'Het wordt tijd dat mensen die de maatschappij draaiende houden meer gaan verdienen'

Hoofdredacteur Jonathan Ursem vraagt zich af waarom het salaris van een metrobestuurder nog niet eens de helft is van zijn eigen salaris. Wat je verdient is lang niet altijd wat je krijgt.

Als u vaker deze column leest, dan weet u dat ik met de metro naar mijn werk ga. Als forens zit je achter de bestuurder, maar ik vraag me vaak af hoe het zou zijn om zo’n apparaat te besturen.

Uit nieuwsgierigheid zocht ik uit wat een metroman (m/v) verdient. Eerlijk gezegd schrok ik daar wel een beetje van. 2258 bruto per maand, op basis van een 40-urige werkweek. Vervoersbedrijf GVB noemt dat loon ‘prima’, maar ik kan je zeggen: da’s ruim minder dan de helft dan wat ik verdien in 36 uur, terwijl ik nauwelijks verantwoordelijkheid draag en mensen prima zonder mijn werk zouden kunnen. Dan koop je gewoon een ander blad.

Ik weet dat de wereld niet zo werkt, maar eigenlijk zou je een salaris moeten bepalen met een formule die recht doet aan jouw bijdrage aan de samenleving. Iets in de trant van: onmisbaarheid + verantwoordelijkheid = salaris. Opleidingsniveau is overgewaardeerd. Reken maar dat je als bestuurder van een metro dan hoger uitkomt dan een hoofdredacteur van een tijdschrift.

Het doet me denken aan mijn eerste baantje, en een manager vroeg wat ik verdiende. ‘Meer dan ik krijg,’ antwoordde ik vol bravoure, want je vindt van jezelf natuurlijk altijd dat je te weinig verdient. Voor een metrobestuurder, onderwijzer, agent of iemand ander met een onmisbaar beroep geldt dat ook echt. Het wordt tijd dat mensen die de maatschappij draaiende houden meer krijgen. Want verdienen doen ze het al.