Blijf van mijn lijf

Marith schrijft voor Nieuwe Revu over wat ze meemaakt. Zowel op haar werk als op persoonlijk vlak. Deze week verhaalt ze over haar nieuwe libido.
Marith Iedema

Een van de voordelen van zwanger zijn: schrijven over een compleet nieuwe fase in mijn seksleven. Zo’n kersverse invalshoek is altijd welkom. Ja, ik heb zin in een nieuw hoofdstuk! ‘Tijdens je zwangerschap zijn orgasmes vaak intenser’ lees ik online, op het moment dat ik net drie weken zwanger ben. Dat klinkt top! Er komt me meer positief nieuws ter ore. Sinds de zwangerschap van vriendin S. is ze niet te houden. Zij en vriendlief doen het elke avond en elke ochtend. En soms nog een keer na de lunch. Jezus. Dat lijkt mij dan weer een beetje te veel van het goede; elke ochtend, man waar haalt een mens de tijd vandaan? Vriend Duncan lukt het ’s morgens net om een banaan naar binnen te proppen en een kop koffie achterover te slaan, maar veel vaker schiet dit erbij in. En ik wil voor 09.00 uur normaliter maar één ding: slapen.

Hand op mijn been

Is het mogelijk dat mijn behoeftes ineens zullen veranderen? Het antwoord op die vraag is: ja. Een week later ziet mijn leven er anders uit, maar bepaald niet beter. ’s Ochtends vroeg slaap ik niet, en heb ik ook geen wilde seks. Ik hang kreunend boven de wc-pot in de badkamer, waar ik de longen uit mijn lijf kots. Of ik zit diep in- en uitademend rechtop in bed, terwijl ik rillend droge crackers eet, die ik vervolgens uit alle macht binnen probeer te houden. Ik heb me nooit verdiept in het verloop van een zwangerschap. Natuurlijk, ook ik heb honderden films en series gezien waarin zwangere vrouwen aan de lopende band kotsen, maar bizar genoeg overvalt het me volledig hoe ziek ik me voel. Ik dacht – heel naïef – dat een zwangerschap pas zwaar zou worden vanaf het moment dat de transformatie tot aangespoelde walvis zo’n beetje compleet was. Niet, dus.

Waarom wordt het in hemelsnaam ‘morning sickness’ genoemd? Ik voel me hondsberoerd van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. En zoals je wellicht snapt: daar word je niet geil van. Nooit eerder had ik zó weinig behoefte aan lichamelijk contact. Een hand op mijn been vind ik al te veel. Duncan moet me niet aanraken.

Kille grot

Nog erger: mijn neus slaat op hol. Mijn reukorgaan was nooit bijzonder goed ontwikkeld, maar dat is de laatste weken veranderd. Ze zouden zwangere vrouwen moeten inzetten als speurhonden! Ik kan Duncans lichaamsgeur niet meer verdragen. Dezelfde geur waarvan ik eerder geen genoeg kon krijgen, vind ik nu weerzinwekkend. Dat wordt nog versterkt als hij ruikt naar eten, alcohol, koffie of parfum. En dat is bijna altijd. Hij moet deze eerste periode daarom vooral ver bij me uit de buurt blijven en slaapt tijdens trimester één vaker op de bank dan tijdens onze hele relatie daarvoor.

Dat vind ik sneu voor hem. Hij werkt keihard en ik gun hem een fijne nachtrust. (Duncan is 1,95 meter en kan niet languit op de bank liggen.) Maar die van mijzelf is net even belangrijker. Met geluiden heb ik ongeveer evenveel moeite. De manier waarop Duncan ademt, of dat hij überhaupt ademhaalt, drijft me tot waanzin. Hoe deden vrouwen dit in de oertijd, vraag ik me steeds af. Als zij hun mannen zo behandelden, was de kans aanzienlijk dat ze alleen met hun kroost zouden eindigen in een kille grot, zonder voedsel. Juist nu is een partner belangrijker dan ooit. Dus waarom mijn lichaam zo reageert op mijn geliefde is me een raadsel. Ik kan alleen maar hopen dat het tweede trimester beter zal verlopen. Anders heb ik straks wéér een nieuw onderwerp om over te schrijven: mijn seksleven als alleenstaande moeder.

Laatste nieuws