googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_header'); });

‘De clash tussen Oranje en de Mannschaft op het EK van 1992 was écht smullen geblazen’

Na een busrit van 15 uur zaten onze sportcolumnist Edwin Struis en zijn broer zomaar in het stadion van Göteborg volledig geradbraakt te kijken naar Nederland-Duitsland. ‘Ja, 1988 was fabelhaft, maar deze wedstrijd was misschien wel de kwalitatief beste ontmoeting ooit tussen beide teams.’
googletag.cmd.push(function() { googletag.display('div-gpt-ad-revu_ros_inarticle'); });
@media (max-width: 679px){#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-616e6414cd4d1 img{#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{width: 480px;height: 480px;}}@media (min-width: 680px) and (max-width: 1000px){#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-616e6414cd4d1 img{#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{width: 740px;height: 740px;}}@media (min-width: 1001px){#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{background: #eee;}#fig-616e6414cd4d1 img{#fig-616e6414cd4d1 img.lazyloading{width: 160px;height: 160px;}}

Noem het instinct, of beter fingerspitzengefühl, maar iets zegt me dat de paden van Oranje en de Mannschaft elkaar weer gaan kruisen op dit EK. En bij zo’n affiche dwalen mijn gedachten gelijk weer af naar 1992, naar misschien wel de kwalitatief beste ontmoeting ooit tussen beide teams. Ja, 1988 was fabelhaft, het Volksparkstadion is van Oranje en zij die vielen rezen juichend uit hun graf et cetera, maar dat was vooral vanwege het uiteindelijke resultaat, niet vanwege het hoogstaande voetbal. Vier jaar later was het echt smullen geblazen.

Wie van de twee op het onzalige idee kwam, ben ik vergeten, maar ineens zaten mijn broer en ik in een bus met bestemming Zweden. In een oprisping zullen we het bedacht hebben, zoals we dat wel vaker deden. Aan twee woorden (zullen we?) hadden we vaak al genoeg om iets te ondernemen of aan te schaffen, in dit geval een busretourtje Amsterdam-Göteborg, een wedstrijdticket incluis. Vijftien uur heen, vijftien uur terug, zonder enig uitzicht op slaap, enkel op een – hopelijk – aantrekkelijk potje voetbal. Die uitwerking had Nederland-Duitsland in die tijd. Enige ontberingen nam je daarbij voor lief.

En terugkijkend was het het allemaal waard. De zon scheen uitbundig in Göteborg, iedereen stak in een opperbest humeur en het geradbraakte gevoel dat zo’n reis oplevert, werd met een groot aantal liters bier snel naar de achtergrond gedreven. 12.000 Nederlanders en 10.000 Duitsers hadden hetzelfde plan opgevat als wij, maar tot schermutselingen kwam het niet. Nou ja, een gospelzanger die ons in het Duits toezong, werd vriendelijk gevraagd zijn repertoire aan te passen dan wel zijn biezen te pakken (hij verkoos de laatste optie) en eenmaal in stadion Ny Ullevi werd alles dat Duits was op striemende wijze uitgefloten, al vanaf het moment dat de Mannschaft ver voor het begin van de wedstrijd het veld kwam inspecteren, tijdens hun warming-up en inclusief dat vreselijke volkslied. Spelers als Brehme, Effenberg, Kohler en Illgner riepen dat nu eenmaal op. Niemand voelde zich schuldig.

We werden daarin gesterkt door het optreden van de regerend Europees kampioen, dat je overrompelend zou kunnen noemen. Frank Rijkaard die al na vier minuten scoort, 2-0 binnen een kwartier via een curieuze vrije trap van Rob Witschge; we konden ons geluk niet op. De regerend wereldkampioen kreeg alle hoeken van Ny Ullevi te zien. De slimsten onder ons hadden uitgerekend dat het op deze manier weleens 12-0 kon worden. In dat geval zouden we terugzweven over Skagerrak en Noordzee om als helden te worden ontvangen in het Haarlemse, nu werd het na rust vooral billenknijpen toen, uiteraard, Jürgen Klinsmann de achterstand verkleinde en de Duitsers daarna aandrongen. De late treffer van Dennis Bergkamp werd met oergehuil begroet. Wildvreemden werden omhelsd, de man die ons al de hele middag/avond vermaakte met een opblaaskerstman toegezongen. Auf Wiedersehen zongen we treiterig na afloop richting onze Duitse vrienden, vlak voordat we de bus weer in moesten.

Zingen deden we ook op de terugweg, met name in een Raststätte ergens in de buurt van Hamburg, op een moment dat we ons niet meer bewust waren van tijd, plaats en decorum. Schade Deutschland, alles ist vorbei werd aangeheven, waarna er een polonaise door het restaurant meanderde, inclusief de keuken. De verbijsterde blikken van personen die wél enige opvoeding hadden genoten, namen we voor lief. Dat doet winnen van Duitsland met een mens.

Uiteraard was niet alles vorbei voor de oosterburen, die ruim een week later gewoon in de finale stonden, terwijl wij struikelden over een verzameling van de camping geplukte Deentjes. Op dat moment waren m’n broer en ik net weer een beetje hersteld van die mensonterende busreis. Dit nooit meer, verzuchtten we, maar stiekem was het een wereldtrip.

Laatste nieuws