Brendan Fraser: Hollywood-hunk die te dik werd is terug

Brendan Fraser geeft deze week zijn veelbesproken comeback navolging in het Scorsese-epos Killers of the Flower Moon De acteur was eens dé posterboy van Hollywood, totdat hij compleet van de radar verdween. Reden: een MeToo-kwestie, maar dan met Fraser als slachtoffer. Het fascinerende verhaal achter de Brendanaissance. ‘Ik trok mij jarenlang terug en voelde mij depressief.’

Brendan Fraser

Bij de naam Brendan Fraser denkt u hoogstwaarschijnlijk terug aan de jaren negentig. Aan die melige hunk met lange haren, slingerend aan de lianen in George of the Jungle. Of aan die stoere, ietwat flauwe avonturier uit The Mummy. Of misschien wel aan die grappige nerd uit Bedazzled. Niet heel gek: de ninetees waren de absolute hoogtijdagen voor de Amerikaans-Canadese acteur, die na een serie kaskrakers volledig van de radar verdween. Daarover later meer. Eerst nog even die vliegende start van Brendan James Fraser (1968), die na zijn aankomst in Hollywood, begin jaren negentig, vrijwel direct de hoofdrollen moeiteloos aaneen reeg. Daar ging een gemoedelijke jeugd aan vooraf, maar wel eentje waarin zijn familie constant op reis was. De Frasers woonden zelfs vier jaar in Nederland, een periode waarin de jonge Brendan zijn liefde voor theater begon te kweken. Tijdens een stedentripje naar Londen bezocht hij zijn eerste voorstelling, in het beroemde West End Theatre. Het zaadje voor zijn toekomst werd daar geplant; vijftien jaar later maakte Fraser zijn eigen debuut op het witte scherm, als marinier in de romantisch getinte oorlogsfilm Dogfight (1991). Het jaar daarop mocht de toen 23-jarige acteur al zijn eerste hoofdrol spelen, in Encino Man (1992). De synopsis: twee schoolvrienden graven een bevroren oermens op in hun achtertuin. De film was flauwer dan flauw en de recensies ronduit vernietigend, maar commercieel was het een doorslaand succes. Brendan Fraser was definitief geland in de showbizz.

Grote aanvoerder

In een taaie generatie van veelbelovende, jonge acteurs die vochten om voorrang - Matt Damon, Ben Affleck, Leonardo DiCaprio – gold Brendan Fraser lang als de grote aanvoerder. ‘Iedereen streed tegen elkaar om naar New York te mogen om voor Martin Brest auditie te doen, voor zijn film Scent of a Woman,’ zei Fraser vorig jaar over die periode in modeblad GQ. ‘We waren allemaal constant op zoek naar onze volgende klus.’ Scent of a Woman ging uiteindelijk naar een andere, meer ervaren rot in het vak (Al Pacino), maar Fraser bemachtigde wél glansrollen in School Ties (1992), With Honors (1994) en Airheads (1994). In de jaren erna deelde hij de set met grootheden als Michael Cain (The Quiet American) en Ian McKellen (Gods and Monsters). Vooral die laatste film maakte van de komische actieheld óók een acteur met serieuze kwaliteiten - en talloze prijsnominaties. En dan waren er dus nog die onmiskenbare blockbusters, met als hoogtepunt The Mummy-reeks, een trilogie waarin Fraser de onbevreesde schatzoeker Rick O'Connell speelde. Het eerste deel (1999) leverde wereldwijd 400 miljoen dollar op; The Mummy Returns (2001) en The Mummy: Tomb of the Dragon Emperor (2008) deden daar met respectievelijk 435 miljoen en 403 miljoen nog een schepje bovenop.

Wie de afgelopen twee decennia naar Brendan Fraser zocht, stuitte vooral op paparazzifoto’s van een gevallen acteur die er slecht uitzag

En toen werd het stil. Na dat laatste deel uit The Mummy-serie, of eigenlijk daarvoor al, verdween Fraser volledig uit de spotlights. Sporadisch verscheen hij nog wel in films, maar die haalden bij lange na niet het succes waarmee hij een gevierd acteur was geworden. Hoofdrollen speelde hij niet meer. In de media liet hij ook al niet meer van zich horen. Wie de afgelopen twee decennia naar Brendan Fraser zocht, stuitte vooral op paparazzifoto’s van een gevallen acteur die er slecht uitzag. ‘What ever happened to Brendan Fraser?’ luidde in 2018 dan ook terecht de titel van een uitgebreid profiel in GQ. Voor het eerst in jaren verbrak Fraser de stilte rondom zijn eigen mysterie. Aan het woord was geen acteur die zelfbewust een rustiger leven had verkozen, maar een gebroken man. En vooral: een man die nog altijd druk bezig was een opeenstapeling van tegenslagen te verwerken.

The Mummy.

Allereerst waren er de fysieke problemen. De intensieve stunts die Fraser jarenlang voor eigen rekening had genomen, begonnen rond zijn veertigste hun tol te eisen. ‘Tegen de tijd dat ik The Mummy 3 maakte in China, moesten dagelijks met plakband pakken ijs vastgetaped worden. Ik bouwde een soort harnas voor mezelf,’ aldus de acteur in het GQ-artikel. Na die opnames moest Fraser meermaals onder het mes, erkende hij. Zijn knie werd vervangen voor een kunstmatig exemplaar, aan zijn rug liet hij een laminectomie uitvoeren, tegen beknelde zenuwen. Zelfs zijn stembanden moesten er aan geloven. Al met al bracht Fraser naar eigen zeggen bijna zeven jaar door in ziekenhuizen. Tussendoor kende de acteur veel privéleed. In 2009 scheidde hij na negen jaar van Afton Smith, de moeder van zijn drie zoons. Dat ging allesbehalve vreedzaam. Door een rechter werd Fraser een maandelijkse som opgelegd van 50.000 dollar aan partneralimentatie. Dat bedrag kon hij aanvankelijk nog wel ophoesten, maar toen zijn carrière in het slop raakte, werd dat een ander verhaal. Filmrollen ontglipten hem, of hij maakte zelf de verkeerde keuzes. De geldkraan uit Hollywood werd langzaam maar zeker dichtgedraaid. Fraser probeerde het alimentatiebedrag omlaag te schroeven, zijn ex beschuldigde hem daarop van fraude. Volgens Smith zou hij haar makkelijk kunnen betalen. Een slepende strijd eindigde met een aangepaste partneralimentatieovereenkomst, maar Fraser bleef achter als grote verliezer. Jaren later erkende de acteur dat de vechtscheiding hem het leeuwendeel van zijn vermogen, ooit een vermoedelijke 45 miljoen dollar, zou hebben gekost.

Benieuwd naar de rest van het artikel? Je leest 't in de nieuwste Revu.

Showbizz
  • ANP, NL Beeld E.A.