Premium

De man die geen slechte seks met zijn ex had

In het beklaagdenbankje uw wekelijkse portie winkeldiefstal, huiselijk geweld en openbare dronkenschap. Deze keer meneer Van H. die zich uitputte in diefstal, brandstichting en wraakporno.
Illustratie verdachte

Het is ergens halverwege de middag als de 28-jarige meneer Van H. de rechtszaal binnen komt lopen. In zijn voetsporen volgen zijn ouders en zijn broer. Zijn moeder ziet er doodongelukkig uit en begint, zodra ze het hout van de publieksbanken raakt, stilletjes maar ontroostbaar te huilen.

Meneer Van H. zelf is inmiddels stil en een klein beetje uitgeblust in het beklaagdenbankje gaan zitten. Maar hij zit hier niet voor niets: hij wordt ervan verdacht dat hij naaktfoto’s en -films van zijn ex-vriendin zou hebben verspreid, dat hij een smartphone verduisterd en kapot zou hebben gemaakt, en dat hij bij de ggz zijn slaapkamer vernield zou hebben door middel van brandstichting.

‘Oké, meneer Van H.,’ begint de rechter haar vraaggesprek. ‘Eerst maar even over die telefoon.’

‘Ja, die heb ik maar één dag gehad, of zo. Daarna heb ik hem alweer teruggegeven.’

‘U was eerst bevriend met de rechtmatige eigenaar, toch? Bent u dat nog steeds?’

‘Nee, niet meer.’

‘U dacht dat hij met uw ex tegen u samenspande? En daar wilde u hem over aan de tand voelen?’

‘Ik kwam hem tegen, hij is bij mij in de auto gestapt om te praten. Hebben we al pratende een rondje gereden.’

‘Maar,’ werpt de rechter tegen, ‘hij zegt dat u hem midden in de nacht in België uit de auto hebt gezet. En toen hij vroeg of hij zijn telefoon in elk geval nog mee mocht krijgen, zou u geroepen hebben dat hij maar beter niks kon proberen, omdat u hem anders lek zou steken.’

Andere gast op de bank

Even valt meneer Van H. stil. Dan knikt hij. ‘Ja, dat was per ongeluk. Ik wilde gewoon weten hoe het met mijn ex was. Het was voor mij ook niet makkelijk: er zat gewoon ineens een andere gast op de bank bij haar, en daar moest ik het maar mee doen. Maar mijn vriend wilde er niets over loslaten. Hij beschermde haar gewoon.’

De rechter fronst haar wenkbrauwen en polst nog maar eens een keer waar de telefoon van Van H.’s voormalige vriend zich nu bevindt, maar de beklaagde stelt haar gerust: die is via de politie teruggegaan.

Dan komt het gesprek op het grootste pijnpunt van de zitting: de filmpjes en de foto’s van de ex van meneer Van H. ‘Hoe zat dat nou?’ vraagt de rechter met een strak gezicht.

‘Ja, ze had gewoon mooie foto’s van zichzelf gestuurd, toen het nog goed ging tussen ons. Maar toen ging het mis, en op een bepaald moment begonnen mijn vrienden zich ermee te bemoeien. Ze zeiden dat ze bij me weg was gegaan omdat we slechte seks zouden hebben.’ Weer valt meneer Van H. stil. In de publieksbanken zit zijn moeder nog altijd stilletjes te huilen.

‘Maar dat was gewoon niet waar. Ze liepen gewoon allemaal conclusies te trekken. Ik wilde bewijzen dat ze geen gelijk hadden.’

‘Op die filmpjes had u seks met uw ex-vriendin?’

‘Ja, ja, ik was heel verliefd en ik was erg verdrietig.’

‘Dat zal allemaal best, maar dat is toch geen reden om die filmpjes, die in goed vertrouwen gemaakt zijn, te delen? Die waren helemaal niet bedoeld om te delen.’

‘Ja, maar ja, ze geloofden me gewoon niet. Ik wilde gewoon laten zien dat we helemaal geen slechte seks hadden.’

‘Wat vindt u er nou zelf van?’

‘Ja, niet goed.’

Gifgas

Dan bemoeit ook de officier van justitie zich ermee. Hij vraagt of meneer Van H. beseft dat dit soort beelden voor altijd op het internet blijven staan. Van H. knikt, bij zijn laatste knik blijft zijn hoofd een beetje hangen. ‘U nagelt iemand aan het kruis, digitaal gezien.’

Weer knikt Van H., waarbij zijn hoofd zo mogelijk nog wat lager hangt.

Tot slot wordt ook de vernieling bij de ggz besproken. Wat blijkt: meneer Van H. had daar, op zijn slaapkamer in de gesloten inrichting, zoveel last van dwanggedachten en waanbeelden dat hij brandstichting als de enig mogelijke oplossing zag.

‘Ik had aangegeven dat ik fysieke klachten had. Ik dacht oprecht dat er door de muren en het plafond gifgas naar binnen gespoten werd. Ik werd er heel erg bang van. Ik wilde naar een andere kamer, maar de mensen daar negeerden me gewoon. Dus ik dacht, ik maak een sok gloeiend heet, stak ’m niet eens echt in de fik. Ja, ik zat redelijk hoog in mijn emotie, toen. Beetje dom natuurlijk, achteraf.’

Ik wilde gewoon laten zien dat we helemaal geen slechte seks hadden

Psychoses

De persoonlijke omstandigheden van meneer Van H. liegen er niet om. Een verleden met drugs, adhd en psychische problemen aangevuld met psychoses. ‘Eigenlijk merk ik nu, met de medicijnen, het verschil pas,’ vertelt Van H. ‘Vroeger kon ik geen boodschappen doen. Nu vind ik het juist wel fijn.’ Meneer Van H. blijkt erg veel last te hebben van waanbeelden, waarbij hij overal om hem heen vijanden ziet. Alles betrekt hij op zichzelf, en overal denkt hij dat mensen hem wat aan willen doen. Het verklaart niet alleen de brand, maar ook de filmpjes, volgens hem. ‘Van H. is absoluut verminderd toerekeningsvatbaar geweest,’ aldus de officier van justitie, ‘hij is niet voor niets bij de ggz beland. En ik wil ook aannemen dat hij nu door de medicatie een beetje genormaliseerd is. Maar niet álles is daarop te schuiven.’

De officier eist een taakstraf van 36 uur, en het voorarrest als onvoorwaardelijk deel van zijn verder voorwaardelijke 21 dagen celstraf. De rechter is het met de officier eens, maar verdeelt de boel iets anders. Ze geeft Van H. zes weken, dus flink wat meer dan de officier eist, maar wel geheel voorwaardelijk, met aftrek van de tijd die hij al gezeten heeft, met een proeftijd van twee jaar. ‘Met die filmpjes, meneer Van H., is het heel simpel: als het eenmaal verspreid is, dan is het niet meer onder controle. En dat is echt heel erg voor het slachtoffer.’

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Nieuwe Revu thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws