‘Ik ben helemaal niet gemaakt voor dit leven’

Het gaat best lekker met Nicky Romero (30). Dat is weleens anders geweest. Achter de schermen vocht de dj de afgelopen jaren een zware strijd uit met zijn grootste tegenstander: zichzelf.
Nicky Romero

Nicky Romero praat openhartig over het diepe dal waar hij in zat, en hoe hij er weer uit is geklommen. ‘Ik heb dit nog niet eerder verteld, maar ik zat al stiekem te kijken naar een andere baan. Ik dacht: misschien moet ik bij de politie gaan werken.’

Hoe is het met je?

‘Goed wel, eigenlijk. Ik zit lekker in mijn vel. Het enige dat ik soms mis in mijn leven, is slaap. Maar als dat het enige is... Ik accepteer het als omstandigheid van mijn bestaan als artiest. Iedere dj heeft daarmee te maken.’

Je loopt al een paar jaar mee. Raak je daar niet aan gewend?

‘Je kunt wennen aan vroeg opstaan of aan laat naar bed gaan, maar ik denk niet dat je kunt wennen aan een onregelmatig ritme. Het enige dat je kunt doen, is accepteren dat er dingen in je leven zijn die je feitelijk uit handen moet geven. Voor een controlfreak als ik was dat best moeilijk. Maar het is wel de enige manier, anders gaat het met je aan de haal. Daarom heb ik dit op mijn arm laten tatoeëren: Just Let Go. Als ik dat niet doe, maak ik het mezelf alleen maar moeilijk.’

Volgens Dokter Google had ik al drie keer dood moeten zijn

Wanneer heb je die tattoo laten zetten?

‘Twee maanden geleden. Toen was ik helemaal klaar met alle negativiteit: met mijn burn-out, mijn depressie, mijn verleden met anxiety – dat is een angststoornis die zich ontwikkelt door oververmoeidheid. Ik ging nadenken over wat nou hetgeen is geweest dat mij eruit heeft geholpen. Dat waren niet al die therapeuten en hun oefeningen, niet krampachtig de controle willen houden of terugwinnen. Hoe geneest een wondje? Door het met rust te laten. Hetzelfde geldt voor je brein. Laat het gaan. Probeer niet allerlei dingen te fiksen. Ik heb moeten leren om het genezingsproces niet in de weg te staan. Het menselijk lichaam is een machine die zichzelf continu herstelt. De drang om beter te willen worden, kan dan juist averechts werken.’

Terwijl je juist denkt dat je daadkrachtig je problemen aanpakt.

‘Je brein is een survivalmachine. Die wil op elke vraag een antwoord hebben. Maar de mindset die heeft gezorgd voor je burn-out, kan niet dezelfde mindset zijn die je burn-out oplost. Dus wat moet je dan doen? Dan moet je een wijziging aanbrengen. Voor mij was dat het loslaten van controle willen hebben, van het willen fiksen. Dat is de grootste les van mijn leven geweest.’

Hoe heb je die les geleerd?

‘Door zo hard mijn grenzen op te zoeken dat ik het niet meer volhield. Aanvankelijk had ik het zelf niet eens door. Maar op een gegeven moment begon ik aan alles te twijfelen. Ik zat in mijn studio in Ede en dacht: hoe begin ik eigenlijk? Ik heb in mijn leven al honderden platen gemaakt, maar nu zat ik naar een leeg beeldscherm te staren, oprecht niet wetende hoe ik een nieuwe track moest beginnen. Ik kon niet bij mijn creativiteit komen. Dat was zo onwerkelijk. Toen wist ik dat er iets gaande was. Ik wist alleen nog niet wat. Dus ging ik de boel forceren, want ik moest en zou een plaat af leveren. En dan loop je tegen de lamp, want het lukt niet. Je maakt jezelf zo helemaal gek: ben ik het kwijt, kan ik het niet meer?’

Je creativiteit, dat is je levensader. Alles wat je doet en wie je bent, ontspringt daaruit.

‘Het is mijn fundament onder alles. Vooral de gedachte “ik kan het niet meer” was heel beangstigend. Ik heb dit nog niet eerder verteld, maar ik zat al stiekem te kijken naar een andere baan. Ik dacht: misschien moet ik bij de politie gaan werken, net als mijn moeder en mijn vader vroeger. Ik hield er serieus rekening mee dat ik dit werk in de muziek niet lang meer kon doen. Terwijl ik nog ik weet niet hoeveel shows had staan, zat ik op websites rond te kijken naar ander werk. Tot ik erachter kwam dat er een andere oorzaak was voor mijn problemen. De oude ik zat er nog steeds, maar was bedekt geraakt.’

Hoe bedoel je dat?

‘Om dit leven nog aan te kunnen, had mijn lichaam heel veel knoppen uitgezet. Daardoor was ik ver afgedreven van mijn eigen zelf. Om die knoppen terug aan te zetten, moest ik mijn lichaam de vrijheid gunnen zichzelf te herstellen. En dat doe je niet door elke week in Las Vegas te draaien, of om de week naar Los Angeles, Mexico en Japan te vliegen. Dat was een pijnlijke realisatie. Aan al die reizen zit natuurlijk wel een bepaald verdienmodel vast, er zijn meerdere mensen en hun gezinnen die worden gevoed door de shows die ik doe. Die verantwoordelijkheid voelde ik als extra druk.’

Met wie heb je daar toen over gepraat?

‘Mijn vader wist het als eerste. Hij haalde me op uit mijn appartementje hier in Veenendaal toen ik het niet meer aankon. Toen ben ik twee weken bij mijn ouders gebleven. Ze pakten mijn telefoon en zeiden: “Wij nemen het even over van je als je het niet erg vindt, jij moet nu echt afstand nemen.” Vervolgens heb ik met zeker tien therapeuten gepraat: een mental coach, een psycholoog, een psychiater, een neuro-analist, een acupuncturist, een holist, een magnetiseur, iemand die ademtherapie doet. En niks hielp. Want ik was nog steeds dingen aan het proberen te fiksen.’

Dat moet frustrerend zijn geweest.

‘Je ziet dat het niet werkt, maar begrijpt niet wat je fout doet. Vervolgens ging ik precies datgene doen wat iedereen zegt dat je nooit moet doen als je je ziek voelt: googelen. Volgens Dokter Google had ik al drie keer dood moeten zijn, of in het beste geval nog maar tien dagen te leven moeten hebben. Ik werd er zwaar hypochondrisch van. Mijn dokter zag me alweer binnenkomen, voor de vierde keer die maand. Dan luisterde hij naar mijn verhaal, keek me aan en zei: “Erg hè, al die ziektes die je onder de leden hebt? Ik geloof er niks van. Wil je toch een bloedtest doen? Is goed, gaan wij voor de vierde keer een bloedtest doen. Zal ik je alvast de uitslag vertellen?” Hij maakte er een grap van, terwijl ik alleen maar gefrustreerder werd. Totdat ik begreep wat hij bedoelde.’

En toen?

‘Inmiddels was ik duizenden euro’s aan specialisten verder, toen ik de website anxietynomore. co. uk tegenkwam, van een man die hetzelfde had meegemaakt als ik. Uitgerekend deze man heeft me uiteindelijk geholpen. Hij had een pdf’je van honderd pagina’s geschreven. Lezen als je depressief bent gaat heel lastig, maar bij de eerste zin wist ik al: dit is het. “You will never get better until you stop trying to get better,” dat was de zin waardoor bij mij het kwartje viel. Verwijder in je leven de weerstand tegen dat wat is, en er is geen frictie meer.’

Had je dit maar veel eerder geweten...

‘Vroeger had ik geen reden om dit te weten. Want ik was nog niet op mijn bek gegaan. Dan had ik het waarschijnlijk ook terzijde geschoven als zweverige onzin. Het lichaam heeft ongelooflijk veel energie als back-up. Daardoor kun je een tijdlang heel ver over je grenzen gaan. Op een gegeven moment is ook je back-up op. En dan ben je al te ver. Misschien had ik nog veel meer succes kunnen behalen als ik het niet had gehad, maar desondanks ben ik dankbaar dat het zo is gelopen.’

Hoe belangrijk is ‘nog meer succes’ op een gegeven moment nou eigenlijk nog?

‘Klopt, ik ben ook anders gaan leven dan vroeger. Eigenlijk is er niks materialistisch meer dat me echt gelukkig maakt. Vroeger dacht ik: ooit wil ik een Ferrari, dat lijkt me echt gruwelijk. Toen ik die auto eenmaal had, durfde ik er niet mee naar mijn ouders te rijden. Omdat ik bang was dat mensen daar wat van zouden vinden. Dus ik was uiteindelijk minder gelukkig met mijn Ferrari dan met mijn Volkswagen Polo uit 1998, waarmee ik destijds door elke straat reed om aan iedereen te kunnen laten zien. Toen ging de Ferrari de deur uit. Ik heb echt geleerd om het geluk in mezelf te zoeken. De rest is extra.’

Denk je dat alle dj’s te kampen hebben met dat mentale proces dat jij hebt doorgemaakt?

‘Allemaal. Alleen de een is een gevoeliger mens dan de ander. Dat maakte het voor mij ook moeilijker ermee om te gaan. Ik ben helemaal niet gemaakt voor dit leven. Ik ben eigenlijk de slechtst denkbare persoon om dit te doen.’

Wat voor jongen was Nick Rotteveel uit Amerongen?

‘Ik was ongelooflijk slecht in dingen waar ik niet een beetje zin in had. De afwas leed daar het meest onder, en school. Maar ik was ook een heel gedreven mannetje. Ik wilde iets bereiken met wat ik leuk vond. En ik stortte me ook alleen maar daarop. Al mijn vrienden gingen naar hockeyfeesten, omdat daar de mooie chicks liepen. Ik zei: “Ik wil wel mee, maar alleen als ik mag draaien.” Zodoende ben ik naar geen enkel hockeyfeest geweest, totdat H.C. De Haaskamp uit Amerongen me een keer vroeg of ik hun driveinshow wilde verzorgen. Mijn ouders vertelden op verjaardagen altijd: “Maud (mijn zusje, die nu mijn hairstylist is) weet wat ze wil, maar Nick weet het nog allemaal niet, die zit alleen maar op zijn kamer.” Mijn antwoord was dan: “Ik weet het wel, alleen jullie accepteren het niet. Dat is iets anders.” “Ja, djiedjeeën,” kreeg ik dan te horen, “daar kom je echt niet zomaar tussen.” Waarop ik dan weer zei: “Het zal allemaal wel, maar ik stop niet voordat ik het ben.” Dus ja, Nick Rotteveel uit Amerongen had veel wilskracht.’

En toch ben jij de minst geschikte persoon voor het beroep dat je nu uitoefent?

‘Al die tijdswisselingen, het slaapgebrek, ik ben daar gewoon niet voor gemaakt. Ik heb behoefte aan regelmaat. Daar betaal ik nu de prijs voor, en die is voor mij heel hoog: mijn gezondheid. Zelfs als ik elke dag op tijd ga slapen, ben ik na een weekje touren twee dagen van de kaart. Dan moet ik echt herstellen van de hoeveelheid prikkels. Soms moet ik een koptelefoon opzetten om even te aarden en een uurtje geen prikkels te ontvangen. Dat is voor mij echt de allerbeste therapie.’

Wat doen die prikkels met je?

‘Een prikkel kan ervoor zorgen dat ik me heel kut ga voelen, maar ook dat ik een liedje ga maken. Freddie Mercury zei ooit in een interview: “Ik ben niet een heel goeie pianist of zanger, maar ik ben wel een heel goeie ontvanger en vertaler van energie. Ik voel het en ik zet het om in muziek.” Zo zie ik het ook. Ik ben een vertaler die heel veel informatie opvangt. En als ik te veel binnenkrijg, gaat het hoofd op zwart-wit. Soms raak ik doodvermoeid van alle prikkels die non-stop binnenkomen en dan heb ik nog geen stap gezet. Op het Tomorrowland-festival heb ik anderhalf uur pers gedaan. Er liepen ook de hele tijd mensen langs die me herkenden, collega’s of fans. Die willen je allemaal even aanraken, even hallo zeggen, even op de foto. Ik vind dat allemaal hartstikke leuk om te doen, maar ik was al vermoeid toen ik aan mijn set begon. Die prikkels, daar moet ik op een bepaalde manier mee omgaan, en dan kan ik het nog lang volhouden. Ik probeer echt mee te gaan met de flow en te genieten. Ik leef heel erg bij de dag. Heb ik het naar mijn zin? Dan doe ik het. Vind ik het niet leuk? Dan doe ik het ook gewoon niet meer. Als dat zorgt voor minder inkomen, populariteit, likes of volgers, dan is dat maar zo.’

Meestal zeg ik op verjaardagen dat ik een rondje om de wereld heb gemaakt en op een paar knoppen heb gedrukt

Je zus Maud doet je haar en je vader werkt inmiddels ook voor jouw bedrijf. Hoe is dat?

‘Heel waardevol. Mijn vader doet mijn financiën, privé en ook deels zakelijk. Hij is een beetje het smeermiddel van de zaak. Iedereen komt met z’n problemen naar René. En hij is mijn vader, dus hij is ook mijn vertrouwenspersoon. Het enige wat het soms moeilijk maakt, is als we niet op één lijn zitten. Dan moet ik zeggen: “Maar René, ik zou het wel graag zo willen.” Het is mijn bedrijf, dus uiteindelijk heb ik het laatste woord. Dat is niet hoe het normaal gesproken in een vader-zoonrelatie gaat. Als ik een functioneringsgesprek moet voeren met mijn vader is dat natuurlijk heel gek. Maar je moet wel. Het allerlastigst vind ik om met mijn vader te moeten praten over salaris en dat soort dingen. Want hoeveel is je vader je waard? Dat is niet in geld uit te drukken. Maar je hebt wel een budget voor zijn functie.’

Je moeder zei in een interview dat het de voornaamste taak van je vader is om ervoor te zorgen dat je niet over je grenzen gaat.

‘Dat klopt ook. Hij zorgt ervoor dat ik denk: dit is mijn grens en niet verder. Als er te veel shows dreigen te worden ingeboekt of te volle reisschema’s opgesteld, zegt mijn vader op zo’n moment: gaan we niet doen. Ook nee zeggen moet je leren. Mijn vader heeft me daar heel erg bij geholpen.’

Een abrupte overgang, maar ik moet de vraag toch stellen: snap jij wat Avicii heeft gedaan?

‘Om het te kunnen snappen of niet, moet ik eerst het hele plaatje hebben. En dat heb ik niet. Ik heb mijn perceptie van wat er is gebeurd, en mijn gesprekken die ik met hem heb gevoerd. Ik denk dat er bij Tim (Avicii’s echte naam, red.) een hele hoop speelde dat veel mensen niet weten. Of ik het snap dat hij zelfmoord heeft gepleegd... Ik snap het dat je een uitweg zoekt als je echt niet meer vooruit kan. Maar ik kan niet voor hem beslissen of hij ook echt niet meer vooruit kon. Ik weet niet met welke problemen hij op dat moment zat. En of die te verhelpen waren. Ik heb veel met hem gesproken over de mentale problemen waar hij mee worstelde. Ik lees onze Whats-Appgesprekken nog weleens terug, maar ik zag dit niet aankomen.’

Was je boos?

‘Nee, vooral heel verdrietig dat iemand op een punt kan belanden dat hij een einde aan zijn leven maakt. Maar ik koester nog steeds de gedachte dat hij misschien helemaal niet de intentie had om er een einde aan te maken, maar in een baldadige situatie belandde die uiteindelijk zijn dood is geworden. Ik heb het een en ander gehoord over de omstandigheden waarin het is gebeurd, maar dat geeft me nog geen duidelijkheid. Ik hoop vooral, hoe cru het ook klinkt, dat het niet zijn werkelijke bedoeling was, maar “gewoon” een baldadige actie, een ongeluk, een momentopname. Dat is een verdraaglijker gedachte dan dat hij het bewust heeft gedaan. Want dan blijf ik zitten met de waarom-vraag, en of ik hem had kunnen helpen. Na zijn dood heb ik me verdiept in mensen die zelfmoord hebben gepleegd en wat voor gedragspatronen daarbij horen. Op een gegeven moment hebben ze de knoop doorgehakt: dan ga ik het doen, op deze manier. Daarna leven ze helemaal op, omdat de last van de twijfel van hun schouders is gevallen. Hun omgeving denkt: gelukkig, het gaat eindelijk weer een beetje goed met hem. Dan ineens: bam. En iedereen zegt dan dat ze het niet hadden zien aankomen, want het leek net weer goed met hem te gaan. Dat patroon zag ik ook bij Tim. Hij was lekker op vakantie in Oman, poseerde zelfs nog leuk met twee hotelgasten. Niks te zien op die foto. Hij zag er gezonder uit dan ooit. Ik berust me in de gedachte dat hij toen wellicht al die beslissing voor zichzelf had genomen. Maar ik hoop op scenario twee, een baldadige actie die hem noodlottig is geworden.’

Was je bang toen je het nieuws hoorde? Bang voor jezelf?

‘Ik heb er weleens over nagedacht: wat als ik niet meer zou willen leven? Zou het me opluchten als ik mijn anxiety niet meer zou voelen? Maar het heeft mij nooit zo dichtbij gebracht. Ik heb zoveel dingen om voor te leven. Dus nee, ik werd niet bang toen ik over Tim hoorde. Maar ik vind het wel angstig dat iemand zover kan gaan als ze geen uitweg meer zien.’

Ik bedoel meer de angst dat jij, net als hij, in een machine – de dance-industrie – zit die je uitwringt tot de laatste druppel.

‘Dat overkomt veel mensen ook. Een andere collega, Hardwell, is niet voor niks voor onbepaalde tijd gestopt met werken. Dat is heel verstandig, denk ik. Zoals wij leven, is niet gezond. Het geeft je veel, maar het ontneemt je ook veel: persoonlijke relaties, tijd met je familie en mensen om wie je geeft, genieten van kleine dingen. De trein waarin je zit, moet altijd door.’

Wat is er dan zo mooi aan die treinreis?

‘Hij brengt je langs landschappen die je anders nooit zou zien en mensen die je anders nooit zou ontmoeten. Er zijn maar heel weinig mensen die deze rit mogen ervaren. De keerzijde is dat je nooit ergens lang stilstaat om de magische momenten die je meemaakt te kunnen waarderen. Je kunt ze met weinig anderen delen, behalve met je tourteam en met collega’s. Aan de buitenwereld kun je dat bijna niet uitleggen. Als ik eens naar een verjaardag ga, zit ik in een hoekje te luisteren naar wat de mensen vertellen. De ene is in het weekend naar Ouwehands Dierenpark geweest, de ander naar The Lion King, weer iemand anders heeft net een nieuwe baan. “En jij Nick, wat heb jij gedaan?” Wat moet ik dan antwoorden? “Ik ben naar Tokio gegaan, toen heb ik met die en die artiest gegeten, daarna zijn we met een helikopter naar de hoogste berg gevlogen, toen heb ik opgetreden voor 15.000 man, in het hotel kwam ik Martin Garrix nog kregen, de volgende dag vloog ik door naar Taipei, daar heb ik op een van de hoogste torens van de wereld gestaan en maandagochtend zat ik weer thuis aan het ontbijt.” Dat snappen mensen niet. Of ze denken dat je een opschepper bent, of ze denken dat je de helft overdrijft. Meestal zeg ik gewoon dat ik een rondje om de wereld heb gemaakt en op een paar knoppen heb gedrukt.’

Is het een eenzaam leven?

‘Als je geen goed team om je heen hebt, is het behoorlijk eenzaam. Ook omdat je altijd een buitenbeentje bent. Ik zie mezelf helemaal niet als wereldartiest, maar als ik hier door de winkelstraat loop, zie ik een voor een alle gezichten mijn kant op draaien. Je bent altijd een attractie. Dit bestaan heeft heel veel voordelen, want iedereen doet een stapje extra voor je. Maar soms wil je ook gewoon de onbekende op straat zijn aan wie iemand vraagt waar de supermarkt is. Dat gebeurt mij nooit. Terwijl ik heel goed weet waar hier de supermarkt zit.’ 

NIEUWE REVU ONTMOET NICKY ROMERO

Waar? In Mango’s Cantina in Veenendaal, de thuisbasis van Nicky. Nog iets genuttigd? Twee cappuccino (Revu) en een salade met twee extra hardgekookte eieren (de dj). ‘Dat probeer ik elke dag te eten. Dat eieren slecht voor je zouden zijn, is een beetje een ouderwetse gedachte. Als je leert je maaltijdenin balans te houden, kun je eigenlijk alles wel eten. Tenzij je allergisch bent.’ Verder nog iets? Ja, het was tyfuswarm die dag.