googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_header'); });

‘En dan duwt die vader van Ruinerwold vanuit het niets een meisje van zes van haar stoeltje’

Hij kijkt graag naar ultra-low budget amateurhorrorfilms. Jerry Hormone's vriendin vindt die troep vreselijk. Dus besloten ze samen iets anders te kijken. Naar De Kinderen van Ruinerwold. Dat was ook geen pretje. ‘Hij duwt het meisje zo hard dat ze door de kamer vliegt. Het kind huilt en niemand op de video durft iets te doen.’
googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_inarticle'); });

Ik kijk de laatste tijd heel veel drek. Ik was altijd al into B-films, maar de afgelopen weken zink ik dieper en dieper weg in een stinkend moeras van no budget super 8- en shot on video-derrie. Veel grof geweld en een paar blote tieten. Amateuracteurs en -trices badend in ketchup en slachtafval. Slecht uitgelicht en lomp geëdit. Maar juist doordat die films zo goedkoop en onprofessioneel gemaakt zijn, lijkt het bloedvergieten vele malen echter dan je in gladgepolijste Hollywood-producties ziet. Want hoe zou een real life geschifte sadist z’n moordpartijen vastleggen voor het nageslacht? Niet Oscar-waardig als een Steven Spielberg, maar onbeholpen en rauw met een tweedehandscamera van drie tientjes. Zo hebben die supergoedkope films een heel onprettige snuff-movievibe.

Waarom ik die troep kijk? Misschien ben ik een cinemasochist. Misschien is het om een beetje tegenwicht te geven aan m’n mierzoete leven als huisvader, want nu m’n vriendin weer werkt, zitten onze meisjesbaby en ik vier dagen per week met z’n tweetjes in een suikerspinnenroze cocon van flesjes, boertjes, fruithapjes, luiertjes, billendoekjes, speentjes, rompertjes, kusjes, knuffeltjes, slaapjes... Alles is verkleinwoordjes. ‘Je bent softer geworden,’ merkte een vriend laatst op. Ik zei dat ik het daar niet mee eens was, maar plakte er geen snoeiharde dodebabygrap achteraan om het tegendeel te bewijzen, zoals ik vroeger gedaan zou hebben, voordat ik een dochter had, voordat ik softer was geworden.

M’n vriendin vindt die grade-Z movies van mij – terecht – wansmakelijke ranzigheid die haar spaarzame vrije tijd niet waard is, dus samen kijken we andere dingen. De BNNVARA-docuserie De kinderen van Ruinerwold, bijvoorbeeld. Over die godsdienstwaanzinnige vader die z’n talrijke kroost jarenlang opsloot in een Drentse boerderij in afwachting van het einde der tijden. Tot het zo ver was, werd het nageslacht psychisch en fysiek mishandeld en zelfs seksueel misbruikt in naam van de Heer. De vier oudste kinderen worden geïnterviewd en vertellen bewonderenswaardig bedachtzaam over de angstige parallelle werkelijkheid waarin ze binnen het gezin leefden.

Ook is er archiefmateriaal. Homevideo’s van het The Kelly Family-achtig aandoende gezin. Vader Gerrit Jan – met woeste baard en lang, ongekamd haar – orakelt over bijbelse figuren in steenkolen-Engels. Blijkbaar had ie internationale pretenties. Om hem heen z’n kinderen, aandachtig luisterend, niet omdat het nou zo bijster interessant is wat ie te melden heeft, er valt immers geen touw aan vast te knopen, maar duidelijk omdat ze als de dood voor ’m zijn. En dan duwt die enorme vent om z’n verhaal kracht bij te zetten, opeens vanuit het niets, een meisje van vijf, misschien zes van haar stoeltje. Zo hard dat ze door de kamer vliegt. Het kind huilt en niemand op de video durft iets te doen.

Van m’n vriendin moet ik de docu afzetten. Ik wil ook niet meer verder kijken en zet voor mezelf iets op met belabberd slechte acteurs, aangelengde tomatensaus en varkensdarmen. Want ik ben niet soft geworden of zo.

Laatste nieuws