje het belangrijkste in je leven. Als ik een keer eten van mijn moeder meenam naar school, en iedereen vond dat dat heel erg stonk of zo, voelde ik me meteen anders. Dat moest ik dus niet meer doen, ik moest me juist zo westers mogelijk gedragen. Acceptatie was mijn beloning. Buiten de boot vallen voelde als afgestraft worden.’

Ze springen geen gat in de lucht dat hun zoon gay is, maar ik mag nog steeds thuiskomen

En hoe was het thuis?

‘De term “dubbelleven” heeft in mijn geval een extra lading, want ik ontdekte al vroeg dat ik op jongens val. En dat paste helemaal niet in het perfecte plaatje dat mijn ouders voor ogen hadden. Ze hadden hun eigen droom opgegeven zodat hun kinderen hun droom wél konden waarmaken. En dan kom ik erachter dat ik mijn ouders niet datgene kan geven waar zij zoveel voor hadden opgeofferd. Daar heb ik me heel lang schuldig over gevoeld. Ik kon aan heel veel van mijn ouders verwachtingen voldoen: diploma’s halen, slagen voor mijn rijbewijs, waardering krijgen voor mijn werk. Maar niet verliefd worden op een vrouw, trouwen en kinderen krijgen.’

Wanneer heb je het aan je ouders verteld?

‘Vier jaar geleden, toen ik al dertig was. Ik heb het niet gedurfd om het face to face te zeggen, dus ik heb het ze geappt. Ik was bang dat mijn leven over zou zijn. Dat ik zou worden onterfd of het huis uit geschopt. “Ik ga dit nooit accepteren,” was een van de eerste dingen die mijn moeder zei. En mijn vaders reactie was: “Je krijgt een jaar de tijd om hetero te worden.” Maar ik merk aan kleine dingetjes dat ze er inmiddels toch wat chiller mee zijn. Ze springen geen gat in de lucht dat hun zoon gay is, maar ik mag nog steeds thuiskomen. En ze geven nog steeds eten mee. In Aziatische culturen is eten een van de belangrijkste uitingen van liefde, vooral die van ouders voor hun kinderen. Dat ze dat doen, beschouw ik als een mini-stapje in hun acceptatie.’

En nu ben je voor de VPRO het glibberige pad van het daten ingeslagen.

‘Tot mijn coming-out dacht ik eigenlijk nooit na over wat voor dates of partner ik zou willen, want dat paste toch niet in het plaatje van mijn ouders. Daarom durfde ik amper met jongens uit te gaan of verliefd te worden. Pas sinds ik uit de kast ben, kan ik voor mezelf uitvogelen waar mijn ideale partner aan moet voldoen. In de serie Pete en de Bananen probeer ik van andere bananen te leren hoe je om moet gaan met mensen die bepaalde verwachtingen op je projecteren, gebaseerd op alle stereotypen die vasthangen aan ons Oost-Aziatische uiterlijk. Op dating-apps krijg ik vaak te horen: “Normaal val ik niet op Aziaten.” Of: “Je bent wel knap voor een Chinees.” Een van mijn slechtste dates ooit was met een Amerikaanse man. Hij wilde per se naar een sushirestaurant, om mij te laten zien dat hij in het Japans sushi kon bestellen. Thuis had hij allemaal van die Koreaanse scrolls aan de muur hangen. Toen hij begon te vertellen dat zijn ex een Thai was, ben ik weggegaan. Het ging hem helemaal niet om mij, maar om het idee dat hij op stap was met een Aziatische man. Ik was gedegradeerd tot een fetisj.’

Denk je dat je ouders zullen kijken?

‘Ik weet dat ze mijn boek op een gegeven moment hebben weggelegd. Het is ook heel pijnlijk en confronterend om te lezen hoe je kinderen hun eigen opvoeding analyseren. Maar ik hoop dat ze zullen kijken. En vooral dat ze begrijpen dat ik niet mezelf als onderwerp opvoer om ze te kwetsen, maar omdat ik het een belangrijk breekijzer vind om deze discussie te openen.’ 

Journalistiek

Pete is journalist, redacteur en programmamaker en werkt voor onder meer Brandpunt+ en de Volkskrant.

Brusseprijs

Zijn boek De Bananengeneratie stond op de longlist voor de Brusseprijs 2020 voor het beste journalistieke boek van het jaar.

VPRO

Zijn serie over hoe het is om als Chinese Nederlander te daten tussen twee culturen is vanaf 8 juni te volgen op vpro.nl/dorst.

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws